Inleiding
Samengevat
De ASUS ZenWiFi BT10 is een meshset die goed is uitgerust voor draadloos opgestelde satellieten. De software is netjes verzorgd. De webinterface van AsusWRT biedt uitgebreide instelmogelijkheden, terwijl de smartphone-app het instellen voor minder ervaren gebruikers eenvoudiger maakt. Daarbij is het wel zaak goed op te letten waar je de netwerkkabels aansluit: een verkeerde keuze vertraagt de satelliet of kan het hele netwerk ontregelen. De prijs-prestatieverhouding is minder sterk; vergeleken met goedkopere concurrenten, zoals de TP-Link Deco BE65, is de set vrijwel even snel.
In mijn vorige review bekeek ik een betaalbare set van ASUS, de ZenWiFi BD4. De conclusie was dat je de satellieten van die set best draadloos kunt opstellen, maar dan wel veel doorvoersnelheid verliest. Als je de set wel via een achterliggend bedraad netwerk gebruikt, biedt de BD4 goede prestaties voor een keurige prijs.
In dit artikel kijken we naar een zwaarder uitgevoerde ZenWiFi-meshset: de ASUS ZenWiFi BT10. Dit keer beginnen we het artikel met de vraag of een ZenWiFi-set met satellieten die zijn uitgevoerd met een extra radioband en meer radiostreams de meerprijs waard is als je wel kiest voor draadloos opgestelde satellieten. We vergelijken de set met een TP-Link Deco BE65-meshset die ook drie radiobanden heeft maar minder radiostreams. Dat scheelt wat in prijs, maar lever je daarmee veel prestaties in?
We leggen de BT10 het vuur aan de schenen in onze testopstelling en bekijken of de wet van de afnemende meeropbrengst van toepassing is.
:strip_exif()/i/2008023968.jpeg?f=imagenormal)
Hardware
Verpakking en inhoud
De ASUS ZenWiFi BT10 komt in een gebleekte kartonnen doos met een full colour bedrukte omdoos. In de verpakking vinden we de meshsatellieten, verpakt in een goed recyclebaar, ldpe-plastic zakje. De voedingsadapters hebben een vermogen van 36W en een uitgangsspanning van 12V. Verder vinden we in de verpakking een garantieboekje en snelstarthandleiding, en een Cat6-ftp-netwerkkabel. Die laatste is ook verpakt in een ldpe-zakje.
De hoofdnode en satellieten van de BT10 zijn allemaal hetzelfde uitgevoerd. De buitenzijde heeft hetzelfde ontwerp als de overige producten uit de ZenWiFi-productlijn en lijkt dus exact op de BD4 uit onze vorige review. De afmetingen zijn wel anders: de BT10 is iets forser en zwaarder. Aan het paneel met aansluitingen zie je dat dit een zwaardere uitvoering binnen de productlijn is. De BT10 is uitgevoerd met twee 10Gbit-aansluitingen en een 1Gbit/s-ethernetaansluiting, wat voor de hoofdnode prettig is. Zeker bij uitgebreide thuisnetwerken is er vaak wel apparatuur aanwezig die je graag bedraad aansluit, zoals smarthomebridges of een nas. Voor de internetverbinding heb je de keuze om de 1Gbit/s- of 10Gbit/s-aansluiting te gebruiken.
Naast de ethernetaansluitingen vind je de adapteraansluiting en een stroomschakelaar. Daarnaast is er op elke satelliet ook een USB 3.0-aansluiting aangebracht, waarmee je opslagmedia beschikbaar kunt maken op het netwerk. Je kunt er ook een smartphone op aansluiten om een internetverbinding te bieden aan het netwerk als de reguliere aansluiting is uitgevallen.
Aan de voorzijde van elke satelliet is een statusled aangebracht die bij normale werking wit gekleurd is. Als de led storend is, kan deze vanuit de instellingen worden uitgeschakeld.
De ASUS BT10 is gebaseerd op de Broadcom BCM6766, een Wi-Fi 7-soc met een 2GHz snelle Arm-processor met vier kernen, voorzien van 2GB werkgeheugen en 256MB flashopslag. Elke satelliet bevat drie radio's. Op 2,4GHz is de maximaal opgegeven snelheid 688Mbit/s, op 5GHz 5764Mbit/s en op 6GHz 11.529Mbit/s. De 2,4GHz-band werkt met twee streams; de andere twee banden ondersteunen 4x4 mimo.
