Wetenschappers van de TU Delft hebben een methode ontwikkeld om te analyseren wat zich binnen nanolasers afspeelt. Omdat kleine veranderingen in nanolasers relatief grote effecten kunnen hebben, is de vinding van belang voor fotonica.
De verwachting is dat fotonica in de toekomst een grote rol gaat spelen. Door licht in plaats van elektronen te gebruiken voor de communicatie op chipniveau, kunnen componenten kleiner, zuiniger en sneller worden. Als lichtbronnen kunnen nanolasers dienen. Die bestaan uit licht-uitzendend materiaal en zijn vaak niet groter dan de golflengte van het licht, zo'n 500 tot 800 nanometer.
Het probleem is dat ze omringd zijn door metaal, waar wetenschappers niet doorheen kunnen kijken. Voor onderzoek is het wel van belang om te kunnen analyseren wat zich in de nanolasers afspeelt, omdat de positie van het materiaal binnen de laser van invloed is op de efficiëntie.
"Wetenschappers zijn tot nu toe afhankelijk van de output van de laser, maar zien niet de oorzaak van fluctuaties. De nanolaser was in feite een zwarte doos", vertelt Jacob Hoogenboom van Imaging Physics, een afdeling van de Delftse Faculty of Applied Sciences, aan Tweakers. Samen met zijn team gebruikt hij een elektronenbundel om het materiaal in de nanolaser aan te slaan.
"We hebben hiervoor een lichtmicroscoop in een elektronenmicroscoop geplaatst. Met de elektronenmicroscoop kunnen we veel kleiner focussen dan met licht. We schieten hiermee pulsjes elektronen in het gebied van 15 nanometer in de laser, waarbij de snelheid van de elektronen bepalend is voor de diepte waarmee we het materiaal binnendringen. De elektronen slaan het fosformateriaal aan om licht te genereren, vergelijkbaar met hoe de elektronenbuis van oude tv's oplicht. Vervolgens meten we hoe lang het duurt voor het licht uit de nanolaser komt. Dat doen we met een fotondetector."
Waar het relatief lang duurt voordat de fotonen gedetecteerd worden, wil je in het ontwerp van een nanolaser geen materiaal plaatsen. Door nanolasers zo te analyseren, ontdekten de wetenschappers bovendien dat een verschil van slechts 50 nanometer in de diameter van de laser voor grote variaties in werking van de lasers kan leiden. "Dit kan onderzoekers helpen bij het ontwerpen en maken van efficiënte nanolasers. We weten nu hoe belangrijk het is om actief materiaal heel precies te positioneren, en we zien ook dat de grootte van de laser van cruciaal belang is."
De onderzoekers publiceren hun werk in een artikel met de naam Nanoscale Imaging of Light-Matter Coupling Inside Metal-Coated Cavities with a Pulsed Electron Beam in de wetenschappelijke publicatie Nano Letters.
Afbeeldingen via de American Chemical Society.