Tip de redactie

P2P-netwerken minder populair dan alternatieven

Door Harm Hilvers, 26 maart 2005 18:1697 reacties, bron: Pew Internet

Pew Internet & American Life Project heeft een onderzoek uitgevoerd onder 1421 volwassen Amerikaanse internetters over het uitwisselen van bestanden. Van de ondervraagden geeft 27 procent, dit komt overeen met 36 miljoen Amerikanen, aan weleens audio- of videobestanden gedownload te hebben. Bijna de helft van deze 27 procent maakt hierbij niet alleen gebruik van P2P-netwerken of betaalde online diensten om bestanden uit te wisselen, maar ook van alternatieve bronnen zoals websites, weblogs of reviewsites. Circa 19 procent van de huidige downloaders van audio- en videobestanden, ofwel 7 miljoen Amerikanen, geeft aan bestanden van iemands iPod- of mp3-speler te hebben gedownload. Ongeveer 28 procent, dit komt overeen met 10 miljoen Amerikanen, heeft muziek- of videobestanden binnengekregen per e-mail of via een instant-messagingprogramma.

Rond de 50 procent van de Amerikaanse internetters vindt dat de bedrijven achter de grote p2p-netwerken verantwoordelijk gehouden moeten worden voor de piraterij van het uitwisselen van audio- en videobestanden. Ongeveer 18 procent van de ondervraagden vindt dat de individuele p2p-gebruikers vervolgd moeten worden en 12 procent meent dat zowel de bedrijven als de gebruikers verantwoordelijk gehouden moeten en mogen worden. Circa 38 procent van de ondervraagden verwacht dat overheidsingrijpen ervoor zal zorgen dat er minder gebruikgemaakt zal worden van p2p-diensten. Ruwweg 42 procent verwacht echter geen enkel resultaat. Bij de breedbandinternetters is deze verdeling nog scherper aanwezig. Van de ondervraagden denkt 57 procent dat overheidsingrijpen geen invloed zal hebben op het gebruik van p2p-diensten, terwijl 32 procent een tegengestelde mening is toegedaan.

Reacties (97)


Shuttle verwacht dit jaar weinig van BTX

Door Martin Sturm, 26 maart 2005 16:4523 reacties, bron: Digitimes

Het Taiwanese Shuttle, bekend van de kleine bare-bonesystemen, heeft geen al te hoge verwachtingen van de onlangs geïntroduceerde BTX-formfactor. Het bedrijf verwacht dat dit jaar vijf procent van de verkochte systemen uit de XPC-productlijn gebruik zullen maken van de BTX-standaard, wat neer komt op ongeveer 37.500 systemen. Het bedrijf heeft inmiddels enkele systemen uitgebracht die gebruikmaken van de nieuwe standaard.

Shuttle BTX-systeemShuttle zal dit jaar nog drie nieuwe BTX XPC's op de markt brengen, die allen gebruik zullen maken van de pico-BTX standaard, wat de kleinste variant is binnen het BTX-assortiment.

Het bedrijf heeft geen plannen om systemen op de markt te brengen die zijn gebaseerd op het iets grotere micro-BTX formaat. De 'uitvinder' van de BTX-standaard, Intel, heeft eveneens geen al te grote plannen met BTX dit jaar. Tijdens het Intel Developer Forum, begin maart, was er weinig te zien met betrekking tot BTX. Ook de nieuwste processorontwikkelingen in de vorm van de Smithfield, werden gepresenteerd in systemen die nog gebruik maakten van het bekende ATX-formaat.

Shuttle verwacht dat volgend jaar de interesse voor BTX zal groeien bij de consument. BTX, wat staat voor Balanced Technology Extended, is de opvolger van het ATX-formaat. De standaard is ontwikkeld met het oog op het toenemende energieverbruik van zowel processors als videokaarten. De koeling van deze warmteproducerende componenten zal in de BTX-standaard worden vereenvoudigd omdat de processor, chipset en videokaart in één lijn staan op het moederbord, waar dus eenvoudig de luchtstroom er overheen kan worden geleid.

