Vertrouwde rassen
Samengevat
Met Warhammer 40.000: Dawn of War III heeft Relic Entertainment een opvallend moderne twist aan het rts-genre gegeven door leentjebuur te spelen bij de moderne moba-games. Dat werkt opvallend goed, niet alleen in de campagne, maar vooral in multiplayer, waar het ervoor zorgt dat het tempo hoog ligt en matches afwisselend zijn. Dawn of War III is bovendien een game waarin de sterke en zwakke kanten van de drie rassen goed naar voren komen. Het is knap hoe Relic dat in balans weet te houden. Over het uiterlijk zijn we minder te spreken. De eenheden zijn lekker over de top, maar niet altijd even herkenbaar op het slagveld. De levels spelen prima, maar zijn qua uiterlijk een beetje saai. Dat laatste geldt ook voor de missies uit de campagne. In multiplayer komt de game het best tot zijn recht. De strijd om de Capture Points en de inzet van Elites die de legers aanvoeren maakt dat de strijd in veel matches spannend blijft. De kansen kunnen daardoor op het laatste moment nog keren. Dawn of War III is een ouderwets goede rts met lekker moderne trekken.
Eindoordeel
Lang niet alle Warhammer-games zijn even succesvol. Positieve uitzondering op de vele hele of halve missers vormt de Dawn of War-serie, hoewel ook die op de nodige kritiek kan rekenen. Het eerste deel werd goed ontvangen, maar bij het tweede week ontwikkelaar Relic Entertainment naar de smaak van velen iets te veel af van de formule. Dat probeert de studio met dit derde deel recht te zetten. Hierin probeert Relic het beste uit de delen I en II met elkaar te verenigen, en gooit ook nog een vleugje moba in de mix. Hoe smaakvol is die nieuwe combinatie?
In veel opzichten is Warhammer 40.000: Dawn of War III een traditionele rts. Er zijn drie strijdende rassen die ieder net iets anders werken, en die net iets andere eenheden hebben. Er zijn grondstoffen die je kunt winnen en een basis die je op kunt bouwen. Het spel bevat een campagne en kan in multiplayer worden gespeeld. Tot zover niets nieuws onder de intergalactische zon. Het is een game in de 40.000-lijn, wat wil zeggen dat we in space verblijven. De campagne van de game draait om een mysterieus voorwerp, de Spear of Khaine. Wie het voorwerp bezit heeft een machtig wapen in handen, dat de strijd tussen de drie rassen uit de game in je voordeel kan beslissen. Ondanks dat het voorwerp zich bevindt op de planeet Acheron, vindt de strijd plaats op Cyprus Ultima. Acheron is namelijk kwijt.
/i/2001486405.jpeg?f=imagenormal)
Wisselend standpunt
Het blijkt genoeg verhaal voor een complete campagne. Dat komt vooral doordat Relic het verhaal steeds vanuit een ander gezichtspunt vertelt. De game bevat de drie belangrijkste rassen uit het 40K-universum: de Space Marines, de Orks en de Eldar. Er zijn uiteraard meer rassen in het universum, maar het is begrijpelijk en zelfs verstandig dat Relic zich tot drie rassen beperkt. De keuze voor deze drie is bovendien logisch, al hadden de Eldar eventueel kunnen worden vervangen door Tyranids, Imperial Guard of Tau. Wellicht is daar ruimte voor in een uitbreiding. Door het aanbod tot drie te beperken, kan Relic de verschillen tussen de rassen in ieder geval groot houden, wat uiteraard positief is.
Relic wisselt de rassen af in de campagne. Je speelt steeds een missie met de Space Marines, dan een missie met de Orks en dan een missie met de Eldar, waarna de rotatie opnieuw begint. Voordeel daarvan is dat het vrij minimale verhaal op een prettige manier wordt uitgesmeerd. Bovendien leer je de rassen goed kennen - toch vaak de belangrijkste taak van de campagne in een rts. Het is echter niet de meest overzichtelijke manier. Net als je de Orks een beetje in de vingers begint te krijgen, ga je weer met de Eldar op stap. Maar uiteindelijk is het een prima introductie van de drie rassen, de gebouwen, de eenheden en vooral de Elites waar elk van de drie rassen over beschikt.
Helaas!
De video die je probeert te bekijken is niet langer beschikbaar op Tweakers.net.
Aankondiging van Dawn of War III.
