Minister Plasterk, onder andere verantwoordelijk voor het mediabeleid, wil dat het adverteren op websites van de publieke omroep aan banden wordt gelegd. De publieke omroep zou anders te veel in het vaarwater van de kranten komen.
Hoewel adverteren op tv bij de publieke omroep niet ten koste zou gaan van advertentie-inkomsten van de commerciële omroepen, zou dit zogenoemde substitutie-effect wel op het internet bestaan. Dat zegt mediaminister Ronald Plasterk in een interview met het Villamedia Magazine, dat vrijdag verschijnt . "Het zal een adverteerder weinig uitmaken of zijn advertentie op de site van een omroep of een krant staat", aldus Plasterk. De bewindsman wil daarom 'kritisch kijken' of er niet te veel wordt geadverteerd op websites van publieke omroepen.
Kranten klagen volgens Plasterk al langer over reclame bij de publieke omroep, maar de minister is niet van plan om de publieke netten reclamevrij te maken. "Ik ben ervan overtuigd dat als je vandaag alle reclame op de publieke omroep stopt, dit niet ten goede van de kranten komt, maar van de commerciële omroepen", zegt hij.
Eerder adviseerde een commissie Plasterk om een 'internetbelasting' in te stellen om de 'noodlijdende' kranten te helpen. Plasterk wees dit voorstel echter af, en zei het onlogisch te vinden om internetgebruikers op te laten draaien voor de kosten van innovatie.