In 2025 werd er voor het eerst in de geschiedenis van het moderne stroomnet wereldwijd meer elektriciteit uit hernieuwbare bronnen opgewekt dan uit steenkool. Zonne-, wind- en waterkrachtenergie waren goed voor 33,8 procent van de wereldwijde stroom, ofwel 10.730TWh.
Ter vergelijking: in 2025 werd nog 33 procent van de elektriciteit opgewekt met steenkool. Dat is grofweg 10.476TWh aan stroom, aldus denktank Ember. Die stijging zou vooral te danken zijn aan de toename van zonnestroom.
De vraag naar stroom steeg namelijk met 849TWh, waarvan 75 procent door extra zonnepanelen werd opgevangen. De overige extra elektriciteitsbehoefte werd door nieuwe windmolens gecompenseerd. Ember rekent voor deze vergelijking andere energiebronnen, zoals nucleaire energie, bio-energie en geothermische energie, ook tot deze categorie, al hebben die bronnen een zeer klein aandeel in het geheel van de groei voor extra stroombehoefte.
In 2025 haalden zonne-energie en windenergie ondanks de zeer sterke groei nog net niet nucleaire energie in. Deze drie energiebronnen waren ieder goed voor tussen de 2700 en 2800TWh. Vanwege de sterke groei van zonne- en windstroom is het vrijwel zeker dat die twee bronnen nucleaire energie in 2026 inhalen.
Steenkoolgebruik is uit
Tegelijkertijd daalde de hoeveelheid met fossiele brandstoffen opgewekte stroom met een klein beetje, namelijk 38TWh, ofwel 0,2 procent. Dat getal daalde voor het eerst sinds de pandemie in 2020 en voor de vijfde keer deze eeuw.
Specifiek zijn China en India vooral verantwoordelijk voor de daling van de vraag naar fossiele brandstoffen. Voor de eerste keer deze eeuw ging in deze landen de vraag naar deze brandstoffen omlaag. Dat haalde de totale vraag naar stroom uit fossiele brandstoffen naar beneden.
/i/2008138732.png?f=imagenormal)