De iPhone 6 en 6 Plus van Apple hadden wel degelijk moeten worden voorzien van een scherm van saffier. Dat meldt The Wall Street Journal. Productieproblemen bij de inmiddels failliete fabrikant GT Advanced Tech zouden roet in het eten hebben gegooid.
Apple zou slechts 10 procent van het beloofde saffier hebben ontvangen van de fabrikant, schrijft The Wall Street Journal op basis van een intern document. De helft van de blokken saffier die GT Advanced Tech, dat inmiddels failliet is, produceerde zou defect zijn geweest.
Deze zomer ging het gerucht dat Apple saffier zou gebruiken voor de schermen van een nieuwe iPhone. De vingerafdruklezer en camera van de iPhone waren al voorzien van een laagje saffier, dat zeer sterk en vrijwel niet te bekrassen is. Uiteindelijk kregen ook de duurdere varianten van de Apple Watch de beschikking over schermen van synthetisch saffier.
GT Advanced Tech beloofde Apple grotere blokken synthetisch saffier, van ruim 260 kilo, meer dan twee keer zoveel als tot dan toe werd geproduceerd. Daarop leende Apple het bedrijf 493 miljoen dollar, omgerekend 393 miljoen euro, om een fabriek op te zetten. Bovendien kocht Apple voor 500 miljoen dollar een fabriek, die het voor 100 dollar per jaar aan het bedrijf zou verhuren.
Er waren echter flinke problemen met de productie, waardoor GT Advanced Tech uiteindelijk 900 miljoen dollar - omgerekend 717 miljoen euro - uitgaf. Ook waren er flinke problemen met het management: zo werden er te veel medewerkers aangenomen voor het aantal ovens dat er beschikbaar was, waardoor veel werknemers niets te doen hadden. Begin oktober vroeg het bedrijf zijn faillissement aan.
Fouten met de productie van saffier, uit een document van Apple