Reacties (23)


ATi meldt hogere omzet en meer winst

Door Harold van der Wal, 26 maart 2005 15:3531 reacties, bron: ATi (PDF)

Het Canadese ATi heeft het afgelopen kwartaal meer omzet en winst geboekt dan in dezelfde periode een jaar eerder, zo blijkt uit de cijfers die deze week gepubliceerd werden. In totaal werd voor 608 miljoen (Amerikaanse) dollar aan producten verkocht in de maanden december, januari en februari - het tweede kwartaal van het fiscale jaar 2005. Dat staat tegenover 463 miljoen dollar in het tweede kwartaal van 2004. De nettowinst kwam uit op 57 miljoen dollar, net geen tien miljoen dollar hoger. Ten opzichte van het vorige kwartaal zijn omzet en winst iets gedaald.

ATiATi behaalt verreweg het grootste deel van zijn omzet nog steeds op de pc-markt. Tien procent van de verkopen kwam uit producten voor consumentenelektronica, anders dan pc's, zoals de Imageon mediaprocessor voor handhelds en chips voor digitale televisie. Deze laatste productgroep is een snelle groeier: de omzet steeg op jaarbasis met bijna 50 procent. Voor het komende kwartaal verwacht de chipfabrikant een kleine daling van de cijfers, te wijten aan de voor het seizoen gebruikelijke daling van de vraag in de pc-markt. Voor het kwartaal daarna wordt, vooral bij de elektronica, een forse stijging van de omzet verwacht.

Reacties (31)


Duits marktaandeel Dell slechts zeven procent

Door Harm Hilvers, 26 maart 2005 12:5755 reacties, submitter: EaS, bron: Heise Online

Dell logoIn het laatste kwartaal van 2004 bezat Dell wereldwijd een marktaandeel van 17,9 procent. Op de tweede plaats stond HP met een aandeel van 15,8 procent. In Duitsland bezat 's werelds grootste pc-leverancier in 2004 echter slechts een marktaandeel van 7 procent. In Duitsland zijn onder meer Fujitsu-Siemens, Medion, HP en Acer groter. Dell is niet tevreden met dit lage marktaandeel en heeft daarom besloten meer te gaan investeren in de Duitse markt. Naast extra geld wil het bedrijf meer medewerkers aannemen, de capaciteit van de callcenters verhogen en een nieuwe fabriek gaan bouwen in Centraal-Europa. Op dit moment worden Dells producten voor de Europese markt voornamelijk in Ierland gefabriceerd. Naast Duitsland wil Dell ook de Chinese en de Japanse markt gaan veroveren. Het bedrijf wil een nieuwe productiefaciliteit laten bouwen in de Chinese provincie Fujian. In deze fabriek zullen jaarlijks 6 miljoen systemen geproduceerd moeten worden.

Reacties (55)


GamePC vergelijkt Opteron 252 en Xeon 3,6GHz 2MB

Door Femme Taken, 26 maart 2005 00:0248 reacties, bron: GamePC

Halverwege februari introduceerden AMD en Intel snellere versies van hun server- en workstationprocessors. Inmiddels zijn de nieuwkomers van beide fabrikanten in kleine aantallen leverbaar, zodat GamePC kans zag om een vernieuwde vergelijking van het AMD Opteron- en Intel Xeon-platform te organiseren. Het nieuws aan Intels zijde is de komst van de Irwindale-core, waarmee het L2 cache van de Xeon-processors is gegroeid van 1MB naar 2MB. De kloksnelheid van het topmodel en de snelheid van de frontside bus bleef gelijk aan die van de modellen met de oudere Nocona-core. Het programma begint aan de onderkant bij 2,8GHz en wordt afgerond door het topmodel met een kloksnelheid van 3,6GHz. Door het grotere cache ging de opgegeven TDP (Thermal Design Power) licht omhoog, resulterend in een stijging van 103W naar 110W bij de Xeon 3,6GHz 2MB.

Intel Xeon boxed HSF (klein)Mede vanwege de hogere TDP worden de processors gebundeld met een nieuw type koeler waarvan de heatsinks zijn vervaardigd uit koper. Volgens GamePC zijn ze iets stiller dan de vorige boxed koelers. Het geluidsniveau kan nog wat verlaagd worden als er een moederbord met 4-pins PWM (Pulse Width Modulation) fan connectors en BIOS- ondersteuning voor fan speed control wordt gebruikt. GamePC is erg tevreden over het geluidsniveau van het nieuwe type boxed koeler, zeker vergeleken met de herrieschoppende windturbines die in het verleden werden gebruikt. Het nieuws uit het kamp van AMD betreft de introductie van de Opteron 252, de eerste Opteron gebaseerd op de 90nm Troy-core. Naast kleinere transistors biedt de Opteron 252 een hogere kloksnelheid van 2,6GHz en kreeg de processor ondersteuning voor SSE3. De instructieset van de Opteron is daarmee qua ondersteuning op gelijk niveau gekomen als de Xeon.

