3DLabs, een bedrijf in handen van Creative Labs dat zich de afgelopen jaren heeft gespecialiseerd in chips en kaarten voor professionele doeleinden, wil met zijn nieuwe P10 VPU een herintrede maken op de markt voor consumenten. De afkorting VPU staat voor Video Processing Unit. De naam GPU zou de chip volgens 3DLabs geen goed recht meer doen, omdat in een VPU weer meer functies ingebouwd zitten die een GPU aan de CPU over laat. De 0,15 micron P10 heeft 76 miljoen transistors en vier pipelines, waarmee acht textures per pass kunnen worden aangebracht. De chip beschikt over een 256 bit brede DDR geheugenbus, waarover meer dan 20GB/s aan data kan worden vervoerd vanuit 256MB geheugen. Intern lijkt de chip op het eerste gezicht veel op de GeForce4, maar de P10 kan veel meer.
Zo is de command processor in staat om met meerdere threads te werken, iets wat op dit moment alleen voor professionele toepassingen nuttig is, maar met de komst van een DirectX-interface in Windows Longhorn ook voor consumenten voordelen kan opleveren. Ook werkt de chip met virtueel geheugen. De chip behandelt het systeemgeheugen als videogeheugen, en het videogeheugen als een heel groot L2 cache. Dit principe lijkt op AGP textureing, maar door in het videogeheugen te cachen wordt het mogelijk om meer en grotere textures te gebruiken dan ooit tevoren.
Programmeerbaar
De chip heeft maar liefst zestien vertex shaders aan boord. Deze zijn per stuk natuurlijk niet zo krachtig als de twee vertex shaders van de GeForce4, maar omdat een simpele bewerking op de nVidia chip een complete shader (dus de helft van de capaciteit) in beslag neemt, terwijl de P10 slechts een zestiende deel van de kracht kwijt is, zou de oplossing van 3DLabs efficienter moeten werken. Op dit moment wordt DirectX 8 volledig ondersteund, maar men heeft er goed vertrouwen in dat de P10 ook alle DirectX 9 shaders aan moet kunnen. Deze uitspraak wil men echter nog niet zwart op wit zetten zolang Microsoft de specificaties van DirectX 9 niet final heeft gemaakt. Ook de pixel shaders zijn anders aangepakt dan bij de concurrentie. Er zijn 64 'coördinate generator processors' en 64 integerprocessors die samen alle huidige pixel-shader functies aankunnen. Volgens 3DLabs zijn deze 128 eenheden echt programmeerbaar, in plaats van alleen flexibel zoals bij ATi en nVidia het geval is. Ook het antialiasen is een programmeerbare stap geworden.
![]() |
Hoewel de P10 een tile processor heeft die de scene verdeelt in stukjes van acht bij acht pixels, is het géén tile-based renderer. Het verdelen is alleen gedaan om optimaal gebruik te kunnen maken van de interne caches, maar verder lijkt de methode van renderen in geen enkel opzicht op die van een tile-based chip als de Kyro. Natuurlijk wordt de professionele markt in de traditie van 3DLabs niet vergeten, maar omdat Creative Labs zich er tegenwoordig mee bemoeit zal er ook een consumenten-versie komen van de P10 voor een concurrerende prijs. Ook latere 0,13 en 0,10 micron DirectX 9.0 chips van 3DLabs wil Creative aan consumenten gaan verkopen:
This is where Creative Labs comes in; Creative will take the P10 technology and tailor it to the specific needs and requirements for the gaming market. The P10 will then be found on Creative Labs branded boards that will sell at prices competitive with the GeForce4 (or whatever NVIDIA's high-end card is at the time). While 3DLabs wouldn't give us an indication of exactly when we could expect consumer/gaming cards from Creative, they did say it would be before the end of the year. That could mean anything from August to something a bit closer to the holidays, although our money is on a release sooner rather than later.
Het belooft een spannende tijd te worden met NV30, P10, Parhelia en R300, die allemaal in de rij staan om later dit jaar korte metten te maken met de huidige generatie videokaarten. Je kunt verder lezen bij AnandTech, maar ook Tom's Hardware en C|Net hebben inlichtingen over dit onderwerp online staan. Bedankt voor de tip Spollie.