De ontwikkeling van de Xen-virtualisatiesoftware is door Citrix overgedragen aan The Linux Foundation. De opensource-hypervisor wordt onder andere door veel grote internetbedrijven gebruikt voor virtualisatie.
Citrix besloot een jaar geleden om het Xen Project, inmiddels tien jaar oud, onder te brengen bij een neutrale partij. Het bedrijf kwam uiteindelijk uit bij The Linux Foundation. Deze non-profitorganisatie heeft Xen de status van een collaborative project gegeven, wat betekent dat meerdere bedrijven en partijen aan de ontwikkeling van de software zullen bijdragen. Onder andere Amazon, AMD, Calxeda, Cisco, Google, Intel, Oracle, Samsung en Verizon staan op de lijst van partners. Ook Citrix zal betrokken blijven bij de doorontwikkeling van Xen en werkt onder andere aan ARM-ports.
De Xen-hypervisor is al jarenlang populair, onder andere bij tal van bedrijven en instellingen. Zo heeft Amazon zijn publieke clouddiensten voor een groot deel gebaseerd op Xen, terwijl ook Rackspace de opensource-hypervisor gebruikt. Daarnaast kan Xen gebruikt worden in combinatie met OpenStack, een opensource-platform voor infrastructure-as-a-service.
The Linux Foundation tekent op zijn blog aan dat er niets zal veranderen aan de keuzevrijheid bij Linux-gebruikers voor een hypervisor en een andere populaire hypervisor als KVM, die nauw verweven is met Linux-kernel, een belangrijk alternatief zal blijven vormen voor Xen. Daarnaast stelt de organisatie dat de twee projecten zorgen voor een gezonde vorm van concurrentie en innovatie.