HP betaalt een hoge prijs voor het onderzoek naar het uitlekken van informatie: Patricia Dunn, de voorzitter van de Raad van Commissarissen, heeft haar aftreden aangekondigd. Zij is het derde lid van de Raad dat zijn functie neerlegt: George Keyworth raakte zijn stoeltje kwijt toen privédetectives aan het licht brachten dat hij informatie naar de pers doorspeelde, en Thomas Perkins stapte op uit protest tegen de daarbij gehanteerde onderzoeksmethoden. Het vertrek van Dunn volgt op onderzoeken door Californische en federale politiediensten en door het Amerikaanse Congres, dat de zaak hoog opneemt. Dunn, die sinds 1998 in het bestuur van HP zitting heeft, wordt opgevolgd door de in maart 2005 aangetrokken Mark Hurd. Hij zal het voorzitterschap vanaf januari 2007 waarnemen.
Dunn houdt nog steeds vol dat het onderzoek naar het uitlekken van informatie noodzakelijk was, omdat 'de aandelenkoersen van HP en andere bedrijven in het geding waren.' Dat de ingehuurde detectives zich daarbij voor leden van de Raad van Commissarissen uitgaven om informatie over telefoongesprekken los te krijgen, het zogenaamde 'pretexting', is volgens Dunn betreurenswaardig: 'De gebruikte methoden gingen verder dan we dachten, en daarvoor bied ik mijn excuses aan.' Hurd heeft ondertussen laten weten dat 'zulke technieken geen plaats binnen HP hebben en dat maatregelen zullen worden genomen om te zorgen dat ze niet nogmaals zullen worden toegepast.' Diverse analisten tonen zich blij met Dunns vertrek, dat de aandeelhouders gerust moet stellen. Tegelijkertijd betreuren ze dat Hurd haar rol zal overnemen: de nieuwe voorzitter is immers ook president en CEO, en een dergelijke machtsconcentratie zou 'niet meer van deze tijd' zijn.