Onderzoek onder 35 van de multinationals die in Nederland aanwezig zijn, heeft uitgewezen dat voor meer dan de helft van de bedrijven de implementatie van VoIP-telefonie hoog op de prioriteitenlijst voor 2006 staat. In 34 procent van de gevallen wordt er al gebruikgemaakt van IP-telefonie, alhoewel in deze gevallen meestal maar 5 procent van de werknemers hier daadwerkelijk over beschikt. Volgens een onderzoek van Equant is dat opmerkelijk, omdat een soortgelijk onderzoek een jaar geleden uitwees dat driekwart van de respondenten een volledige overstap op VoIP gepland had. De implementatie wordt veelal uitbesteed aan externe partijen, en ook het onderhoud en het servicemanagement wordt vaak uitgevoerd door derden. De oorzaak hiervoor zou de afwezigheid van de benodigde specialistische kennis zijn bij de eigen IT-afdelingen van de bedrijven.
Het openen van een nieuwe locatie was voor 17 procent van de bedrijven een reden om VoIP te implementeren. Andere redenen waren kostenbesparing en vanwege de vervanging van de bestaande telefooncentrale, beide goed voor 14,3 procent van de aangedragen motivaties. Van de VoIP-gebruikers meldt slechts 2,9 procent dat de extra functies van cruciaal belang waren voor de overstap. Dat is opmerkelijk, aangezien vorig jaar 30 procent van de bedrijven die wilden overstappen aangaf dat deze extra mogelijkheden de belangrijkste drijfveer vormden voor de geplande implementatie.
De Nederlandse Unix Gebruikersgroep (NLUUG) heeft het initiatief
Volgens Microsoft hoeven de consumenten in eerste instantie niet bang te zijn voor reprimandes, aangezien zij als slachtoffers en niet als schuldigen aangemerkt worden. Vanlessen heeft inmiddels zijn leven gebeterd: gisteren organiseerde hij een informatiebijeenkomst voor zichzelf en collega-computerverkopers, alwaar Microsoft-medewerker Patrick Viane uit de doeken deed hoe de softwareverkoop uitgevoerd dient te worden. Volgens Vanlessen had hij geen andere mogelijkheid dan om zo'n vergadering te organiseren: 'als ik mijn klanten de software moet aanrekenen, zullen mijn collega's dat ook moeten doen. Doen ze dat niet, dan zal ik hen verklikken'.
Tweeëneenhalf jaar geleden sabelde Philips een plan van de MPAA 


Een op de tien chauffeurs gaf aan op reis te gaan zonder vooraf de route te programmeren, en ruim de helft daarvan bekende zijn blik van het onder hen doorsuizende asfalt af te moeten wenden, teneinde de vereiste routedetails alsnog in te voeren. Een op de vier 





