De Nederlandse reclassering gebruikt algoritmes op een 'onverantwoorde manier'. Dat oordeelt de Inspectie Justitie en Veiligheid. De belangrijkste algoritmes van die dienst bevatten fouten die negatieve gevolgen voor de maatschappij kunnen hebben.
De reclassering moet die tekortkomingen snel wegwerken of dat algoritme tijdelijk stilleggen, schrijft de Inspectie JenV. Het gaat met name om het OxRec-algoritme. Het wordt gebruikt om te voorspellen hoe groot de kans is dat een verdachte of veroordeelde opnieuw een delict pleegt. Er zaten al sinds de introductie in 2018 fouten in: er waren formules voor gevangenen en verdachten verwisseld en verkeerde getallen gebruikt.
Het algoritme maakte daardoor foute inschattingen, schrijft de Inspectie JenV. In bijna een kwart van de gevallen gaat dat verkeerd. Meestal wordt het risico dan te laag ingeschat, vooral bij drugsgebruikers en mensen met ernstige psychische aandoeningen. De inspectiedienst heeft niet onderzocht hoe vaak de verkeerde adviezen daadwerkelijk zijn overgenomen door rechters en reclasseringsmedewerkers.
Hetzelfde algoritme bevat ook 'variabelen die kunnen leiden tot discriminatie', zoals een 'buurtscore' en de hoogte van het inkomen van de verdachte of veroordeelde. De fouten zijn jarenlang onopgemerkt gebleven, omdat de reclassering niet genoeg stuurt op het gebruik en het onderhoud van de algoritmes.
De reclassering heeft intussen laten weten dat zij verbetermaatregelen zal nemen. Het gebruik van het OxRec-algoritme wordt tijdelijk stopgezet. De reclassering benadrukt ook dat het OxRec-algoritme slechts een hulpmiddel is; uitkomsten van het algoritme worden gebruikt als onderdeel van een compleet advies. De Inspectie JenV wil iedere zes maanden van de reclassering weten hoe ver die dienst is bij het doorvoeren van de nodige verbeteringen.