De Sony Bravia 9 II is een indrukwekkend heldere rgb-miniled-tv met een uitstekend contrast en enorme kleurverzadiging. De tv blinkt vooral overdag uit dankzij de gigantische lichtopbrengst. In een donkere ruimte is ondanks de knappe local dimming nog altijd wat blooming zichtbaar. Daarom blijven oledtelevisies voor thuisbioscoopgebruik de betere keuze. Het grootste pijnpunt is echter de prijs: het toestel kost significant meer dan de concurrerende high-end oleds van Samsung en LG. Voor allround gebruik vinden we die betere keuzes.
Sony brengt dit jaar geen nieuwe high-end oledtelevisies uit, maar zet vol in op rgb-miniled. En voor beeldpuristen die nu meteen weg willen klikken: wacht even, want de nieuwe Bravia 9 II tovert een plaatje op het scherm dat we nog niet eerder bij een lcd-televisie hebben gezien. De tv is superhelder, heeft een enorm groot kleurbereik, een prima kleurweergave én ook nog eens een heel goed contrast. Hoe heeft Sony dat voor elkaar gekregen? En is de Bravia 9 II, waarvan de geteste 65"-variant maar liefst 3800 euro kost, zijn hoge prijs waard?
Het is misschien een domper voor liefhebbers, maar de uitstekende Sony Bravia 8 II-oled krijgt (voorlopig) geen opvolger. Het nieuwe topmodel in de line-up voor 2026 is de Bravia 9 II. Dit is in de basis een lcd-televisie met een VA-paneel dat goede kijkhoeken biedt. De kracht van de tv zit volgens Sony in de backlight.
Dat is, geheel volgens de laatste trend, een rgb-miniledvariant, waarbij achter het scherm een grid van leds zit. Deze kunnen niet alleen lokaal dimmen voor verbeterde zwartwaarden, maar elk ledcluster bestaat bovendien uit een rode, een groene en een blauwe led die individueel van elkaar gedimd kunnen worden om zo specifieke kleuren uit te sturen.
Sony Bravia 9 II
Magische voet
De Bravia 9 II is een uiterlijk weinig opvallende tv, met dunne bezels rond het scherm en een centrale voet. Die voet bestaat uit een bijna vierkante metalen plaat die als fundament dient. Twee dunne pootjes steken aan de zijkanten omhoog en vormen samen de hals waarop het scherm rust.
Daartussen zit een groot open vlak dat je kunt afdekken met een meegeleverde fresnellens. Deze breekt het licht zo dat de kleur van het meubel of de muur achter de tv wél zichtbaar is. Tegelijkertijd onttrekt de lens verticaal lopende kabels grotendeels aan het zicht.
Dat werkt in de praktijk verrassend goed. Onderstaande foto's laten zien dat twee zwarte kabels tegen een witte achtergrond netjes 'verdwijnen' als we de lens plaatsen. Ook grotere objecten, zoals een Rubiks kubus en een legoplantje, verdwijnen – zelfs dicht bij de lens – grotendeels uit het zicht.
Vier formaten, stevige prijzen
De Bravia 9 II is beschikbaar in 65", 75", 85" en 115". Sony staat erom bekend premiumprijzen te vragen voor zijn televisies, en bij de Bravia 9 II is dat niet anders. Een blik in de Pricewatch laat zien dat webwinkels alle varianten vooralsnog voor de adviesprijs verkopen. De prijzen lopen daardoor uiteen van 3799 euro voor de 65"-versie tot maar liefst 24.999 euro voor de 115"-variant.
Dat zijn, hoe je het ook wendt of keert, extreem hoge prijzen voor lcd-televisies. Sterker nog, zelfs in vergelijking met de oledtopmodellen uit 2026 van de concurrentie is deze prijs heel fors. Zo koop je al een 65" Samsung S99H of LG G6 voor net geen 3000 euro.
De beloftes van rgb-miniled
Het speerpunt van de Bravia 9 II is dus de rgb-miniledbacklight. We legden het principe achter rgb-miniled eerder al uit. Lees voor meer informatie vooral dit achtergrondartikel. In het kort komt het op het volgende neer: door een rgb-backlight te gebruiken, krijgt het licht van de achtergrondverlichting nauwkeurige rode, groene en blauwe kleurpieken. Dit maakt een lager energiegebruik, een beter contrast en een groter kleurbereik mogelijk dan een standaard witte backlight of een blauwe backlight met een quantumdotfilter.
