Lou Gerstner, die eind jaren negentig ceo was van IBM, is zaterdag overleden, zo meldt het bedrijf. De voormalig topman trad aan tijdens een roerige periode voor IBM, waarbij zelfs werd gesproken over opsplitsingen. Die opsplitsingen wist Gerstner te voorkomen.
Gerstner werd ceo 'toen de toekomst van het bedrijf oprecht onbekend was', schrijft huidig IBM-ceo Arvind Krishna. "De branche was zich snel aan het ontwikkelen, onze bedrijfsvoering stond onder druk en er waren serieuze gesprekken over of IBM zelfs één bedrijf moest blijven." Gerstners leiderschap veranderde daarbij het bedrijf, zegt Krishna, 'niet door naar het verleden te kijken, maar door aanhoudend te focussen op wat onze klanten straks nodig zullen hebben'.
Die focus op de klant was kenmerkend voor Gerstners tijd als ceo, schrijft Krishna. "Lou geloofde dat een van IBM's kernproblemen was dat we geoptimaliseerd waren geraakt rondom onze eigen processen, discussies en organisatiestructuren, in plaats van oplossingen voor de klant. Dat inzicht zorgde echt voor verandering. Meetings werden directer. Beslissingen werden meer gebaseerd op feiten en klantenimpact dan op hiërarchie of tradities. Innovaties waren zinvol als we ze konden vertalen naar de klant. Onze kwartaal- en jaarcijfers bleven wel belangrijk, maar altijd in de context van relevantie op de lange termijn."
Volgens de huidige ceo nam Gerstner misschien wel een van de belangrijkste besluiten in de moderne geschiedenis van IBM: "Het bij elkaar houden van IBM." Het bedrijf bestond destijds uit verschillende onderdelen die elk hun eigen weg volgden. "Lou begreep dat klanten geen gefragmenteerde technologie willen − ze willen geïntegreerde oplossingen."
Gerstner bleef volgens Krishna ook na zijn vertrek bij het bedrijf betrokken bij IBM, bijvoorbeeld om nieuwe ceo's te ondersteunen. Lou Gerstner was van 1993 tot 2002 ceo van IBM en stierf op 27 december op 83-jarige leeftijd.