Telecomtoezichthouder Opta is er niet zeker van of het via bluetooth versturen van reclame al dan niet onder de wet tegen spam valt. Volgens een woordvoerder is het mogelijk toegestaan omdat er geen telecomaanbieder aan te pas komt.
SBS6 zette bluetooth vorige week in om via reclameborden een televisieprogramma aan te prijzen. Passanten met een toestel met ingeschakelde bluetooth-functie kregen de vraag voorgeschoteld of ze een SBS6-video wilden zien. Volgens ict-jurist Steven Ras is die vraag al een vorm van spam omdat de wet een opt-in vereist voor het ontvangen van commerciële boodschappen. Volgens diens collega-rechtsgeleerde Roderic Winkelhorst is dat echter niet de enige voorwaarde in de wet: 'In het spamartikel staat dat er sprake van spam is als het gaat om het versturen van ongevraagde berichten naar abonnees van openbare elektronische communicatiediensten. Het versturen van een bluetoothbericht gebeurt echter zonder tussenkomst van een openbare telecomaanbieder', aldus Winkelhorst.
De Opta is het in principe met die lezing eens, maar houdt een slag om de arm. 'Ik vind dit een moeilijk geval, want je zou kunnen zeggen dat dit in de geest wel spam is. Het gaat immers om het versturen van ongevraagde elektronische berichten', aldus woordvoerder Stefan Wijers. Hij wijst erop dat de Nederlandse wetgeving is gebaseerd op Europese regels, en dat daar het woord 'abonnee' helemaal niet voorkomt - dat is in de Nederlandse implementatie van de EU-richtlijn toegevoegd. De toezichthouder zegt voorlopig een afwachtende houding aan te nemen, en zal bij klachten gaan kijken hoe de wet geïnterpreteerd moet worden. 'Het kan zijn dat de wet moet worden aangepast. Dat is een zaak voor Economische Zaken', aldus Wijers.
De groep stelt dat er sprake is van het kraken van specifieke implementaties en niet van het onderliggende basissysteem. De zogeheten 'Compliance and Robustness Rules' uit de specificatie zouden niet naar behoren zijn geïmplementeerd, waardoor de beveiliging het onderspit delfde. Aacs is evenwel vaag over de zaak en stelt dat het 'alle technische en juridische middelen' in het kader van de aanval aan zal wenden. Of de groep erin slaagt het systeem veilig te houden is de vraag. Het feit dat 'Muslix64' de sleutels kon bemachtigen illustreert een fundamenteel punt in het ontwerp van drm-systemen: vanuit het oogpunt van cryptografie hebben we hier immers met de situatie te maken dat de ontvanger van de boodschap en de aanvaller dezelfde zijn.
De nieuwe policy
Begin jaren '90 was inbellen de enige manier om verbinding te krijgen met internet. Een snelheid van 2,4Kbps was al heel wat en vanaf veel plaatsen moest nog interlokaal worden ingebeld. De techniek ging vooruit en de snelheid werd opgevoerd tot 56Kbps, terwijl er zoveel inbelpunten kwamen dat vanuit het hele land tegen lokaal tarief contact kon worden gelegd. Er kwam echter ook internettoegang via kabel en adsl, wat niet alleen veel sneller was, maar bovendien als voordeel had dat het geen telefoontikken kostte. De laatste jaren stapten steeds meer mensen over naar breedbandinternet en de hoeveelheid inbellers nam snel af. KPN heeft nu nog ongeveer 900.000 inbelabonnementhouders, maar dit aantal loopt gestaag terug. Van de overblijvende aansluitingen wordt bovendien nog maar weinig gebruik gemaakt. Volgens KPN kan er voor zo weinig klanten geen kwalitatief goed netwerk meer in stand worden gehouden en alle inbelabonnementen zullen waarschijnlijk nog dit jaar worden beëindigd.
De opkomst van botnets wordt door Cerf vergeleken met een pandemie. De tcp/ip-pionier, tegenwoordig werkzaam als 'Chief Internet Evangelist' bij Google, wijst ondanks zijn waarschuwende woorden op de taaiheid van het internet. 'Ondanks de besmettingen werkt het net nog, wat eigenlijk verbazingwekkend is', aldus Cerf. In de meeste gevallen hebben gebruikers geen flauw benul wat hun pc allemaal uitvreet, wat uiteen kan lopen van het deelnemen aan ddos-aanvallen op websites tot online fraude en het versturen van spam. Wat dat laatste betreft zijn de activiteiten van botnets niet altijd voor de hand liggend. Zo verstookte een botnet op een gegeven moment vijftien procent van Yahoo's zoekcapaciteit om willekeurige stukjes tekst van het web te plukken - die moesten dienen om spamberichten te camoufleren zodat ze voorbij de filters konden.
