De Nederlandse Autoriteit Persoonsgegevens ontving fors meer geld dan begroot, waardoor zij ruim 60.000 euro moest terugbetalen aan het ministerie van Justitie en Veiligheid. Dat blijkt uit het jaarverslag. De toezichthouder ontving in 2025 opnieuw meer klachten en signalen over potentiële misstanden. Die wist de organisatie niet allemaal af te handelen.
De AP ontving in 2025 in totaal 57,44 miljoen euro, 7,67 miljoen euro meer dan verwacht. Het grootste deel daarvan, zo'n 56,43 miljoen euro, kwam van het ministerie van Justitie en Veiligheid. De toezichthouder gaf 54,16 miljoen euro uit, 4,33 miljoen meer dan was begroot. Dat kwam voornamelijk door de inhuur van extern personeel.
Onder de streep houdt de AP zo'n 3,28 miljoen euro over. Hiervan gaat ruim 2,13 miljoen euro naar een bestemmingsfonds. De AP zegt dit geld nodig te hebben om toezicht te houden op de Digital Services Act en in de toekomst toezicht te houden op de AI-verordening.
De organisatie stort verder zo'n 1,15 miljoen euro in de 'egalisatiereserve', een buffer om schommelingen in de toekomst op te vangen. Daarmee heeft de egalisatiereserve het toegestane maximum bereikt. Daardoor moet de AP het resterende bedrag, 60.335 euro, terugbetalen aan het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Bijna 2000 klachten blijven onbehandeld
De Autoriteit Persoonsgegevens wist vrijwel alle signalen te behandelen. Dit zijn tips en aanwijzingen over mogelijke misstanden, die de AP sinds 2025 als aparte categorie opneemt. Slechts 47 van de 6052 signalen liggen nog bij de toezichthouder. Het aantal behandelde klachten bedroeg 5552, bijna 2000 minder dan het aantal klachten dat binnenkwam. In 2024 ontving de AP 7119 klachten en signalen en handelde zij er 7634 af, waaronder klachten die al vóór 2024 waren ingediend.
De AP schrijft dat ze door de toename in klachten en signalen andere keuzes moet maken en efficiënter moet omgaan met de tijd. Zo neemt de toezichthouder sneller telefonisch contact op met mensen en organisaties om uit te leggen wat de AP voor hen kan doen. Daarnaast doet de AP steeds vaker 'toezichtbezoeken' om situaties in één keer te bespreken en op te lossen. Desondanks lopen de wachttijden op, waarschuwt de organisatie.
Ook meer meldingen van datalekken
Ook het aantal gemelde datalekken en dataleksignalen steeg. In 2024 ontving de Autoriteit Persoonsgegevens 37.839 datalekmeldingen; vorig jaar waren dat er 44.374. In 2025 ontving de AP 1376 dataleksignalen, een categorie die ze in 2024 niet apart bijhield.
Volgens de toezichthouder komt de stijging onder meer doordat het aantal bulkmeldingen toeneemt, waarmee een organisatie meer datalekken in één keer meldt. De AP zegt dat zij de mogelijkheden hiervoor heeft verruimd en meer organisaties bulkmeldingen laat doen.
Update, 14.34 uur – Het artikel is aangevuld met details over de inkomsten en uitgaven van de AP.