Blauwe lucht
(In) de doos
De Sony Bravia 9 II wordt geleverd in een zwart-wit bedrukte, kartonnen doos. Het scherm zit in een schuimzak met daaromheen PS-hardschuim, oftewel piepschuim, dat niet biologisch afbreekbaar is. De verpakking bevat naast het scherm en de voeten van de tv twee afstandsbedieningen, batterijen en een handleiding. De volledige handleiding is ook online beschikbaar.
Rgb-miniled-tv's kunnen de kleur van de backlight namelijk op het beeld afstemmen. Als een normale televisie een blauwe lucht weergeeft, moet het paneel de subpixels met rode en groene kleurfilters dichtknijpen. Zo houdt het die kleurfrequenties van de witte achtergrondverlichting tegen en laten alleen de subpixels met blauwe kleurfilters licht door. Het dichtknijpen van subpixels lukt bij lcd-panelen nooit perfect – daarom is zwart ook niet écht zwart – en dus lekt er ook een klein beetje rood en groen licht door. Dat zorgt niet alleen voor een minder pure blauwweergave, maar ook voor een verminderd lokaal contrast. Bij een rgb-miniled-tv kan de backlight in dit geval alleen blauw licht uitzenden, wat deze problemen oplost.
Een bijkomend voordeel is dat rgb-miniled-tv's veel efficiënter met energie omgaan als de tv de backlight slim aanstuurt. Want opnieuw: kleuren die niet nodig zijn, hoeft de tv ook niet uit te stralen. Hierdoor kunnen rgb-miniled-tv's zuiniger zijn dan televisies met een normale backlight én in veel gevallen ook een hogere (piek)helderheid behalen.
Sony doet het beter, zegt Sony
Tot zover de theorie, want in de praktijk ligt het allemaal wat genuanceerder. Zo komt het zelden voor dat alle pixels binnen een backlightzone alleen rood, groen of blauw licht uit moeten stralen. Vaak zijn er ook andere kleurtinten aanwezig, of is er wit in beeld. In dat geval moeten alle drie de kleuren van de backlight oplichten. Ledzones lopen bovendien in elkaar over. Als de ene zone een compleet andere kleur uitzendt dan zijn buurman, ontstaat er op de grens een gemengde kleur van het achtergrondlicht dat door het paneel heen schijnt. Als de pixels van het paneel daar niet voor compenseren, ontstaan er ongewenste kleurtinten. Het samenspel van backlight en lcd-paneel is bij rgb-miniled daarom nóg ingewikkelder dan het bij normale local dimming al was.
Sony claimt dat zijn rgb-aansturing geavanceerder is dan die van de concurrentie
Volgens Sony kiezen veel concurrenten er daarom voor om, zodra het een beetje lastig wordt, maar gewoon gemengd wit licht uit te stralen door alle drie de rgb-leds in gelijke mate aan te sturen. De Bravia 9 II stuurt volgens de fabrikant veel vaker specifieke kleuren door de backlight. Tijdens het previewevenement eerder dit jaar liet Sony ook een opengewerkte Bravia 9 II zien, waarbij de backlight inderdaad vaak duidelijk te onderscheiden kleuren uitstuurde. Vaak, maar niet altijd. Want zoals gezegd: zodra een zone maar één puur witte pixel moet tonen, zijn alle drie de rgb-kleuren nodig om dat witte licht uit te stralen.
Of Sony de backlightaansturing écht beter voor elkaar heeft dan de concurrentie, kan ik lastig beoordelen. Ik heb eerder dit jaar ook een opengewerkte Samsung-rgb-tv gezien. Daarbij leek de backlight inderdaad sneller over te gaan naar wit licht zodra het beeld niet heel duidelijk uit primaire kleurvlakken bestond. Maar dat was met andere content, dus een directe vergelijking heb ik niet.
Paneel niet bijzonder, backlight wél
Waarom bespreken we Sony's claims als we ze niet kunnen bevestigen? De Bravia 9 II presteert in de praktijk namelijk bijzonder goed. De specificaties van het paneel en de backlight zijn namelijk niet zo bijzonder. Het gebruikte VA-paneel heeft een wideanglecoating. Als we het native ANSI-contrast zonder local dimming meten, komen we uit op een weinig spectaculaire 2841:1. We hebben eerder VA-panelen gezien die aanmerkelijk beter scoren.
