De Europese Commissie heeft een zogeheten adequaatheidsbesluit genomen ten aanzien van de Japanse wetgeving op het gebied van privacybescherming. Dat betekent dat persoonsgegevens nu zonder nadere eisen tussen de EU en Japan kunnen worden uitgewisseld.
De Europese Commissie heeft dit adequaatheidsbesluit genomen omdat zij van oordeel is dat Japan een met de EU vergelijkbare mate van bescherming voor persoonlijke data biedt. Het gaat hierbij om de waarborgen die voortvloeien uit de Japanse Act on the Protection of Personal Information. Dit besluit betekent dat persoonsgegevens vanuit de EU, Noorwegen, Liechtenstein en IJsland kunnen worden doorgesluisd naar Japan zonder dat er nadere waarborgen in het leven moeten worden geroepen of anderszins maatregelen ter bescherming van de privacy moeten worden genomen.
Voordat de Commissie dit besluit over Japan nam, heeft het land nog een aantal additionele regels ingevoerd om te garanderen dat de bescherming van overgedragen data vanuit de EU in lijn is met de Europese standaarden. Het gaat bijvoorbeeld over nadere regels over de bescherming van gevoelige data of de voorwaarden op grond waarvan EU-data vanuit Japan mag worden doorgesluisd naar een ander land. Deze aanvullende regels zijn verplicht voor Japanse bedrijven die data vanuit de EU verkrijgen, waarbij de naleving kan worden afgedwongen door de Japanse onafhankelijke databeschermingsautoriteit en rechtbanken.
Verder heeft Japan een mechanisme ingesteld waarmee Europeanen een klacht kunnen indienen over de toegang van Japanse publieke instanties tot de persoonsgegevens. Japan moet deze klachten onderzoeken en oplossen. Tot slot heeft de Japanse overheid de Europese Commissie verzekerd dat Japanse publieke instanties in het kader van de nationale veiligheid of criminaliteitsonderzoeken alleen persoonsgegevens uit de EU mogen raadplegen als dat strikt noodzakelijk is en dit op proportionele wijze gebeurt.
De Commissie heeft eerder al adequaatheidsbesluiten genomen voor onder meer Argentinië, Canada, Israël, Nieuw-Zeeland, Zwitserland, Uruguay en de Verenigde Staten. Voor Canada is het beperkt tot commerciële organisaties en bij de VS is het beperkt tot het Privacy Shield-raamwerk. De Europese Commissie is op dit moment met Zuid-Korea in gesprek om ook voor dit land tot een adequaatheidsbesluit te komen.
De Europese Commissie heeft conform artikel 45 van de algemene verordening gegevensbescherming het recht om te bepalen dat een derde land of organisatie een adequate mate van gegevensbescherming waarborgt, al dan niet via de nationale wetgeving of de internationale verplichtingen waaraan het land of de organisatie zich heeft gecommitteerd. Het Europarlement of de Raad kan op elk moment de Europese Commissie verzoeken om het adequaatheidsbesluit in te trekken of aan te passen. Dit soort adequaatheidsbesluiten zien niet toe op de uitwisseling van data in het kader van rechtshandhaving.
Het adequaatheidsbesluit voor Japan is een aanvulling op de eerder gesloten handelsovereenkomst tussen de EU en Japan, die op 1 februari van kracht wordt. Deze handelsdeal en het adequaatheidsbesluit moeten ervoor zorgen dat bedrijven houvast hebben als ze werken met persoonsgegevens uit elkaars regio's en dat burgers hierbij het vertrouwen hebben dat hun gegevens goed beschermd zijn.