Philips heeft een leveringscontract met Dell ter waarde van naar schatting 700 miljoen dollar opgezegd. De overeenkomst is met wederzijdse goedkeuring beëindigd omdat deze volgens Philips niet met voldoende zekerheid tot het beoogde resultaat zou leiden. De deal zou 75.000 Philips-medewerkers in zestig landen vijf jaar lang van computers en beheersdiensten hebben voorzien, en zou daarmee één van de grootste orders van de zich uitbreidende dienstenafdeling van Dell zijn geweest. De computergigant probeert dalende inkomsten uit desktopverkopen de laatste tijd te compenseren met dergelijke dienstverleningscontracten. Het stuklopen van de overeenkomst is een domper voor de Nederlandse ICT-leverancier Getronics, die als onderaannemer bij het project betrokken zou zijn geweest. Getronics loopt volgens schattingen tegen de 90 miljoen euro mis. Philips heeft aangegeven de levering van de computers en beheersdiensten aan regionale managers over te zullen laten.
Naast deze PocketPC's komt Mitac overigens ook met enkele pure gps-routeplanners op de proppen. De C710 en C510E zijn op een vergelijkbare manier vormgegeven en zijn uitgerust met Windows CE.net 4.2, een gps-ontvanger en Bluetooth-ondersteuning. Voor het bepalen van de optimale route naar een bestemming wordt gebruikgemaakt van kaarten van TeleAtlas. De Mio C710 biedt bovendien ondersteuning voor TMC-informatie, realtime gegevens over files en hindernissen op de reisweg, en is uitgerust met kaarten van 25 Europese landen, terwijl de C510E het moet stellen met een regiokaart en de hoofdwegen van Europa. De C210 is het instapmodel van de serie gps-systemen en moet het zonder Bluetooth stellen. De behuizing van deze variant lijkt overigens geïnspireerd op de TomTom Go-toestellen.
Tot slot is er nog de Mio H610. Deze handheld is vooral uitgerust voor multimediafuncties, maar beschikt net als zijn collega's over een ingebouwde gps-ontvanger en is uitgerust met TeleAtlas-kaarten van vijfentwintig Europese landen. Verder wordt bij dit toestel de nadruk gelegd op de mogelijkheid om video's en muziek af te spelen. Volgens de specificaties zou het apparaat zelfs zeventien uur lang onafgebroken mp3'tjes kunnen afspelen na een volledige oplaadbeurt van de batterij. Bovendien is duidelijk dat bij de vormgeving van dit apparaat aan de multimediafuncties gedacht is.

De Tweede Kamer heeft een motie van D66-Kamerlid Dittrich aangenomen, waarin minister Donner wordt opgeroepen om bij de vandaag te houden JBZ-raad, het overleg tussen de Europese ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken, aan te geven dat Nederland niet instemt met de door het Europarlement goedgekeurde bewaarplicht voor verkeersgegevens. De motie werd gesteund door de fracties van SP, PvdA, VVD, LPF, D66, GroenLinks en de groep Wilders, zodat hij met een aanzienlijke meerderheid werd aangenomen. Ondanks dat weigert minister Donner hem uit te voeren. Volgens Donner zal Nederland internationaal als onbetrouwbare partner bekend komen te staan, als het weer terug wil komen op eerder gemaakte afspraken. Donner vindt het onaanvaardbaar dat hij bij de ene gelegenheid 'ja' moet zeggen en bij een volgende weer 'nee', wat doet denken aan het 
De ontwikkeling van Firefox 2.0 is overigens enigszins vertraagd, zo vertelt Schroepfer, door het opensourcemodel. Doordat er zoveel verschillende mensen hun bijdrage leveren en er gewerkt wordt met vrijwilligers, verliest men een groot deel van de voorspelbaarheid van de ontwikkeling. In ruil daarvoor krijgt men echter stabiliteit en kan men werk aan een project besteden. Firefox 2.0 alpha werd oorspronkelijk op 10 februari 
Microsoft heeft onlangs een verandering doorgevoerd in de licentievoorwaarden van Windows, die bepaalt dat een computer die wordt voorzien van een nieuw moederbord, wordt beschouwd als een nieuwe computer. Dit houdt in dat wie een OEM Windows-licentie heeft en een nieuw moederbord in zijn machine zet, ook een nieuwe Windows-licentie zal moeten kopen. Voor de duurdere retail-licenties heeft het geen gevolgen. Een retail-licentie geeft de gebruiker het recht de software op één willekeurige computer te draaien, maar een OEM-licentie wordt samen met de computer verkocht en is gebonden aan die specifieke machine. De vraag is hoe lang deze machine nog dezelfde blijft wanneer er steeds meer onderdelen van worden vervangen. Microsoft heeft daar nu duidelijkheid over verschaft: de licentie is gebonden aan het moederbord. Wordt dit vervangen dan is een nieuwe licentie nodig, maar alle andere onderdelen kunnen worden vervangen zonder dat dat hoeft. Microsoft heeft de afnemers van OEM-licenties gevraagd hier op toe te zien wanneer zij voor klanten upgrades uitvoeren.