De 65"-versie van de Bravia 9 II die wij testen, heeft 6120 rgb-leds in een grid van 102x60. De tv stuurt de leds per vier gegroepeerd aan, wat resulteert in 51x30, ofwel 1530 individuele dimmingzones. Dat is een op zich respectabel aantal, maar we hebben bij de concurrentie inmiddels televisies gezien met meer dan 10.000 dimmingzones.
Opengewerkt demomodel van de Bravia 9 II, met de rgb-leds duidelijk zichtbaar
We weten van eerdere tv's dat Sony's localdimmingalgoritmes erg goed werken. Zo constateerden we in onze review van de originele Bravia 9 ook al dat die tv, ondanks een relatief beperkt aantal dimmingzones, weinig blooming had en een hoog contrast behaalde. Met deze nieuwe rgb-miniled bewijst Sony dat het met die kennis uitstekende resultaten perst uit een relatief beperkt aantal zones.
Felle kleuren, enorme helderheid
We hebben de Bravia 9 II uiteraard uitgebreid doorgemeten. Alle testresultaten en een verdere bespreking van de details vind je verderop in deze review.
De tv heeft, zoals Sony claimt, inderdaad een zeer groot kleurbereik. Hierdoor zijn zeer verzadigde kleuren mogelijk. Deze liggen zelfs buiten de DCI-P3-kleurruimte. Voorlopig maken weinig titels daar gebruik van. De animatiefilm Into the Spider-Verse is een van de uitzonderingen. Die film ziet er fantastisch uit op de Bravia 9 II, met veel felle en tegelijk verzadigde rood- en blauwtinten.
De enorme helderheid van de tv springt ook meteen in het oog. In de 'Professional'-modus, de modus met de meest nauwkeurige kleurweergave, meten we bij hdr-signalen pieken boven de 4100cd/m², terwijl de helderheid bij een volledig wit scherm op 870cd/m² uitkomt. Ook in sdr-modus kan de Bravia 9 II bij de weergave van normale televisiebeelden een enorme bak licht produceren. We meten pieken boven de 900cd/m² en een volledig witte weergave van bijna 750cd/m².
Die hoge helderheid maakt de tv uitstekend geschikt voor gebruik in heldere kamers met veel (zon)licht. De effectieve, matte schermafwerking helpt daarbij door scherpe reflecties te verminderen. Hierdoor kun je ook met een lamp tegenover de tv prima kijken. Anders dan sommige andere matte schermen heeft de Bravia 9 II ook geen last van een 'regenboogeffect' als je er direct met een felle lamp op schijnt.
Vergelijken we de matte coating direct met die van de Samsung S99F, dan valt op dat de Samsung het puntlicht nog beter uitsmeert. De coating van die tv vertoont wel wat korrelige glinstering, terwijl dit bij de Bravia 9 II ontbreekt. Als we het matte scherm van de Hisense UR9S en het glossy paneel van de LG G6 ernaast leggen, zien we dat elk scherm felle lichtbronnen net anders reflecteert.
Spiegeling van de zaklamp van een telefoon in het scherm van respectievelijk de Samsung S99H, Sony Bravia 9 II, Hisense UR9S en LG G6
Vergelijking met een topklasse oled
Om te zien hoe deze premiumminiled-tv zich verhoudt tot de concurrentie, hebben we de Sony Bravia 9 II uitgebreid vergeleken met een van de beste oled-tv's van dit moment die we tegelijk in ons testlab hadden: de Samsung S99H. Met beide tv's in hun nauwkeurigste kleurmodus valt vooral op dat ze bij hdr-weergave enorm op elkaar lijken. Als de kamerverlichting aanstaat, is blooming rond heldere objecten tegen een donkere achtergrond niet of nauwelijks zichtbaar, en lijkt zwart meestal net zo zwart als op de Samsung S99H. Sterker nog, door de eigenschappen van het QD-oledpaneel lijkt zwart bij de Samsung-oled door invallend omgevingslicht zelfs iets minder donker dan op het lcd-scherm van de Sony Bravia 9 II.
Tegelijkertijd heeft de Sony Bravia 9 II wel duidelijk meer punch in de highlights. De tv kan simpelweg nóg helderdere pieken tonen dan de Samsung-oled. Dat zie je vooral bij titels die ook superheldere highlights hebben. In de meeste hdr-films en -series gaan de highlights niet verder dan 1000 nits, en dan is de S99H net zo helder.
