Greenpeace heeft in een eigen rapport geconcludeerd dat onder andere Amazon en Samsung slecht scoren op duurzaamheid. Volgens Greenpeace laat Samsung het bijvoorbeeld afweten op de duurzaamheid van de gebruikte energie voor de productieketen.
Samsung scoort met name vrij slecht op de gebruikte energie in het productieproces: daarbij leunt het bedrijf volgens Greenpeace zwaar op fossiele brandstoffen. Slechts een procent is schone energie. Daarnaast valt de mate waarin de apparaten van Samsung zijn te repareren, tegen. Onder andere door het gebruik van vrij veel lijm is het lastig om bijvoorbeeld de Galaxy S7, S8 en de Tab3 te repareren; dat betekent een wat beperktere levensduur, waardoor klanten eerder geneigd zijn een nieuw toestel aan te schaffen. Samsung heeft wel gezegd flink te gaan inzetten op het hergebruik van metalen, zoals die afkomstig van de Galaxy Note 7, maar Greenpeace vindt dit onvoldoende om te spreken van een wezenlijke beperking van de grondstofconsumptie.
Amazon krijgt van Greenpeace vooral kritiek op de zeer beperkte transparantie die het bedrijf verschaft over de prestaties op milieugebied. Zo weigert Amazon volgens Greenpeace openheid te verschaffen ten aanzien van de uitstoot van broeikasgassen. Ook publiceert het bedrijf niets over de restricties die zouden worden opgelegd bij de toepassing van gevaarlijke chemicaliën. Verder heeft Amazon in de ogen van de milieuorganisatie geen enkel streven uitgesproken om gerecyclede materialen te gebruiken in het productieproces. Het gaat hierbij om de productie van onder andere de Kindle e-reader, Fire-tablets en de Echo-speaker. Greenpeace is wel te spreken over het feit dat Amazon op vrij grote schaal hernieuwbare energie gebruikt in de VS, waarbij ook zonne-energie wordt gebruikt in distributiecentra. Daarbij oordeelt Greenpeace dat Amazon inmiddels een van de leiders in de techsector is op het gebied van het stimuleren van een beter klimaatbeleid.
In de lijst van Greenpeace is FairPhone het duurzaamste bedrijf. Fairphone scoort het beste, mede omdat de telefoons van deze fabrikant relatief eenvoudig zijn te repareren of te upgraden. Het bedrijf scoort ook erg goed op transparantie over de productieketen, waarbij veel van de gebruikte onderdelen en de emissiewaarden gedetailleerd in kaart zijn gebracht. Greenpeace merkt wel op dat de schaal van de productie van Fairphone niet is te vergelijken met die van andere fabrikanten zoals Samsung.
Apple heeft zich volgens Greenpeace sinds het aantreden van Tim Cook als ceo sterk gecommitteerd om het milieu te beschermen. Het bedrijf erkent dat klimaatverandering een groot probleem is, maar heeft ook uitgesproken dat het zijn datacenters en andere operaties van stroom wil gaan voorzien via 100 procent duurzame energie. Ook heeft Apple aangegeven op de langere termijn geen nieuwe via mijnbouw gewonnen mineralen meer te gaan gebruiken voor de productie van zijn apparaten. Apple krijgt echter wel kritiek op het gebrek aan eenvoud om de recentste iPhones en iPads te kunnen repareren of upgraden.
Overigens scoren enkele Chinese fabrikanten zoals Oppo, Vivo en Xiaomi samen met Amazon het slechtste. De Chinese bedrijven tonen geen ambitie als het gaat om duurzaamheid, en zijn nauwelijks transparant over hun prestaties op het gebied van bijvoorbeeld materiaalgebruik. Bedrijven als Sony, Acer, Google, LG, Lenovo en Microsoft zijn in de middenmoot terechtgekomen.
Greenpeace heeft het bovenstaande verwerkt in een eigen rapport, waarin een stuk of vijftien van de grootste internationale elektronicafabrikanten langs de meetlat van duurzaamheid zijn gelegd. Daarbij heeft de milieuorganisatie gelet op drie overkoepelende criteria: de mate van het gebruik van schone energie, het grondstofgebruik en of er gerecyclede materialen worden gebruikt, en of er schadelijke chemicaliën worden ingezet bij het productieproces.