De snelheid die op 5 en 6GHz wordt geadverteerd, haal je niet met clients die over twee streams beschikken. De werkelijke snelheid die je daar kunt halen, is ongeveer de helft. Voor draadloze verbindingen tussen twee satellieten geldt dat niet; die kunnen alle streams gelijktijdig inzetten, afhankelijk van de op dat moment geldende backhaulconfiguratie.
Installatie en software
AsusWRT is fijne software waarvan ik de instelmogelijkheden steevast prijs. Toch is de software niet helemaal vrij van kleine rariteiten die aardig wat negatieve impact kunnen hebben op de werking.
Bedrade satellieten moeten worden aangesloten via de wanaansluitingen op de satelliet. Dat is niet erg intuïtief. Iemand met netwerkervaring zou waarschijnlijk eerder de lanaansluiting gebruiken, omdat je de satelliet wilt koppelen met het interne netwerk. Doe je dat, dan zijn de gevolgen groot. De set herkent in dat geval niet dat er een bedrade verbinding is aangesloten die de router bereikt en verbreekt de draadloze backhaul daarom niet. Zo ontstaan twee paden naar de router, met als resultaat een broadcaststorm die over het hele netwerk merkbaar is en zoveel packet loss veroorzaakt dat de internetverbinding wegvalt.
Dat alles is te voorkomen door de handleiding te lezen, want daarin staat dat je de blauwe wanpoorten moet gebruiken. Dat betekent dat deze valkuil waarschijnlijk juist tweakers met netwerkervaring treft, waaronder ondergetekende. Die pakken het boekje vaak pas erbij als alle zelfbedachte pogingen tot een oplossing zijn gestrand.
Lees je de handleiding wel zorgvuldig en weet je daardoor dat je de wanpoorten moet gebruiken, dan ligt het voor de hand om de eerste, meest linker aansluiting te kiezen. Helaas is dit nu net de 1Gbit/s-aansluiting, die de maximale draadloze prestaties sterk beperkt. De juiste aansluiting is de middelste van de drie, die is gelabeld als wan, maar ook 10Gbit/s ondersteunt.
Er is dus maar één ethernetaansluiting die je echt wilt gebruiken op de satellieten; de overige keuzes leiden tot prestatieverlies of instabiliteit. Met dat in het achterhoofd zou het handig zijn geweest als ASUS de middelste poort een aparte kleur of opschrift had gegeven als 'mesh-uplink', of automatische detectie had toegepast op de poorten, zoals we dat bij de Deco-meshsets zien.
Terug naar AsusWRT. De functies van deze firmware zijn uitgebreid, en dat geldt ook voor de
instellingsmogelijkheden. AsusWRT biedt ondersteuning voor vpn, zowel server als client. Ook ouderlijk toezicht en netwerkbeveiliging zijn standaard onderdeel van het pakket. Beide functies leunen voor de werking op de cloud van Trend Micro, wat betekent dat je gegevens deelt met dit bedrijf als je de functies gebruikt. In tegenstelling tot sommige andere fabrikanten vereisen zowel ouderlijk toezicht als netwerkbeveiliging geen abonnement.
Zoals aan het begin van dit hoofdstuk al genoemd is, zijn de instelmogelijkheden van de firmware goed. Als je minder ervaring hebt met het instellen van netwerkapparatuur vormt dat geen probleem: de webinterface helpt je door de belangrijkste stappen heen met een instelwizard. Het is ook mogelijk de set in te stellen via een smartphoneapp. Die maakt het instelproces, voor beginners, nog eenvoudiger.
Testopstelling
Om wifirouters en meshsets objectief te kunnen testen, hebben we een wifitestopstelling met bijbehorende apparatuur en een vast testprotocol. We testen de routers in een kooi van Faraday om externe invloeden uit te sluiten. In deze kooi onderwerpen we de apparatuur aan ons testprotocol dat we zelf ontwikkeld hebben. We gebruiken daarbij Spirent-apparatuur om de omstandigheden na te bootsen die nodig zijn voor de verschillende testscenario's.
Met deze opstelling kunnen we de prestaties van het clientnetwerk van een router, meshset of accesspoint meten, zoals de omgang met demping en ruis. Daarnaast testen we de prestaties van de backhaulverbinding tussen accesspoints of meshsatellieten. Zo krijgen we een compleet beeld van de geteste apparatuur.
Meer over de testopstelling en de scenario's die we hiermee testen, lees je hier. Als je liever video kijkt, kun je ook de onderstaande video bekijken.
