OnePlus heeft eerder deze week het downgraden en flashen van smartphones in de nieuwste versie van zijn ColorOS-firmware onmogelijk gemaakt. Daarmee verwijdert het bedrijf, dat al langer meer focuste op de mainstream, het laatste beetje techliefhebbersspirit uit zijn merk. Dat is geen toeval, maar inmiddels traditie voor dit soort merken.
OnePlus is bepaald niet het eerste merk dat zich in zijn eerste fase presenteert als merk voor echte enthousiastelingen. In het verleden zijn er veel van dat soort merken geweest, zoals HTC, OPPO, Xiaomi en Motorola, en Google had zijn Nexus-telefoons. Deze merken beloofden vaak 'veel telefoon voor weinig', met vlotte hardware voor scherpe prijzen. Ook maakten ze vaak gebruik van stock-Android of een skin die daaraan deed denken, zoals OnePlus' OxygenOS.
Teleurstellende transformaties
Inmiddels zijn deze merken nog maar een schim van wat ze vroeger waren. HTC maakt bijna geen telefoons meer, Motorola is sinds de overname door Lenovo vooral gefocust op low-end en midrangesmartphones, de Google Nexus-telefoons zijn vervangen door de Google Pixel-lijn en Xiaomi en zeker OPPO zijn zich duidelijk meer gaan concentreren op de mainstream.
De OPPO Find 5 uit 2013 kostte bij zijn introductie 399 euro in Europa; omgerekend naar 2026 is dat ongeveer 559 euro. De nieuwste high-end telefoon van het Chinese merk, de Find X9, kwam eind vorig jaar uit voor 999 euro. De Pro-versie kost bovendien 300 euro meer.
Ook de OnePlus 15 heeft een tamelijk standaard prijs van 899 euro, terwijl het bedrijf vroeger juist flagshipkillers leverde als de OnePlus 3. Die gaf voor 400 euro (539 euro met inflatie) een stock-Android-ervaring, een high-end Snapdragon 820-soc en, toen nog totaal ongehoord, 6GB werkgeheugen. Dat merk schrapte bovendien de zeer geliefde alertslider ten faveure van een knop waarmee gebruikers OnePlus eigen AI kunnen oproepen. Xiaomi levert weliswaar nog altijd telefoons tegen een scherpe prijs, maar om dat te kunnen doen moet de Chinese fabrikant advertenties tonen en bloatware installeren.
Ook op softwarevlak houdt de belofte van enthousiastelingenmerken niet vaak stand. Die beloven vaak een schone ervaring die doet denken aan stock-Android. OnePlus begon bijvoorbeeld zo met OxygenOS, maar inmiddels is de fabrikant over op ColorOS, dat nog weinig te maken heeft met stock-Android.
Of wat te denken van de stappen van Nothing van oud-OnePlus-ceo Carl Pei? Dat beloofde bij zijn introductie ook een schone Android-ervaring, maar introduceerde al voorgeïnstalleerde Meta-apps en lockscreenadvertenties. Het bedrijf krabbelt tot nu toe altijd in bepaalde mate terug, door de Meta-apps verwijderbaar te maken en de lockscreenadvertenties alleen op de 3a Lite te behouden, maar de intenties zijn duidelijk.
Het is inmiddels een patroon te noemen en dat is niet vreemd. Techliefhebbers, tweakers als je wilt, zijn een goede groep consumenten om je op te richten als je een merk van de grond probeert te krijgen. Ze zijn over het algemeen minder gevoelig voor marketingpraatjes en gaan meer af op specificaties. Daarnaast zijn ze niet merkgebonden, waardoor ze niet zo snel een merk kopen 'omdat ze dat altijd hebben'. Verder zijn tweakers vaak goed voor de mond-tot-mondreclame: veel liefhebbers staan ook in hun vriendenkring zo bekend en zijn daarom regelmatig adviesgevers voor mensen die op zoek zijn naar een nieuwe smartphone of ander techproduct.