Heel goed, maar geen wonderscherm
Maar de Bravia 9 II blijft een lcd-scherm en Sony kan uiteraard geen wonderen verrichten. In het donker zien we in sommige scenario's wel degelijk iets van blooming rond heldere objecten. Dit gebeurt meestal heel lichtjes, maar voor het kritische oog zeker zichtbaar. Fijnmazigere dimming met meer zones had hier kunnen helpen.
Wanneer je helemaal recht voor het scherm zit, is de blooming minimaal. Kijk je echter van opzij, dan is de gloed van de backlight rond bijvoorbeeld heldere ondertitels duidelijk te zien.
Boven: Zeer helder beeld met kamerverlichting aan en uit. Onder: Blooming is bij de Bravia 9 II eigenlijk alleen onder een hoek zichtbaar.
Lichtkanon
Onze directe vergelijking bracht bovendien een interessant verschil aan het licht tussen sdr- en hdr-weergave. Zet je de helderheid van beide tv's op maximaal, dan blaast Sony de Samsung helemaal omver bij het bekijken van sdr-beelden. Bij sdr werkt het verhogen van de helderheid als een volumeknop: een hogere instelling maakt het complete beeld helderder. De Bravia 9 II heeft veel meer helderheidsreserve dan de S99H-oled.
Met de backlight vol open haalt de Bravia 9 II ruim 900cd/m² in sdr-filmmodus bij een wit vlak op een testpatroon met een gemiddelde helderheid van 50 procent. Dat is meer dan elke andere televisie die we tot nu toe getest hebben. Dat is ook aanzienlijk meer dan de populaire Samsung S99H en LG G6. Bij een volledig wit vlak zijn de verschillen nog groter. De Bravia 9 II behoudt zijn helderheid, terwijl beide oled-tv's terugzakken tot ruim onder 400cd/m².
Maar bij hdr-weergave is het verschil veel subtieler. Dat komt doordat de helderheid bij hdr-signalen vastligt in het signaal zelf. Een scène met een maximale helderheid of opzet van 100 nits ziet er vrijwel hetzelfde uit op elke hdr-tv. Pas als er highlights in beeld komen die buiten het bereik van 'mindere' televisies vallen, zie je dat schermen met meer reserve een helderder beeld tonen. Het gros van de hdr-content ziet er daarom ongeveer hetzelfde uit op de Sony Bravia 9 II en de Samsung S99H. Alleen scènes met een hoge fullscreenhelderheid of highlights boven ongeveer 2500 nits zien er feller uit op de Bravia 9 II.
Voor de meeste hdr-beelden, die over het algemeen veel donkerder zijn, is de Bravia 9 II dus niet direct in het voordeel. Sterker nog, als je een hdr-beeld wilt met over de hele linie meer punch, ben je met de Samsung S99H of de LG G6 waarschijnlijk beter af. Deze tv's bieden namelijk meer mogelijkheden om het hdr-signaal te versterken. Ze hebben agressievere dynamische tonemapping en contrastverbetering dan de Bravia 9 II.
Bij Sony kun je hdr-beelden in de donkere en middentinten ook helderder maken door de tonemappingfunctie in te stellen op 'Voorkeur aan helderheid'. Het effect hiervan is echter minder uitgesproken dan bij Samsung en LG. Voor alle duidelijkheid: na het aanpassen van de tonemapping kijk je dus niet meer naar het beeld 'zoals de regisseur het bedoeld heeft'. Het levert wel een helderder plaatje op dat veel mensen prettiger vinden.
Dolby Vision, geen HDR10+
Sony staat bekend om zijn zeer natuurgetrouwe beeldverwerking en natuurlijke kleurweergave. De tv ondersteunt HLG, HDR10 en Dolby Vision. Wie hoopte dat deze nieuwe tv Dolby Vision 2 ondersteunt, moeten we teleurstellen. Deze standaard ontbreekt, net als HDR10+. Op audiovlak ondersteunt Sony alle gangbare formaten, inclusief Dolby Atmos en DTS-audio.
Enthousiaste kleurweergave
Onze metingen laten zien dat de Bravia 9 II over het algemeen een natuurgetrouwe weergave levert, maar met hier en daar wat vreemde uitschieters. We meten altijd met Portrait Displays Calman-kleurkalibratiesoftware en onze SpectraCal C6-colorimeter, die we profileren met een Jeti-spectrofotometer.
Zowel bij de weergave van sdr- als hdr-signalen haalt de tv goede – maar geen uitstekende – kleurafwijkingsscores. De tv past vooral bij gesatureerde roodtinten iets te veel saturatie toe, waardoor het beeld te rood wordt.
