Het laatste ontwerp voor de do-not-track-specificatie stelt dat gebruikers zelf de optie moeten activeren die het tracken door adverteerders moet voorkomen. Hierdoor is het nog de vraag of IE10 standaard do-not-track zal activeren.
De do-not-track-standaard zorgt ervoor dat een browser aan websites laat weten dat de gebruiker niet wil dat het surfgedrag wordt bijgehouden, zoals veel gebeurt voor reclamedoeleinden. Sites zijn vooralsnog niet verplicht om zich hieraan te houden. In het ontwerp voor de do-not-track-specificatie wordt gesteld dat de user agent, in de meeste gevallen de browser, niet zelfstandig de privacy-optie mag inschakelen. In plaats daarvan moet de gebruiker de do-not-track-optie activeren, zo schrijven de opstellers van de W3C-specificatie, waaronder diverse browserbouwers, advertentiebedrijven en privacyvoorvechters.
Microsoft heeft echter laten weten dat het van plan is om in Internet Explorer 10 de do-not-track-functionaliteit standaard te activeren. Daarmee zou het bedrijf dus ingaan tegen de specificatie zoals die nu op tafel ligt. Microsoft kan dan niet langer claimen dat IE10 voldoet aan de do-not-track-specificatie.
Vanuit de advertentie-industrie was er al de nodige weerstand tegen de plannen van Microsoft, maar nu blijkt dat IE10 zich niet aan de voorgestelde specificatie dreigt te houden, is de kans groot dat de browser do-not-track alsnog standaard zal uitschakelen. Microsoft heeft nog niet op de kwestie gereageerd.