De Technische Universiteit Eindhoven gaat deze maand een nieuw testlab voor onderzoek naar dunne-filmzonnecellen in gebruik nemen. Het lab gaat onder andere een transmissie-elektronenmicroscoop gebruiken om de zonnecellen op atoomniveau te bestuderen.
Eind november neemt de TU/e een nieuw geavanceerd testcentrum voor dunne-filmzonnecellen in gebruik bij het Eindhovense High Tech Campus bij Philips Innovation Services. Voor deze locatie is gekozen vanwege de aanwezigheid van een twee miljoen euro kostende tem bij het lab: Philips heeft de expertise om de microscoop te bedienen.
Een tem heeft de mogelijkheid individuele atomen van elkaar te onderscheiden. Dit is handig om de gestapelde lagen van verschillende materialen bij dunne-filmzonecellen atoom voor atoom te bestuderen. De efficiëntie van zo’n zonnecel is namelijk afhankelijk van de eigenschappen van de grensvlakken tussen de verschillende lagen. De tem bij de testfaciliteit heeft daarnaast een grote eds-detector om op atoomniveau te kunnen bepalen om welke soort elementen het gaat. Voordeel van de micoscoop van de TU/e is daarnaast dat deze de broze zonnecelmaterialen als organische moleculen, polymeren en grafeen kan bestuderen zonder negatieve invloed.
De tem kan structuren kleiner dan 0,1 nanometer zichtbaar maken. Het apparaat gebruikt hiervoor bundels hoogenergetische elektronen, die een veel kleinere golflengte hebben dan zichtbaar licht. Het testlab is onderdeel van het Solliance-samenwerkingsverband, waarin de TU/e, TNO, Holst Centre, ECN, imec en Forschungszentrum Jülich zitten. Solliance krijgt eigen productielijnen voor dunne-filmzonnecellen op de High Tech Campus, zodat resultaat van het onderzoek meteen toegepast kan worden.