Het noodlijdende SGI heeft een vernieuwd productaanbod gelanceerd dat mogelijk kan helpen om het tij te keren. De eerste verbetering is het uitrusten van zijn bestaande aanbod van Itanium-servers met de nieuwe Montecito-processors. Dit biedt verschillende voordelen: de chips zijn goedkoper, zuiniger en betrouwbaarder dan hun voorgangers. Ook zijn ze door de overstap van single- naar dualcore, grotere caches en verbeterde efficiëntie een stuk sneller geworden. De Montecito zal in twee verschillende systemen te krijgen zijn: sowieso kunnen ze in de bestaande high-end Altix 4700-blades gestopt worden om de prestaties in een klap te verdubbelen, maar er is ook een nieuwe lijn met mid-range blades aangekondigd, de Altix 450-serie.
De highend modellen zijn verkrijgbaar vanaf 75.000 dollar en kunnen doorschalen tot 512 processors en 6TB geheugen. Met de bèta van een nieuwe versie van Suse Enterprise Linux is het ook al gelukt om 1024 processors en 17TB geheugen te koppelen tot één systeem, maar dat soort configuraties wordt nog niet als standaardproduct aangeboden. De midrange begint vanaf 15.000 dollar en kent maxima van 38 processors en 456GB geheugen. Beide configuraties kunnen naar wens van de klant geoptimaliseerd worden voor dichtheid, I/O of geheugencapaciteit, en eventueel kunnen de Itaniums gekoppeld worden aan FPGA's om applicatie-specifieke snelheidswinsten te kunnen boeken. Volgens SGI is er voor de officiële introductie al voor 100 miljoen dollar aan Montecito-hardware besteld, en wordt er alleen nog maar gewacht tot Intel de processors levert.

De tweede nieuwkomer is de eerste x86-server van het bedrijf: een machine gebaseerd op de nieuwe Xeon Woodcrest. Deze Altix XE begint bij 3100 dollar en kan worden voorzien van twee processors en 32GB geheugen. In tegenstelling tot de Itanium-systemen kunnen de Xeons echter niet samengevoegd worden tot één grote server; ze zijn bedoeld om in cluster-