Testresultaten: backhaulprestaties
We zetten de testresultaten van de ASUS ZenWiFi BT10 af tegen die van de ZenWiFi BD4-meshset die we in de vorige review bespraken. Om de resultaten in context te plaatsen, vergelijken we ze ook met de prestaties van de TP-Link Deco BE65-meshset. Het belangrijkste verschil tussen beide sets is dat de BE65 op alle banden twee radiostreams ondersteunt, terwijl de BT10 op 5GHz en 6GHz vier streams biedt. Voor draadloze backhaulcommunicatie zou dit een voordeel moeten zijn ten opzichte van de BE65. Een verpakking met drie Deco BE65-satellieten kost op het moment van schrijven ongeveer 530 euro. Dat is 170 euro minder dan drie BT10-satellieten.
Doorvoersnelheid − Maximale backhauldoorvoer over één en twee satellieten
In dit scenario testen we de overdrachtsnelheid van de backhaul tussen de satellieten. We meten de snelheid tussen de router en de eerste satelliet, en tussen de router en de tweede satelliet, die draadloos is verbonden met de eerste.
Router en eerste satelliet
De resultaten die we hier zien bevestigen de conclusie van de vorige review: het loont om meer te investeren in een meshset als prestaties tellen en de satellieten enkel draadloos kunnen worden opgesteld. Tussen de Deco BE65 en ZenWiFi BT10 is het verschil kleiner. In de downlinkrichting, van de router naar de satelliet, zijn beide sets vrijwel even snel. In de andere richting kantelt dat beeld en presteert de BT10 wat minder dan de BE65, met een verlies van ongeveer 750Mbit/s aan doorvoersnelheid.
Router en tweede satelliet
Bij verkeer via een tussenliggende satelliet moet de radiotijd worden gedeeld door de middelste node. Dat halveert de snelheid, wat we bij alle drie de sets terugzien. De slechte uplinksnelheid komt hier opnieuw naar voren in de resultaten: de BE65-set presteert in beide richtingen duidelijk stabieler dan de BT10.
Bereik − Backhaul: range versus rate
Tussen twee satellieten
- Downlink – Node 2 ➜ Node 1
Het bereik tussen twee nodes lijkt in het voordeel van de ASUS-set. Zodra de demping in onze opstelling oploopt tot 21dB, meten we bij de BT10 een hogere doorvoersnelheid. Die betere prestaties zijn goed te verklaren door het grotere aantal radiostreams. Daardoor kan onder slechtere omstandigheden een sterkere backhaulverbinding worden opgezet, bijvoorbeeld door de inzet van beamforming. Bij deze demping biedt de BT10 ongeveer twee keer zoveel doorvoersnelheid als de goedkopere BD4.
Tussen drie satellieten
- Downlink – Node 3 ➜ Node 2 ➜ Node 1
Als we de satellieten steeds verder uit elkaar plaatsen, zien we dat de BT10 in bijna alle metingen de hoogste doorvoersnelheid blijft leveren. Tegelijkertijd blijft de BE65-set de BT10 dicht volgen. Over het geheel genomen ontlopen de sets elkaar niet sterk in de backhaulsnelheid die ze onder minder zware omstandigheden behalen. Zodra het bereik echt slecht wordt door stevige demping, laat de BT10-set opnieuw zien dat hij dan nog een duidelijk verschil kan maken door het gebruik van meer radiostreams.
Testresultaten: clientprestaties
Maximale clientdoorvoer over één, twee en drie hops
In deze test meten we de maximale doorvoer die je kunt halen met een client die is verbonden met het meshnetwerk. We meten de doorvoer direct op de router en via de satelliet over de backhaulverbinding.
5GHz
- 5GHz – Downlink
- 5GHz – Uplink
In de vorige review voegden we een extra test toe waarin we de eerste node van een meshset zowel met als zonder gekoppelde meshsatellieten testten. Een actieve draadloze backhaul heeft veel invloed op de clientprestaties van goedkopere meshsets. Bij de BT10 hebben we de invloed op dezelfde manier getest als bij de BD4. In de resultaten zien we dat een actieve draadloze backhaul ook invloed heeft op de prestaties van de BT10, maar in mindere mate. De clientprestaties op de hoofdnode zijn bij de BT10 erg netjes. Vergeleken met de Deco BE65 levert de set ongeveer 400 tot 600Mbit/s extra doorvoer.
De resultaten van de bedrade BD4 laten ook zien dat het vrijwel alleen zin heeft om in duurdere sets te investeren als je ze draadloos gebruikt. De bedrade prestaties van de satelliet komen dicht in de buurt van die van de BT10, terwijl drie BD4-satellieten minder kosten dan één BT10-satelliet.
