Encyclopædia Britannica en dochterbedrijf Merriam-Webster klagen OpenAI aan. Ze stellen dat ChatGPT content van de encyclopedie en het woordenboek steelt en verkeer naar hun websites kaapt. Ze eisen dat OpenAI daarmee stopt en een schadevergoeding betaalt.
ChatGPT lift gratis mee op de 'vertrouwde, hoogwaardige content' van Encyclopædia Britannica en Merriam-Webster en kaapt het verkeer naar de eigen sites van de encyclopedie en het woordenboek, stelt Encyclopædia Britannica. Het bedrijf ziet een belangrijk verschil met zoekmachines, die alleen doorlinken naar externe websites en daardoor kliks genereren voor die websites.
ChatGPT doet dit niet, omdat gebruikers het antwoord direct in de chatbot lezen. OpenAI zou zonder toestemming of betaling op grote schaal content kopiëren van de aanklagers en van andere sites om het model te trainen en de kennisbank te vergroten. Encyclopædia Britannica hekelt ook hallucinaties en halve antwoorden, waarbij de chatbot verwijst naar de encyclopedie of het woordenboek als bron. Daardoor kan het lijken alsof de hallucinaties of halve antwoorden van die bronnen komen, terwijl ze van ChatGPT komen.
Het is niet duidelijk hoeveel schadevergoeding Encyclopædia Britannica van OpenAI eist. Het is zeker niet voor het eerst dat een bedrijf een chatbotmaker aanklaagt voor het gebruiken van content. Ook is dit een belangrijk vraagstuk rondom AI dat nog niet is opgelost. Chatbots worden immers getraind op content van derden en nemen verkeer af van die websites. Die websites missen daardoor inkomsten en lopen het risico te verdwijnen.
Maar als die websites zijn verdwenen, krijgt de chatbot uiteraard geen nieuwe content meer van die bron. Het is dan ook in het belang van chatbotmakers dat externe websites een vergoeding krijgen, al willen bedrijven als OpenAI hiervoor natuurlijk ook niet te veel betalen. OpenAI zegt tegen Reuters dat zijn modellen 'innovatie versterken, getraind zijn op publiek beschikbare data en gegrond zijn in fair use'.
/i/2008016042.png?f=imagenormal)