In augustus werd een belangrijke mijlpaal behaald: de Linux-kernel vierde zijn twintigste verjaardag. Het werk aan de Linux-kernel begon in 1991, toen de jonge Fin Linus Torvalds een door Unix geïnspireerde kernel bouwde.
Toen Torvalds de broncode van zijn kernel publiceerde, ging het balletje rollen. Diverse ontwikkelaars gingen met de code aan de slag en bovendien werd de Linux-kernel voorzien van de GNU GPL-licentie waardoor derden de code mochten redistribueren.
De Linux-gemeenschap groeide in de loop der jaren uit tot een mondiale beweging: distro's, zowel met een commercieel motief als geheel door vrijwilligers ontwikkeld, groeiden als kool. Vanuit de (thuis-)servermarkt en de desktop wist Linux door te dringen tot meer en meer platformen. Inmiddels wordt de kernelcode gebruikt in talloze apparaten, van smartphones tot routers en van settopboxen tot tablets.
In juli werd, met de twintigste verjaardag als aanleiding, kernelversie 3.0 uitgebracht. Hoewel de veranderingen ten opzichte van voorganger 2.6.38 allesbehalve schokkend zijn, markeert het verhoogde versienummer dat Linux is uitgegroeid tot een volwassen OS met een zeer breed ecosysteem.
Linux zal de komende jaren vermoedelijk nog meer aan importantie winnen. Het OS is inmiddels uitstekend geschikt voor virtualisatie en dit jaar was in alle grote distributies te zien dat de bijbehorende tools steeds gebruiksvriendelijker zijn geworden. Met de verwachting dat cloud computing de komende jaren een grote vlucht gaat nemen, heeft Linux alles in huis om zijn positie verder uit te bouwen.






/i/1035842277.gif?f=fpa)

