Astrofysici denken dat er zich tienduizenden zwarte gaten bij het centrum van ons melkwegstelsel bevinden. Deze hypothese is gebaseerd op de waarschijnlijke ontdekking van een dozijn kleinere zwarte gaten rondom het enorme zwarte gat in het centrum van de Melkweg: Sagittarius A.
De astronomen hebben bewijs gevonden voor de aanwezigheid van een dozijn zwarte gaten rondom Sagittarius A door te zoeken naar minder felle, maar consistentere röntgenstraling die ontstaat na het samengaan van een röntgendubbelster. Daarbij is het dubbelstersysteem in een inactieve staat. De astronomen zochten specifiek naar de binding tussen een zwart gat en een ster met een relatief lage massa, omdat de straling bij deze dubbelsterren consistenter aanwezig is dan bij dubbelsterren met zwaardere sterren. Bij het zoeken maakten de wetenschappers van de Amerikaanse Columbia-universiteit gebruik van archiefdata van het Chandra X-ray Observatory van NASA. Op basis van de data zijn er twaalf gevonden die zich binnen drie lichtjaar van Sagittarius A bevinden.
Deze ontdekking is volgens de wetenschappers een bevestiging van een theorie, die al tientallen jaren bestaat, dat er zich duizenden zwarte gaten rondom supermassieve zwarte gaten moeten bevinden. Door de resultaten te extrapoleren aan de hand van analyses van waar dergelijke al ontdekte dubbelstersystemen in de ruimte zich bevinden, stellen de wetenschappers dat er zich tussen de driehonderd en vijfhonderd röntgendubbelsterren met sterren met relatief weinig massa in dezelfde omgeving van de twaalf ontdekte dubbelsterren moeten bevinden, met daarbij nog eens tienduizend zwarte gaten.
Tot nu toe hebben wetenschappers voornamelijk gezocht naar deze zwarte gaten door te kijken naar de felle röntgenstraling die wordt uitgestraald op het moment dat zo'n zwart gat zich als het ware bindt aan een voorbijtrekkende ster en daarmee een röntgendubbelster vormt. Bij dit proces komt een flinke hoeveelheid röntgenstraling vrij. Volgens de onderzoekers heeft dit weinig opgeleverd, omdat het centrum van de Melkweg zo ver weg staat dat dergelijke straling enkel eens in de honderd of duizend jaar sterk en helder genoeg is. Daarnaast is het zoeken naar individuele zwarte gaten lastig omdat die enkel zwart zijn en weinig activiteit vertonen.
Volgens de astronomen kan hun onderzoek veel betekenen voor het onderzoek naar zwaartekrachtgolven, omdat het voor het onderzoek in dit veld belangrijk is om te weten hoeveel zwarte gaten zich bevinden in het centrum van een gemiddeld sterrenstelsel. Eventueel wordt het mogelijk om beter te voorspellen hoeveel zwaartekrachtgolven met zwarte gaten kunnen worden geassocieerd. Het onderzoek is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature, onder de titel 'A density cusp of quiescent X-ray binaries in the central parsec of the Galaxy'.