Sdr-testresultaten
Testresultaten sdr-kleurweergave
Gemiddelde grijsafwijking zonder luminantie
Gemiddelde gedetailleerde-kleurafwijking zonder luminantie
Dekking DCI P3 kleurruimte
Gemiddelde grijsafwijking zonder luminantie
Televisie
Schermdiagonaal
Paneeltype
Gemiddelde grijsafwijking in ΔE ITP (lager is beter)
Gebruik je de expert-beeldinstelling, dan biedt de Bravia 9 II een interessante optie: de mogelijkheid om de backlight alleen wit licht te laten uitzenden. Dan is duidelijk te zien dat de kleurverzadiging zowel bij hdr- als sdr-signalen iets afneemt, maar ook dat het contrast en de kleurweergave onder grote kijkhoeken minder goed worden.
Sony voegde deze functie naar eigen zeggen toe op verzoek van professionele coloristen en studio's die de tv gebruiken als clientmonitor. Zo kunnen zij ook beoordelen hoe content eruitziet op een 'normale' miniled-tv. In de praktijk blijkt de kleurweergave van de tv in de witteledmodus iets nauwkeuriger dan in de rgb-modus. De overmatige roodverzadiging neemt daarbij af.
Aansluitingen, gaming en smart-tv
Voor gameconsoles met 4k120-signalen ben je aangewezen op HDMI-poorten 3 en 4. Deze poorten ondersteunen ook de auto low latency mode, ofwel allm. Zo schakelt de tv automatisch over naar de gamemodus met lage ingangsvertraging als de tv een pc of gameconsole detecteert.
Ook kan de tv overweg met beelden met een variabele refreshrate, of vrr, en ondersteunt hij Dolby Vision-gaming op 4k-120Hz. Steeds meer high-end televisies ondersteunen ook 144Hz-gamebeelden van pc's, maar dat geldt helaas nog altijd niet voor de Bravia 9 II.
De Bravia 9 II heeft alle aansluitingen links achterop. Kabels kunnen achter de doorzichtige voet naar beneden geleid worden
Goede inputlag, maar toch niet perfect voor gamers
Sony heeft de inputlag van de tv gelukkig wel sterk verbeterd ten opzichte van zijn voorganger. Bij 60Hz-signalen meten we nu 10ms, bij 120Hz zelfs maar 5ms. Dat zijn in beide gevallen uitstekende waarden.
Toch is de Bravia 9 II geen ideale gametelevisie. De motion handling van het scherm is niet geweldig. Vooral bij 120fps-signalen valt op dat snel bewegend beeld niet helemaal scherp is.
Daarnaast loopt de backlight soms merkbaar iets achter bij snelle bewegingen met grote helderheidsverschillen. Deze moet zich namelijk razendsnel aanpassen aan het getoonde beeld. Bij normale tv-beelden en films is dit totaal niet zichtbaar, maar bij snel bewegende games viel het me op sommige momenten wel op.
Smart-tv en afstandsbediening
Sony gebruikt nog altijd Google TV. Dat blijft wat mij betreft een van de betere smart-tv-platforms. Er zijn veel apps beschikbaar, zowel via de officiële Google Play Store als via alternatieve appstores. Ook kun je apps sideloaden vanaf USB.
Een vpn-client of eigen media- of IPTV-speler installeren gaat op Google TV een stuk makkelijker dan op andere platforms. De Bravia 9 II heeft bovendien voldoende rekenkracht om de interface vloeiend te laten draaien en apps snel op te starten.
Net als andere high-end Sony-tv's van de afgelopen jaren wordt de Bravia 9 II geleverd met twee afstandsbedieningen. De primaire afstandsbediening heeft een microfoon voor spraakcommando's, ligt fijn in de hand en is overzichtelijk. Wel mist hij nummer- en kleurcodeknoppen. De ingebouwde accu laad je op via USB-C. Tijdens het opladen kun je hem gewoon blijven gebruiken.
De tweede afstandsbediening heeft alle knoppen, maar mist een microfoon en werkt op twee AAA-batterijen. Het design van dit tweede exemplaar is wat gedateerd en de onverlichte knoppen voelen sponzig aan.
Lekker zuinig?
Een van de voordelen van rgb-miniled is dat het energiegebruik van de tv omlaag kan als de tv de backlight slim aanstuurt. Sony claimt dat dit voor de Bravia 9 II geldt, maar in onze testdata zien we dat niet terug.
