Een rechtbank heeft enkele dagvaardingen van de RIAA aan muziekuitwisselaars op scholen verworpen, aldus een artikel op BusinessWeek. De uitspraak is gebaseerd op het feit dat de auteursrechtenorganisatie geen officiële aanvraag voor de opvraag van identiteiten had ingediend bij de goede rechtbank. Een rechtbank in Washington was gebruikt voor alle dagvaardingen, maar het Massachusetts Institute of Technology en het Boston College beweerden dat dit niet de plek is voor een dergelijk probleem en dat hiervoor een rechtbank in de buurt gebruikt moet worden, waar de rechter hen gelijk in gaf.
De RIAA geeft echter niet op en laat weten alle administratieve handelingen te verrichten die noodzakelijk zijn om toch tot veroordelingen te komen. Op dit moment betreft het dus slechts uitstel en nog geen echte doorbraak voor de tegenstanders van de rechtzakencultuur. De Electronic Frontier Foundation meldt echter dat er toch wel een positieve kant voor de tegenstanders aan de uitspraak zit, aangezien problemen nu in ieder geval dichter bij huis opgelost kunnen worden:
Ultimately, we will file those subpoenas wherever the courts require us to," an RIAA spokesman said. "This is a minor procedural issue and does not change an undeniable fact--when individuals distribute music illegally online, they are not anonymous, and service providers must reveal who they are."
Critics of the RIAA process welcomed even a limited ruling, however. "I hope this will give other people hope," said Cindy Cohn, legal director of the Electronic Frontier Foundation, a group that has emerged as the chief critic of the recording industry's tactics. "It will be a lot easier for people to address problems in the RIAA subpoenas if they don't have to go to D.C. to do it."