Bouw een basis
De opzet van Dawn of War III is behoorlijk klassiek. De meeste missies begin je met een kleine basis. Hier kun je twee eenvoudige militaire eenheden trainen, en nog een derde eenheid waarmee je nieuwe gebouwen kunt neerzetten. Grondstoffen win je door Capture Points te bezetten. Daar win je zowel Requisition als Power, de twee grondstoffen die de game kent. Ergens is het jammer dat je beide grondstoffen in de game wint bij dezelfde Capture Points, maar het houdt de strijd wel snel en vooral overzichtelijk. Requisition en Power gebruik je voor het neerzetten van gebouwen, en vooral ook voor het trainen van nieuwe eenheden. Je kunt de hoeveelheid grondstoffen die een Capture Point produceert beïnvloeden door het punt uit te bouwen. Uiteraard kunnen Capture Points worden bevochten. Zeker in multiplayer is dat zelfs van levensbelang, maar ook in de campagne is het doorgaans de motor achter je overwinning.
Dat het delven van grondstoffen vrij overzichtelijk verloopt, is maar goed ook, want het leukste aan Dawn of War III is dat het knokken en het aansturen van je troepen vrij veel aandacht vergt. DoW3 is geen game waarin je een groot leger opbouwt en over de kaart kunt walsen. Het is geen game waarin het grootste leger altijd wint. Het is van levensbelang om de actieve en passieve eigenschappen van de verschillende eenheden te leren kennen en te benutten in de strijd. De ware tacticus weet wanneer hij gebruik moet maken van de snelheid of sprongkracht van sommige eenheden, waar snipers handig zijn en wanneer lompe mechs het verschil kunnen maken. In DoW3 kan een weloverwogen speldenprik het verschil maken. Anderzijds zal een flink leger dat je laat aansturen door de automatische piloot niet automatisch van een leger in ondertal winnen.
/i/2001486387.jpeg?f=imagenormal)
Lekkere Elites
De smaakmakers in je arsenaal zijn echter de Elites die je op het slagveld kunt zetten. Daar spaar je gedurende een match speciale Elite Points voor, de derde grondstof in de game. Je kunt maximaal drie Elites inzetten. De belangrijkste Elite van elk van de drie rassen speelt een hoofdrol in het verhaal, maar er zijn er veel meer waar je uit kunt kiezen. Vooral bij je Elites geldt dat het belangrijk is om enerzijds de actieve en passieve eigenschappen te benutten in de strijd, maar anderzijds ook een beetje zuinig te zijn op de drie krachtpatsers. Een Elite die sneuvelt kan na een cooldown gewoon weer meedoen, maar na die cooldown ziet het slagveld er wellicht heel anders uit.
De Elites zijn flink verschillend. In je arsenaal zit bij elk van de drie rassen wel een Elite die meer op brute kracht gericht is, en eentje die 'meer support' is. De drie Elites waar het verhaal om draait zijn steeds het breekijzer waarmee je voorop kunt gaan in de strijd. Space Marine Gabriel Angelos kan met een flinke sprong zijn enorme hamer midden in een groep tegenstanders laten landen, en de groep zo uit elkaar slaan. Eldar Farseer Macha gooit een speer die een energiepuls af kan geven waarmee hetzelfde wordt bewerkstelligd, en Ork Gorgutz kan een kettingzaag om zich heen zwaaien waardoor hij dwars door een groep vijanden kan marcheren.
Support
Ingewikkelder zijn Elites als Space Marine Jonah Orion, een pure support die er bijvoorbeeld voor kan zorgen dat eenheden in zijn buurt sneller worden of meer schade aanrichten. Jonah kan zelf echter heel weinig schade toebrengen, en hij is fysiek zwak. Het leuke van de drie Elites is dat ze je veel tactische mogelijkheden geven, mogelijkheden die vooral in multiplayer tot hun recht komen. Daar komen ook de moba-elementen om de hoek kijken. De Elites zijn als de Heroes in een moba, waarbij je infanterie een beetje de rol van de grunts vervullen. Al kun je hier je grunts wel degelijk besturen en zijn ze tactisch ook van zeer grote waarde.
De aanwezigheid van drie Elites geeft je echter vooral de optie om te variëren. Maak je een leger met alle drie je Elites, of verdeel je ze over twee of drie kleinere groepen? DoW3 is bij uitstek de game waarin dergelijke keuzes relevant zijn. Het is opnieuw, zeker in multiplayer, een verwijzing naar de speelstijl van de gemiddelde moba. Dat komt doordat in de maps die Relic voor multiplayer heeft gemaakt de lanes zijn te herkennen waar ook moba's mee werken. Voor alle duidelijkheid: DoW3 lijkt daarmee een beetje op een moba, maar het is het zeker niet. Het is een volbloed rts, met grondstoffen om te winnen, een basis om uit te bouwen en veel verschillende eenheden om te besturen - waar ook nog veel micromanagement bij komt kijken.