Voor een dubbeltje op de eerste rang
Veel van de eigenschappen die liefhebbers liefhebbers maken, zorgen er echter ook voor dat deze groep op de lange termijn een moeilijke groep is om je gehele verdienmodel op te bouwen. Op een heel basaal niveau is er al een schaalprobleem: er zijn maar weinig mensen die bij het kopen van een telefoon meteen vragen naar de specsheet en alle belangrijke details meteen snappen. Zeker bij massaproducten als smartphones waar de grootste fabrikanten zulke schaalvoordelen hebben, is de doelgroep simpelweg te klein.
Verder zorgt de kritische houding van deze groep consumenten er ook voor dat de marges flinterdun zijn. Liefhebbers eisen de krachtigste hardware voor een zo laag mogelijke prijs. De soc is een relatief duur onderdeel van een smartphone, terwijl een gemiddelde gebruiker er weinig naar kijkt. Maar enthousiastelingen begrijpen hoe belangrijk dit onderdeel is en weten de socs ook goed uit elkaar te houden. Ook in marketingpraatjes trappen liefhebbers niet vaak, waardoor je er niet mee wegkomt om vier camera's te beloven, terwijl twee daarvan een diepte- en kleurensensor zijn. En als je als merk voor enthousiastelingen een keertje de plank misslaat of een ander bedrijf een beter aanbod heeft? Jammer, misschien tot de volgende smartphone – of niet, als die niet veel beter is.
Komen er nieuwe merken?
Het zorgt ervoor dat deze bedrijven zich genoodzaakt voelen om hun klanten van het eerste uur uiteindelijk te 'verraden'. Dat is voor de liefhebbers jammer, maar voor de bedrijven gezien alle eerdergenoemde punten logisch. Voor enthousiastelingen was er bovendien lange tijd een nieuw merk dat in het gat sprong, maar dat lijkt langzaam te veranderen. Onder meer LG en HTC zijn al uit de markt gestapt en ook bedrijven als ASUS, Acer, Sony en Nokia-moederbedrijf HMD Global hebben het overduidelijk lastig.
Dat maakt de markt nog geconcentreerder en zorgt voor nog meer schaalvoordeel voor de grote spelers, waardoor het voor instappende bedrijven erg lastig is. Het is daarom nog maar de vraag of het in het geheel nog mogelijk is om flagshipkillers te maken, of dat de aankondiging van OnePlus in feite ook het afscheid van 'liefhebbersmerken' betekent.
Waarom wisselen liefhebbersmerken uiteindelijk altijd naar de mainstream?
Redacteur smartphones
Arnoud: "Het is ontzettend moeilijk om in de verzadigde smartphonemarkt indruk te maken als nieuw merk. Het is heel logisch om de techliefhebbers als springplank te gebruiken. Ze zijn actief online, vocaal in wat ze willen en het levert bovendien onmiddellijk veel aandacht op in techmedia. Als je geen geld kunt uitgeven aan grote billboards en dure tv-reclames, moet je het hebben van fans en mond-tot-mondreclame.
Maar de smartphonemarkt is ongelofelijk concurrerend. Vooral als je geen dure telefoons verkoopt, zijn marges klein. Daarom is het geen survival of the fittest maar survival of the biggest. Er bestaan nichespelers, maar die kunnen vaak niet goed concurreren op prijs tegen giganten als Samsung, Xiaomi, Apple en OPPO.
Ondanks alle mooie praatjes is het goed om te bedenken dat de smartphonemarkt geen plek is voor idealisme, maar voor kapitalisme. Alleen Fairphone zit in de smartphonemarkt om de wereld beter te maken; de rest wil overleven en liefst wat geld verdienen. Zelfs als ze oprecht zijn in het maken van telefoons voor echte techliefhebbers, zorgt de economische realiteit in de smartphonemarkt ervoor dat het geen manier is om op langere termijn te blijven bestaan."
Redactie: Imre Himmelbauer • Eindredactie: Marger Verschuur
:strip_exif()/i/2007972624.jpeg?f=imagenormal)