Een federaal hof van beroep heeft het importverbod op mobiele telefoons met bepaalde chips van Qualcomm voorlopig opgeheven. Het verbod was ingesteld omdat de chips patenten van Broadcom zouden schenden.
Al in juni 2005 had Broadcom een proces tegen Qualcomm aangespannen, omdat chips van dit bedrijf inbreuk zouden maken op patenten van Broadcom. De rechter gaf Broadcom gelijk. Omdat door een recente uitspraak van het Hooggerechtshof het krijgen van een voorlopig verbod op de verkoop van de gewraakte chips nogal lastig is geworden, besloot Broadcom de Internationale Handelscommissie te verzoeken een verbod op de import van mobiele telefoons met de betreffende chips in te stellen.
De commissie gaf aan dit verzoek gehoor en verbood de import van mobiele telefoons met de omstreden chips van Qualcomm. Omdat president Bush weigerde zijn veto hierover uit te spreken, ging Qualcomm in beroep bij de rechter. Die heeft nu bepaald dat de import van de telefoons voorlopig weer moet worden toegestaan.
Om toch telefoons te kunnen blijven invoeren hadden sommige gsm-providers al een eigen licentie-overeenkomst met Broadcom afgesloten. Verizon had afgesproken zes dollar per telefoon te betalen, met een jaarlijks maximum van 50 miljoen. Qualcomm blijft van mening dat het met zijn chips geen inbreuk maakt op de patenten van Broadcom en zal proberen het vonnis waarin wordt gesteld dat dit wel het geval is te laten herroepen.