IBM-onderzoekers zijn erin geslaagd de isolatielaagjes tussen de halfgeleiderverbindingen in chips te vervangen door een vacuüm. Door de ontwikkeling moeten chips zuiniger en sneller worden, met prestatieverbeteringen tot 35 procent bij energiebesparingen van 15 procent.
De vacuümtechniek waar de onderzoekers onder leiding van Dan Edelstein aan gewerkt hebben, werd 'Airgap' gedoopt en moet in 2009 al in chips gebruikt worden. De isolatietechnologie staat daarmee gepland voor een introductie gelijktijdig met het 32nm-productieproces. Met steeds kleiner wordende verbindingen, krijgen chipfabrikanten ook steeds vaker te maken met lekstroom en de bijhorende problemen, waardoor er volop gezocht wordt naar alternatieve isolatiematerialen. Hoewel er al verschillende materialen ontwikkeld zijn die vergelijkbare kenmerken hebben als een vacuüm, blijken deze in de praktijk breekbaar te zijn en zijn ze vaak niet bestand tegen de werkomstandigheden in microchips. IBM is er nu in geslaagd om vacuümruimtes in de chips te vatten door gebruik te maken van bestaande technieken.
De technologie is afgeleid van zogenaamde self-assembling molecules, vergelijkbaar met hoe de schelp van zeedieren laag per laag van binnenuit opgebouwd wordt. Met Airgap worden in eerste instantie de koperverbindingen aangebracht, waarna het tussenliggende materiaal weggehaald wordt. Vervolgens wordt een 'self-assembling molecule'-materiaal - een zogenoemd 'diblock copolymer' - aangebracht, wat tot gevolg heeft dat er verbindingen met een diameter van 20nm ontstaan. Door vervolgens dit materiaal selectief weg te etsen, ontstaat een vacuüm dat in staat moet zijn de verbindingen te isoleren.