Intel en Google hebben het Climate Savers Computing Initiative opgericht, met onder meer AMD, Dell en Microsoft als medestanders. De groep gaat efficiënter stroomgebruik voor computers promoten.
Googles senior vice president of operations Urs Holze wees er tijdens een persbijeenkomst op, dat slechts circa de helft van de stroom die het stopcontact verlaat, benut wordt om het apparaat zijn werk te laten doen. De Climate Savers-groep wil dat verhogen tot 92 procent, en heeft daartoe een reeks standaarden gedefinieerd. Die moeten de leden uiterlijk in juli 2010 geïmplementeerd hebben. Het gaat hierbij niet eens om nieuwe vondsten, zo benadrukte Holze: 'Het is te doen met technologie die vandaag de dag gewoon beschikbaar is.' Volgens Pat Gelsinger, hoofd van Intels Digital Enterprise-afdeling, is de efficiënte technologie iets duurder, en daarom verzuimen pc-makers om ze te gebruiken. 'Een pc die aan de standaard voldoet is twintig dollar duurder, en voor een server moet dertig dollar worden bijgelegd', zo lichte Gelsinger toe.
Met bovenstaande cijfers wordt duidelijk dat klanten flink voordeliger uit zouden zijn met de aangepaste apparatuur: bijna de helft meer stookkosten komt gedurende de levensduur van een computer immers op een beduidend hoger bedrag uit dan de paar tientjes die de fabrikant bespaart. Eindgebruikers op deze besparingsmogelijkheid wijzen is dan ook een belangrijke doelstelling van de groep, maar ook de politiek zal niet ongevoelig zijn voor de potentiële reductie in CO2-uitstoot. Als alle pc's in het jaar 2010 aan de Climate Savers-richtlijn zouden voldoen, dan zou dat neerkomen op een wereldwijde CO2-reductie van 54 miljoen ton in dat jaar, en een vermindering van het energieverbruik van 62 miljard kilowattuur. Dat zou een besparing opleveren van 5,5 miljard dollar. Overigens gaat op 20 juli de nieuwe Energy Star-richtlijn in, die een stroomefficiency van 80 procent vereist. De eerste Climate Savers-benchmarks zullen de Energy Star-voorschriften volgen, maar de groep zal de eisen de komende jaren gestaag verscherpen, om in 2010 bij de 92 procent te belanden.