Wat is de juridische basis voor het niet mogen verhogen van een luxe dienst?
Dat is
EU Richtlijn 1993/13 inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, cq de
Unfair Contract Terms Directive (UCTD) en de implementaties daarvan in nationale wetgeving van de lidstaten.
Elk beding waar niet afzonderlijk over onderhandeld is wordt geacht een oneerlijk beding te zijn waar het de balans van rechten en plichten die uit de overeenkomst voortvloeien ernstig ten nadele van de consument verstoort.
Een oneerlijk beding mag een consument niet binden. Dit houdt in dat je, in een EU lidstaat waar natuurljik personen dit recht direct hebben, het kunt vernietigen - en anders het door een rechter kunt laten vernietigen. Bij vernietiging moet de status quo zo veel mogelijk hersteld worden als had het beding nooit bestaan; dus als een prijswijzingingsbeding vernietigd wordt, betekent het dat alles wat een consument aan prijsverhoging te verduren heeft gehad en over de jaren meer betaald heeft, terugbetaald dient te worden door de wederpartij.
Normaliter moet een beding voor oneerlijkheid getoetst worden, maar vanuit de EU Richtlijn in kwestie wordt via een annex ook een niet-uitputtende zwarte lijst* aan vormen van beding gegeven die
altijd als oneerlijk beschouwd dienen te worden.
Op deze lijst staan twee relevante zaken, te weten elke vorm van beding dat tot doel of gevolg heeft: "de verkoper te machtigen zonder geldige, in de overeenkomst vermelde reden eenzijdig de voorwaarden van de overeenkomst te wijzigen;" en "op onweerlegbare wijze de instemming vast te stellen van de consument met bedingen waarvan deze niet daadwerkelijk kennis heeft kunnen nemen vóór het sluiten van de overeenkomst."
Een prijswijzigingsbeding vereist dus niet alleen dat er een duidelijke reden in de overeenkomst gegeven wordt voor de prijsverhogingen; maar ook dat deze dusdanig gepresenteerd en duidelijk uitgelegd worden dat het voor een consument duidelijk is hoe de kosten over tijd kunnen groeien - zodat de consument ook daadwerkelijk weet met welke gevolgen zij akkoord zou gaan bij het aangaan van de overeenkomst.
Dit betekent dus dat er over percentages, maximale hoeveelheden, maximaal aantal her-ijkpunten per jaar, etc. gepraat moet worden. En dat er mogelijk rekenvoorbeelden gegeven moeten worden.
Dat doet Netflix geen van allen. Dus valt hun prijswijzigingsbeding onder de definitie van deze vormen van beding op de zwarte lijst. Dus moeten deze altijd als oneerlijk beschouwd worden. Dus moet een rechter deze, als deze rechter het werk goed doet, vernietigen. Dus volgt daaruit gezien bovenstaande uitleg inzake vernietiging van een beding, dat Netflix terug moet gaan betalen.
----------------------------------------------
Een aantal jaren geleden is overigens hier in Nederland nog een soortgelijke rechtszaak aangespannen tegen Vattenfall, en ook gewonnen. Dat was echter geen collectieve zaak - er was sprake van een individuele eiseres. En als ik me goed herinner moest Vattenfall toen iets van 700 EUR aan teveel geind geld terugbetalen.
Je kunt er gerieflijk vanuitgaan dat Netflix hier dus gaat verliezen en met de billen bloot zal moeten.
----------------------------------------------
(* Terzijde: bij onze implementatie van deze wetgeving in het Nederlandse Burgerlijk Wetboek heeft onze overheid die lijst onderverdeeld in een zwarte lijst en een grijze lijst, waar we de grijze lijst onderwerpen aan redelijkheidscriteria. Formeel mag dit van de EU niet want de Richtlijn vereist maximale harmonisatie - er mag dus niet ten nadele van de consument vanaf geweken worden. Daar gaat mogelijk nog eens een keer gesodemieter met de EU van komen. Nederland is klant aan huis bij de EU mbt creatieve interpretaties die teruggedraaid moeten worden...)
[Reactie gewijzigd door R4gnax op 1 mei 2026 20:11]