De kosten van het produceren (en niet te vergeten ontwerpen!) van twee verschillende chipontwerpen (één voor low/mid-end, één voor high-end) wegen voor hun waarschijnlijk op tegen de kosten van het produceren van één chipontwerp. Je moet er misschien meer van bakken, maar per stuk zijn ze weer goedkoper. En niet te vergeten: low/mid-end wordt vééél meer verkocht dan high-end. Daarnaast is 2x warm makkelijker te koelen dan 1x heet.
De twee belangrijkste nadelen van een 2-chip ontwerp zoals de Volari zijn de overhead door communicatie tussen de chips (performance) en het verdubbelen van de hoeveelheid geheugen op de chip (prijs).
Aan de andere kant: om dezelfde totale bandbreedte te halen kun je toe met minder snel geheugen, omdat je gebruik kan maken van twee geheugenkanalen i.p.v. één. Dat drukt de kosten weer, omdat je minder hoog geklokt RAM nodig hebt voor dezelfde prestaties. Uiteraard hangt dit allemaal erg af van het chipontwerp, want een dual-channel single-chip oplossing lost het probleem op dezelfde manier op.
@Master Yoda:
het is inderdaad een leuk dilemma voor de fabrikanten:
Optie 1: maak je één relatief simpele, kleine en in meervoud uitvoerbare chip (goedkoop), die je weg moet gooien als er tijdens de productie iets stuk aan is (kost geld, maar er gaan meer kleine chips op een wafer, waardoor de totale uitval in aantallen beperkt blijft t.o.v. grotere chips), en in meervoud uitvoert als je hogere prestaties wilt (kost geld);
Optie 2: maak een complexe en grote chip (relatief duur), die je kunt "downgraden" als je er achter komt dat een paar schakelingen niet naar behoren werken (scheelt geld, maar bij een grotere chip is er wel een grotere kans op beschadiging, en er gaan er minder op een wafer). Daarnaast kan de vraag naar het low-end product ervoor zorgen dat chips die wél geschikt zijn voor het high-end product toch als low-budget verkocht moeten worden (duur). Je maakt wel makkelijk naam met deze constructie als de high-end chip snel genoeg is.

Optie 3: bouw een complexe chip (duur) en leidt daar een simpele chip van af (relatief goedkoop). Beide chips moeten geproduceerd worden, waarvoor je dus twee types masker moet maken (duur). Voor massaproductie (echt grote aantallen dus) de beste optie, maar voor een relatief kleine serie erg duur.
ATI is met optie 2 begonnen, en na het overweldigende succes van de R300 overgestapt naar optie 3. Het feit dat je 9500's vaak kon modden naar een 9700 gaf al aan dat ATI veel R300's als 9500 verkocht (goedkoop voor de consument, duur voor ATI) die toch het potentieel hadden om als 9700 op de markt te komen (de yields waren "te" goed). Komt bij dat ATI niet bepaald arm is (grote speler met een redelijk brede reeks van producten), en dus wel wat kan lijden als een chip niet goed aanslaat.
XGI begint met optie 1. Uit kostenoogpunt (vooral als je niet weet of je veel gaat verkopen) waarschijnlijk het verstandigst. Mochten er niet zo veel van die chips verkocht worden blijven de kosten ook beperkt. XGI heeft niet zo veel alternatieve producten om op terug te kunnen vallen. Het zou me ook niet verbazen als ze bij succes later overstappen naar optie 3, want bij grote hoeveelheden is dat gewoon goedkoper.
Verder blijf ik bij het statement dat je veel meer low/mid-end kaarten verkoopt dan high-end kaarten. Investeren in een low/mid-end chip is dus kostenefficiënter dan investeren in een high-end chip, maar niet zo goed om naam te maken: prestaties tellen! Om ook de prestaties te kunnen leveren hebben ze dus een chip ontworpen die paarsgewijs kan werken. Misschien riskant (nog nooit echt succesvol gedaan), maar wel goed gejat.