/i/2001486421.jpeg?f=imagenormal)
Lekker springen
Uiteraard speelt het ontwerp van de verschillende maps een belangrijke rol in het geheel. Hoogteverschil is belangrijk, aangezien higher ground voordeel oplevert. Leuk is dat sommige eenheden kunnen springen en andere niet. Daardoor zijn verhoogde fortificaties nuttig, maar zeker niet onoverwinnelijk zijn - mits je de juiste aanval kiest. Relic maakt in DoW3 ruim baan voor dergelijke tactieken. In elke map zijn op vaste punten fortificaties te vinden die je kunt betrekken en die extra bescherming bieden aan de eenheid die je er posteert. Het is erg handig om met weinig manschappen bepaalde routes af te dekken. Een nog veel leuker element is het gras dat her en der in de maps is te vinden. Daarin kunnen eenheden schuilen, zodat ze onzichtbaar zijn voor naderende vijandige troepen.
Het maakt van DoW3 een rijke game met veel tactische schakeringen. Sommige eenheden kunnen springen, sommige kunnen zich onzichtbaar maken, bij de meeste eenheden kun je kiezen tussen een Melee Stance en een Ranged Stance, je hebt pure support-eenheden en er zijn dus fortificaties en gras om dekking in te zoeken. Tot slot kunnen de Eldar ook nog troepen teleporteren. Dat is handig, maar ook nodig, omdat het veel grondstoffen kost om de eenheden van de Eldar te maken en je er dus lang over doet om een leger op te bouwen.
/i/2001486413.jpeg?f=imagenormal)
Eentonig
Toch zijn we niet helemaal tevreden over de maps. Ze zijn in visueel opzicht wat aan de saaie kant. In verhitte potjes zul je er weinig van merken, want qua functionaliteit steken ze prima in elkaar, maar een beetje meer aankleding had geen kwaad gekund. Er zijn weinig visuele landmarks te vinden die de maps memorabel zouden kunnen maken, en het oog wil af en toe toch ook wat. Daarnaast zijn we ook niet helemaal weg van het uiterlijk van de eenheden in de game. Ten eerste kun je maar zeer beperkt in- en uitzoomen, zodat je weinig detail in de eenheden kunt zien. Dat is soms lastig omdat er behoorlijk wat eenheden zijn die op elkaar lijken, zeker als je overzicht probeert te houden.
Als je uitgezoomd bent, zijn eenheden als de Tactical marine Squad en Assault Marine Squad bij de Space Marines en de Dire Avengers en Dark Reapers bij de Eldar lastig van elkaar te onderscheiden. De iconen van elke eenheid die je linksonder in je scherm ziet, helpen daar maar weinig bij. Op dat vlak kan Relic nog wel iets leren van Blizzard, want in StarCraft II steekt dat beter in elkaar. Daar heeft elke eenheid een zeer herkenbaar uiterlijk en vooral silhouet. We hebben het hier overigens over de functionaliteit; het doet niets af aan de fantasie van Relic. Wie de verschillende eenheden in het selectiemenu van de game bekijkt, waar ze lekker groot in beeld zijn, kan genieten van overdreven ontworpen eenheden, precies zoals je van Warhammer mag verwachten. Vooral bij de Orks gaat Relic lekker los. Maar zoals gezegd, op het slagveld is het niet altijd even overzichtelijk.
Nog een ander minpunt is de voorspelbaarheid van de op zich leuke campagne. Je speelt weliswaar steeds met een ander ras, maar dat kan niet verhullen dat de missies zelf wat eentonig zijn. De opzet is meestal dat je een paar vooraf gestelde doelen moet halen, dan volgt er een battle, waarna de tweede helft van de missie begint die in een iets uitdagender battle eindigt. In de campagne blijkt ook dat de kunstmatige intelligentie niet altijd even best is. Beter gezegd: de pathfinding van groepen eenheden is niet altijd goed. Het kan gemakkelijk gebeuren dat een flinke groep die op de loop is zich splitst, waarbij een deel een route kiest die in bereik van vijandige troepen is terwijl je dat niet had voorzien. Het kan geen kwaad om groepen daarin enigszins te begeleiden.
