De Amerikaanse mededingingsautoriteit FTC is een onderzoek begonnen naar de nauwe banden tussen Google en Apple op bestuursniveau. Mogelijk overtreden de twee bedrijven daarmee een antitrust-wet.
Volgens een van de bepalingen in de zogeheten Clayton Antitrust Act uit 1918 is het niet toegestaan dat een persoon zitting neemt in het bestuur van twee concurrerende bedrijven als hierdoor de concurrentie tussen deze twee bedrijven afneemt. Mogelijk overtreden Google en Apple deze wet vanwege het feit dat ze twee bestuursleden delen: Eric Schmidt, hoofd van Google, en Arthur Levinson, een voormalig topman van Genentech. Als gevolg daarvan is de FTC een verkennend onderzoek gestart, zo bericht The New York Times.
Hoewel de werkgebieden van Google en Apple voor een groot deel los van elkaar staan, zijn er ook markten hun activiteiten elkaar overlappen. Zo concurreert de iPhone met mobieltjes die Googles Android-besturingssysteem draaien, vechten Apples Safari-browser en Googles Chrome beide om aandeel in de browsermarkt en begeven iTunes en Youtube zich steeds meer in elkaars vaarwater.
Al eerder werd gespeculeerd dat de positie van Schmidt in het Apple-bestuur onhoudbaar was vanwege de belangenverstrengeling. Volgens Google verlaat Schmidt echter de vergaderzaal zodra het Apple-bestuur mobiele telefoons op de agenda heeft staan. Schmidt trad in 2006 toe tot het bestuur van Apple, vijf maanden voor het uitbrengen van de eerste iPhone. Google kondigde zijn Android-plannen een jaar later aan.
Schmidt was recentelijk ook voorgedragen om zitting te nemen in de adviescommissie voor wetenschap en technologie die Obama op die gebieden van advies dient. Schmidt voerde campagne voor de nieuwbakken president. Het is onbekend of zijn kandidatuur bij de adviescommissie vanwege de actie van de FTC in gevaar komt.