Zodra je verder in het netwerk komt en verbinding maakt met draadloos opgestelde satellieten, verandert dat beeld. De Deco weet clients op draadloze satellieten van een hogere doorvoersnelheid te voorzien dan de BT10. De tragere uplinkverbinding die de BT10 liet zien in de backhaultest lijkt weinig invloed te hebben op de clientprestaties, maar de BE65 presteert op deze band duidelijk iets beter.
2,4GHz
- 2,4GHz - Downlink
- 2,4GHz - Uplink
Op 2,4GHz zien we dat de Deco BE65 veel snelheid verliest op draadloos verbonden satellieten. De set lijkt hier te kiezen voor een kanaalbreedte van 20MHz, terwijl de ZenWiFi-set onder de ideale omstandigheden van onze testopstelling kiest voor 40MHz. Voor het bereik van deze band is 20MHz een betere keuze: je ruilt doorvoersnelheid in voor iets meer bereik, wat op deze band juist belangrijk is. De BT10 laat toe om de kanaalbreedte vast te zetten, zodat je deze afweging zelf kunt maken.
Invloed van ruis
In onze routertest zetten we het wifikanaal vast, zodat we precies kunnen zien hoe een router omgaat met ruis als er geen uitweg is. Meshsets bieden die optie meestal niet, maar de ZenWiFi vormt hier een uitzondering. Welk kanaal de backhaul gebruikt is niet in te stellen, maar het kanaal van het clientnetwerk wel.
Het nadeel daarvan is dat de prestaties niet goed te vergelijken zijn met die van de BE65, die het kanaal alleen automatisch kan instellen. Daardoor is het voor ons lastiger om ruis exact op het juiste kanaal uit te zenden: de meshset kan de ruis eenvoudig ontwijken.
Wel kun je sets met automatische kanaalkeuze storen door de pijlen te richten op 5GHz, en dan vooral op de dfs-frequenties boven kanaal 100. Veel sets gebruiken dat deel van het spectrum voor backhaulcommunicatie.
In de ruistest zien we dat ruis op 5GHz invloed heeft op het netwerk van de BT10; daar verliest de set wat doorvoer en wordt de doorvoersnelheid minder stabiel. De BE65 gebruikt duidelijk de dfs-band op 5GHz voor de backhaul. Die verbinding valt weg, waardoor de client geen resultaten registreert. Op 2,4GHz heeft de ruis geen invloed op de sets, maar zien we wel dat de doorvoersnelheid van de BT10 en BE65 wat instabieler is dan die van de BD4-set. Die laat, op een kleine dip na, ten opzichte van de duurdere sets een minder snel, maar wel zeer stabiel resultaat zien.
Energiegebruik
We hebben het energiegebruik van de meshset gemeten. Dat doen we apart voor de router en de satelliet, omdat het verbruik kan verschillen door functionaliteit. We meten beide in rust, terwijl ze onderling verbonden zijn en op een redelijke afstand van elkaar staan. We observeren het opgenomen vermogen gedurende één minuut en noteren daarvan het gemiddelde als meetresultaat.
- Opgenomen vermogen router
- Opgenomen vermogen satelliet
De BT10-meshset is niet de zuinigste die we hebben gemeten. Het verbruik loopt wel in lijn met vergelijkbare, zware meshsets. Als je een verpakking van drie stuks installeert, ben je daardoor per jaar 55,94 euro aan energiekosten kwijt bij een gemiddelde kWh-prijs van 25 cent.
Conclusie
De ASUS ZenWiFi BT10 is een krachtige meshset die laat zien dat het loont om meer te investeren in een meshset als de satellieten draadloos worden opgesteld. Tegelijkertijd laten de resultaten zien dat de vier radiostreams weinig toevoegen ten opzichte van een set met twee streams. Weet je dat je de set inzet in een omgeving waar de verbinding tussen de satellieten soms erg slecht kan zijn, dan is het de moeite waard om de BT10 te verkiezen boven de BE65. In andere situaties zou vooral persoonlijke voorkeur of de behoefte aan uitgebreide instelmogelijkheden de extra uitgave moeten rechtvaardigen.
Heb je goede netwerkbekabeling in huis, dan betaalt die zich bij de aanschaf van een meshset dubbel en dwars terug; de resultaten onderstrepen dat opnieuw. Bij een bekabelde verbinding presteren goedkopere sets vanuit het perspectief van de client vrijwel even goed.
In de basis is de BT10 een solide presterende set, maar de technische voorsprong komt pas echt tot zijn recht wanneer de omstandigheden uitdagend zijn. Voor een volledig bekabeld netwerk bieden goedkopere sets een vergelijkbare praktijkervaring tegen een fractie van de kosten.
Redactie: Olaf Weijers • Testlab: Niels van der Waa • Eindredactie: Monique van den Boomen