AMD Opteron en Intel Xeon (klein)GamePC gebruikte een Asus K8N-DL en een Tyan Thunder i7525 om de prestaties van respectievelijk het Opteron- en het Xeon-platform te testen. Het eerste moederbord is gebaseerd op de nVidia nForce Pro 2200 terwijl de tweede plank een Intel E7525-chipset aan boord heeft. Het Opteron-platform werd vertegenwoordigd door de modellen 248, 250 en 252 met een kloksnelheid van 2,2GHz, 2,4GHz en 2,6GHz. De Irwindale-Xeons werden getest in versies met een kloksnelheid van 3,0GHz, 3,2GHz, 3,4GHz en 3,6GHz.

Opmerkelijke resultaten vinden we al meteen in de eerste tests uit het artikel, waarin het idle stroomverbruik en het stroomverbruik onder volledige belasting van de Opteron- en Xeon-systemen wordt gemeten. Ondanks een kleine verhoging van de TDP van de Opteron 252 ten opzichte van de 250 (89W naar 92W), is de 252 beduidend zuiniger dan de lager geklokte en op 130nm vervaardige 250. Het idle stroomverbruik van het complete systeem daalde met 21,6 procent en het stroomverbruik onder maximale belasting werd gereduceerd met 18,9 procent. Dankzij deze verlaging van het stroomverbruik consumeert de snelste Opteron nu aanzienlijk minder energie dan de snelste Xeon in de idle tests. Het systeem met de twee Xeon 3,6GHz 2MB-processors verbruikte 23,9 procent meer energie dan de dual Opteron 252. De 130nm Opteron-processors bevinden zich qua idle stroomverbruik op gelijk niveau als de Xeons.

Het stroomverbruik onder load was bij de Opterons al veel lager en kent nu een nog groter verschil. De dual Xeon 3,6GHz 2MB verbruikt ruim 65 procent meer energie dan de dual Opteron 252. In de toekomst zullen de Opterons nog wat beter kunnen presteren in de idle test wanneer Opteron-moederborden BIOS-ondersteuning voor PowerNow! krijgen. De Asus K8N-DL had nog geen werkende ondersteuning voor PowerNow!.

Energieverbruik - Idle (watt)
AMD Opteron 2522,6GHz 189
Intel Xeon 2MB3,6GHz 234
Energieverbruik - Maximale belasting (watt)
AMD Opteron 2522,6GHz 236
Intel Xeon 2MB3,6GHz 390

In de 3D Studio Max 7.0- en Photoshop CS-benchmarks gaan de Xeon-processors als vanouds aan de leiding, maar de snelste Opteron volgt slechts op kleine afstand. De resultaten van de Opteron 252 bevinden zich in beide benchmarks tussen die van de Xeon 3,2GHz 2MB en de Xeon 3,4GHz 2MB. In de Maya 6.0-benchmark van GamePC pakte de Opteron altijd al een makkelijke winst en dat is nu niet anders. De encoding prestaties verschillen per toepassing. In Flash MX 2004 gaan de Xeon-processors aan kop, terwijl de Opterons een duidelijke voorsprong nemen in Windows Media Encoder 9.0 en Lame 3.97. Welke processor het beste presteert hangt dus sterk af van de applicatie.

De verhoudingen tussen het Opteron-platform en het Xeon-platform zijn in de game benchmarks niet anders dan de verhoudingen tussen de Athlon 64 en Pentium 4. De winst in de Doom 3-, Half-Life 2- en FarCry-benchmarks gaat dus naar de Opteron 252. GamePC sluit af met twee tests van de webserverprestaties. Veel relevantie hebben de resultaten niet omdat er uitsluitend met statische content werd getest. Vrijwel elke hedendaagse processor is in staat om een gigabit verbinding dicht te trekken met het serveren van statische content. Twee klinkklare overwinningen in de Apache stress tests doen echter geen kwaad op het cv van de Opteron 252. GamePC heeft in de conclusie een lichte voorkeur voor de Opteron 252, maar alleen als deze gecombineerd kan worden met een stabiel nForce Pro 2200-platform. Vanwege de slechte verkrijgbaarheid van nForce Pro-moederborden is dat op dit moment nog een heikele kwestie.

Reacties (48)