Weet je ik vind het altijd leuk dat mensen woorden van juristen aanhalen van theoretische situaties, in de praktijk klopt hier simpelweg geen zak van.
Je kan heel hoge pet opzetten over "kennelijke vergissingen" maar in de praktijk is het zo dat niemand je kan dwingen om iets te verkopen, er is geen enkele vorm van juridische grondslag of jurisprudentie om dit te ondersteunen. De enkele gevallen die voor de rechter zijn geweest zijn allemaal afgeschoten.
Nergens in het burgerlijk wetboek staat dat als dan en dan, dan MOET! Al die juridische interpretaties berusten zich op
artikel 6:217 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (Aanbod en aanvaarding) en
artikel 3:33 (Wil en verklaring) en wanneer de verkoper zou verklaren dat hij/zij de wil had en aanvaard.
Simpelweg de actie aan de kassa uitspreken dat de prijs op het kaartje niet klopt, is genoeg om te verklaren dat jij niet de wil had om het object voor die prijs te verkopen. Er is op dat moment nog geen transactie geweest, dus er is niks om vanuit op te maken dat de verkoper echt de wil had om het voor die prijs mee te geven. Ook al is het verschil minimaal en in de centen (coulance is dan wel gebaat).
Tijdens de handel van dure objecten als een huis of een auto zal er een vast moment zijn dat zowel de koper als de verkoper alle twee uitspreken dat ze overeen zijn met een bepaald bedrag of vorm van transactie. De juristen die dit soort onzin verzinnen bouwen op de fout redenering dat als je een bepaalde handeling uitvoert dat je impliceert dat je de verkoop aanvaardt, maar dat "impliceren" is juridisch gigantisch wankel.
Sowieso ga je dan al voorbij aan het feit dat artikel 219 simpelweg zegt: "Een aanbod kan worden herroepen".
Maar wie zegt dat al die handelingen ook maar iets impliceren?
Loop maar eens een Ferraridealer binnen en probeer hun te dwingen jou een Ferrari te verkopen, omdat er een prijskaartje op staat. Nou succes ermee, ze hoeven die Ferrari niet aan jou te verkopen en ze zullen dat ook niet doen.
Misschien vindt de winkelier dat jij stinkt of dat je lelijk bent en wil hij/zij daarom niks aan jou verkopen. Succes ermee.
Dan ga jij tegen mij zeggen online en geautomatiseerd systeem. Nou, daar hebben rechters dus ook structureel gehakt van gemaakt. Tijdens een
kort geding tegen de Leen Bakker omdat zij per ongeluk korting op korting hebben toegepast in hun systeem heeft de rechter gezegd:
De Stichting voert daartegen aan dat de bestellingen zijn bevestigd en gefactureerd en dat het aanbod niet tijdig is verwijderd en zelfs is herhaald, maar dat maakt het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter niet anders. Het is immers voldoende aannemelijk dat het hierbij gaat om automatisch gegenereerde berichten, waarbij geen direct menselijk contact heeft plaatsgevonden. Daarom kan uit deze berichten geen (bevestiging van een) wil worden afgeleid.
Daar houdt het dus ook op.
Ook al zou de verkoper expliciet tegen jou zeggen dat hij de koop aanvaardt, ook al hij/zij jou een briefje in de handen schuiven met daarop die en die mogen dat product voor die prijs van mij kopen. Gelijk hebben en gelijk krijgen zijn twee aparte werelden. Ga maar een rechtszaak aan met een duur betaalde advocaat à 270 euro per uur. Dan moet je je afvragen of dat alles het waard is voor een minimaal prijsverschil.
Het enige wat er wel kan gebeuren is als je het structureel te lage prijzen adverteert, je een boete kan krijgen vanwege oneerlijke handelspraktijken en als het echt te ver gaat misschien veroordeeld kan worden van oplichting. Maar in geen enkel van die situaties zal jij als consument het object voor de geadverteerde prijs krijgen.
Dat hele verhaal van als dit of dit dan moet dat en dat, is allemaal een broodjeaapverhaal gebaseerd op juridische theorieën zonder grondslag.
[Reactie gewijzigd door TechSupreme op 4 januari 2026 00:10]