Europees Commissaris Viviane Reding heeft aan de vooravond van de Duitse CeBit-beurs opgeroepen tot betere samenwerking op het gebied van mobiele televisie. Alleen als er een pan-Europese standaard komt, zodat contentleveranciers van dezelfde technologie gebruik kunnen maken en aan dezelfde regels zijn gebonden, kan volgens haar mobiele tv in Europa doorbreken. Terwijl de fabrikanten het ene nieuwe snufje na het andere moderne gadget presenteren, blijven de infrastructuur en de wetgeving achter, klaagde Reding: consumenten kunnen hun draagbare videospelertjes maar zelden probleemloos in een ander land gebruiken. Daarom is het nodig dat de Europese richtlijn, die de 'Television Without Frontiers-directive' wordt genoemd, wordt aangepast om de interoperabiliteit tussen aanbieders te waarborgen en consumenten maximale én internationale keuzevrijheid te bieden.
De Television Without Frontiers-richtlijn zou onder meer moeten regelen dat uitzendingen in alle landen van de Unie onder de wetgeving van het land vallen waar het signaal wordt uitgezonden, en niet onder de wetgeving van het land waar de beelden toevallig bekeken worden. Belangrijk is ook dat er één gemeenschappelijke technische standaard wordt gebruikt. Reding noemde het huidige media-aanbod een 'lappendeken van plaatselijke maatregelen', die ervoor zorgt dat Europa inmiddels achterloopt op Amerika, waar meer en meer videodiensten voor handheld devices worden aangeboden. Opmerkelijk genoeg zei de Commissaris dat met het einde van analoge televisie-uitzendingen in 2012 'digitale winst geboekt kan worden', als de dan vrijkomende etherfrequenties voor digitale diensten worden ingezet. Het valt voor mobiele-televisieaanbieders te hopen dat er al eerder een in heel Europa beschikbare frequentie voor hun diensten wordt gevonden.