Body en bediening
Groot en stevig
De body van de Eos 50D maakt duidelijk dat we hier te maken hebben met een semi-professionele dslr. De behuizing bestaat uit een chassis van roestvast staal, polycarbonaat en glasvezel, terwijl de buitenste schil gemaakt is van een magnesiumlegering. De camera voelt zeer stevig en stijf aan en kan een stootje hebben. De Eos 50D ligt lekker in de hand en boezemt vertrouwen in. De Eos 50D is niet waterdicht vanwege het ontbreken van rubberen afdichtingen bij de naden, maar doordat de geheugenkaart- en batterijcompartimenten een afdichting hebben van dun schuimrubber kan de camera enige regendruppels en zand of stof wel verdragen.
Ook de bediening van de Eos 50D is gericht op de gevorderde gebruiker. Zo is onder meer voorzien in een 'af-on'-knop voor het loskoppelen van het scherpstellen en de ontspanknop. De '*'-knop voor het vastzetten van de belichtingswaarde is rechts van de af-on-knop geplaatst, terwijl de knop voor de selectie van het de autofocuspunten daar weer rechts van een plek heeft gevonden. Deze laatste twee fungeren ook als respectievelijk in- en uitzoomknop bij het bekijken van foto's. De drie knoppen zijn relatief klein.
Dat geldt ook voor de knoppen bovenop bij de lcd, die de belangrijkste instellingen weergeeft. Met deze knoppen, die naar ons gevoel iets te bol zijn om lekker te bedienen, kunnen onder meer belichtingsmeting, witbalans, autofocusmodus, drive-stand, iso-waarde en belichtingscompensatie worden ingesteld. Handig is dat met elke knop twee instellingen zijn aan te passen via respectievelijk het voorste instelwiel en het grote verticale draaiwiel aan de achterkant.
Dat draaiwiel is overigens een genot om mee te werken. Menu-items zijn trefzeker te selecteren en via de ok-knop in het midden kan de selectie bevestigd worden. Daarentegen is de d-pad, die in acht richtingen kan bewegen, niet alleen voor onze - toch niet al te kleine - handen iets te ver naar links geplaatst. Ook werkt de d-pad niet lekker: hij moet erg ver gekanteld worden om de beweging te registreren. Daardoor kan je ook per ongeluk in het midden drukken, zodat het Quick Control-menu wordt geactiveerd.
In dit menu toont de lcd de belangrijkste instellingen zoals sluitertijd, diafragma en witbalans, en deze zijn hier ook eenvoudig aan te passen. Een dergelijk systeem wordt ook gebruikt door Pentax en Sony. Een aangepaste versie hiervan wordt getoond als de nieuwe Creative Auto-stand met de modusknop is geselecteerd. Deze modus is meer voor de beginnende dslr-gebruiker waarbij via sliders kan worden gekozen voor lichte of donkere foto's, en een wazige of juist scherpe achtergrond. Om ruimte voor de Creative Auto-stand te maken, heeft een van de drie custom-standen van de 40D het veld moeten ruimen en blijven er nog twee over.
Met het Quick Control-menu kan ook eenvoudig een andere Picture Control worden gekozen. Canon heeft hiervoor ook een knop onder de 3"-lcd ingericht. Het menu, en dan met name de C.Fn-instellingen, is voor een niet-Canon-gebruiker op het eerste gezicht wat verwarrend door de twee rijen met cijfers onderaan, maar dat went snel genoeg.
Ergerlijk is dat je na het nemen van een foto eerst op de play-knop moet drukken voordat je kan inzoomen. Bij de preview, die direct na het afdrukken kort verschijnt, is zoomen niet mogelijk. Ook wordt een seconde lang eerst een foto met een lage resolutie op de lcd getoond, waarna deze vervangen wordt door een 'full resolution'-variant.
Volgende pagina (Iso-prestaties en witbalans - 4/6)