/i/2001486407.jpeg?f=imagenormal)
Multiplayer
Toch is het goed om de campagne uit te spelen, zodat je de bijzonderheden van de rassen en verschillende eenheden leert kennen. Die kennis heb je hard nodig in multiplayer. Dat is ook waar Dawn of War III het best tot zijn recht komt. Je kunt daarbij kiezen hoe je wilt spelen: een tegen een, twee tegen twee of drie tegen drie. Ook de opzet van de matches is enigszins afgekeken van moba's. Elk team heeft een basis waarin zich een Core bevindt. Daarvoor staan sterke Turrets en daarvoor weer Shield Generators die de Turrets van stroom voorzien. Bij de vijand dien je dus eerst de Shield Generators uit te schakelen voor je de Turrets kunt vernietigen, waarna je vrij toegang hebt tot de Core. Ondertussen zijn er op de map verschillende Capture Points waar gestreden wordt om grondstoffen en de zo belangrijke Elite Points. In multiplayer lijkt DoW3 dus nog meer op een moba. Toch is het ook in deze modus nog geen echte moba, want je hebt nog steeds een basis die je uit moet bouwen met behulp van de grondstoffen die je verovert. Zeker met twee of drie spelers per team is het echter een spelletje dat vraagt om een manier van samenwerken die vergelijkbaar is met die in een moba.
/i/2001486417.jpeg?f=imagenormal)
Capture Points
Zeker met twee of drie spelers per team is DoW3 een game van 'verdeel en heers'. Dat werkt prima, doordat het gevecht om de grondstoffen zo belangrijk is en er altijd verschillende Capture Points zijn waar om wordt gestreden. Er is dus genoeg kans om terug te komen na wat tegenslag. Juist in multiplayer blijkt dat de drie rassen eigenlijk al behoorlijk goed in balans zijn. Er zal door Relic de komende tijd nog best iets aan worden gesleuteld, maar out of the box is de balans al behoorlijk. Het leuke van de opzet van multiplayer is dat je niet kunt afwachten. Doordat je voor grondstoffen en vooral ook voor Elite Points naar het midden van de map moet, zul je de confrontatie aan moeten gaan. Vooral de Elites zullen daarbij in veel gevallen de doorslag geven, als aanvoerders van je stoottroepen.
Niet elke Elite kost echter even veel punten. Je kunt er dus voor kiezen om snel je eerste Elite op het slagveld te zetten of juist om te sparen tot je een krachtiger variant in kunt zetten. Het is het soort keuzes dat bij een goede rts hoort. De strijd tussen de Elites is vaak wat de doorslag geeft in een multiplayer-match. Wie zet welke Elite wanneer in en wie weet het beste gebruik te maken van de opties van zijn of haar Elites? Mocht je het lastig hebben in multiplayer, dan is er de optie om te oefenen. De kunstmatige intelligentie van de game kan andere spelers vervangen. Je kunt zo een open plek in laten vullen in je team, maar je kunt op die manier ook oefenen, enkel met AI.
/i/2001486411.jpeg?f=imagenormal)
Conclusie
Met Warhammer 40.000: Dawn of War III probeert Relic Entertainment van alles tegelijk, en het slaagt daar wonderwel in. Terug is het bouwen van een basis en het verzamelen van grondstoffen. Van deel II is overgebleven dat legers niet meer zo enorm zijn als voorheen, waardoor de nadruk meer ligt op de eigenschappen van de verschillende eenheden en niet zozeer op de aantallen. Relic heeft aan dat geheel echter een opvallend moderne twist gegeven door leentjebuur te spelen bij moderne moba-games. Dat werkt opvallend goed. Niet alleen in de campagne, maar vooral ook in multiplayer, waar het ervoor zorgt dat het tempo hoog ligt en de matches afwisselend zijn.
Dawn of War III is bovendien een game waarin de sterke en zwakke kanten van de drie rassen goed naar voren komen: de massale legers van de Orks tegen de individuele kracht van de Space Marines en de speldenprikken van de Eldar. Het is knap hoe Relic dat alles in balans weet te houden, ondanks de verschillen. De Orks die scrap van het slagveld moeten rapen om de sterkere eenheden te bouwen, de Eldar die teleporters nodig hebben om in leven te blijven: de verschillen zijn aanzienlijk, maar de mix werkt goed.
Over het uiterlijk van de game zullen de meningen uiteenlopen. De eenheden zijn lekker over de top, maar niet altijd even herkenbaar op het slagveld. De levels spelen prima, maar het uiterlijk ervan is een beetje saai. Dat geldt ook voor de missies uit de campagne. Doordat Relic je om beurten met de drie facties laat spelen, stoort dat echter nauwelijks. Vooral in multiplayer komt de game het best tot zijn recht. De strijd om de Capture Points en de inzet van Elites die de legers aanvoeren waarmee je de vijandelijke basis moet veroveren, maken dat de strijd in veel matches spannend blijft. De kansen kunnen vaak nog op het laatste moment keren. Dawn of War III is daarmee een goed uitgebalanceerde rts, met de voeten stevig in het verleden, maar de blik ferm op de toekomst gericht.
Eindoordeel