We voeren vier energietests uit. We stellen de televisies vooraf in op 120cd/m² voor een avondscenario en 250cd/m² voor overdag. Met beide instellingen meten we het gebruik bij weergave van een ANSI-schaakbordpatroon en de 10 minuten durende videoclip waarmee de EU ook de energielabels vaststelt.
Let op: de onderstaande grafiek bevat tv's van verschillende schermgroottes. Het schermformaat heeft veel invloed op het energiegebruik. Een 65"-tv heeft bijna 40 procent meer beeldoppervlak dan een 55"-model, en een 77"-tv is nog eens 33 procent groter.
De 'oude' Bravia 9 testten we in 75"-formaat, terwijl we van de nieuwe Bravia 9 II een kleiner 65"-model testten. Als we rekening houden met dat verschil, is de nieuwe Bravia 9 II niet of nauwelijks zuiniger dan zijn voorloper. In absolute zin is de Bravia 9 II zeker een van de zuinigste high-end tv's die we de afgelopen tijd hebben getest. De Samsung QN90F en LG G6 – beide ook 65" – presteren echter net zo goed of iets beter.
Sony heeft het audiosysteem ten opzichte van de eerste versie van de Bravia 9 aanzienlijk op de schop gegooid. De twee beamtweeters helemaal aan de bovenrand en de frametweeters net boven het midden in de zijranden zijn gebleven. Sony verplaatste echter de luidsprekers onderaan de achterkant van het scherm. Deze zitten nu op dezelfde hoogte als de frametweeters, wat moet zorgen voor een evenwichtiger geluidsbeeld.
Wanneer je de tv voor het eerst gebruikt, kun je het geluid automatisch afstemmen op de akoestiek van je kamer. Hierbij speelt de tv een serie geluiden af die de microfoon in de afstandsbediening registreert, waarna de tv de optimale afstemming bepaalt. In de praktijk werkt dat redelijk, maar met de handmatige volume- en EQ-instellingen stelde ik het geluid nog beter naar mijn smaak af.
Sony Bravia 9 II luidsprekers aan achterzijde, en zijkant van het scherm
Geluid 'uit' het scherm
In de basis klinkt de Bravia 9 II gewoon prima. Omdat de luidsprekers net boven het midden zitten, lijkt het geluid echt uit het scherm te komen, in plaats van eronder vandaan, zoals bij tv's met downfiringspeakers. Hoge tonen komen vooral uit de frametweeters in de linker- en rechterbezel. Dat betekent wel dat je het beste resultaat krijgt als je echt recht voor de tv zit. Vanaf de zijkant lijkt het geluid ook daadwerkelijk wat meer uit de zijkant te komen en niet midden uit het scherm.
Wat zeg je?
Sony heeft een aantal aardige functies ingebouwd, waaronder de mogelijkheid om spraak te versterken. Dat is handig om dialogen in films beter te verstaan of commentaar bij een sportwedstrijd boven het overige geluid uit te tillen. Dit werkt verrassend goed, zolang je het met mate toepast. Probeer je de spraak te ver boven het overige geluid uit te tillen, dan hoor je soms wat bijgeluiden.
Ruimtelijk, maar zonder bas
Bij films en series is het ingebouwde geluid oké, maar de Bravia 9 II mist simpelweg bas. Nu geldt dat voor bijna elke tv, maar ik had op meer gehoopt bij een toestel uit deze prijsklasse. De subbas valt tegen en diepe bas is gewoon afwezig.
Positief is het geluidsbeeld: dat is mooi ruimtelijk en dankzij de speakers boven in de tv ontstaat er ook een duidelijk 3d-geluidsbeeld bij Dolby Atmos- en DTS:X-soundtracks. Opvallend is dat de nabewerkingsoptie voor geluid standaard gebruikmaakt van 'Acoustic Multi-Audio'-technologie van Sony. Schakel je over naar Dolby Audio voor de nabewerking, dan klinkt de tv een stuk ruimtelijker, wat vooral bij films een merkbaar verschil maakt.
Conclusie
De Bravia 9 II is een prachtige televisie en misschien wel de beste lcd-televisie die wij ooit hebben getest. Ben je op zoek naar een televisie om vooral overdag naar normale sdr-televisiebeelden te kijken en is je huidige tv niet helder genoeg? Dan is de Bravia 9 II de ultieme upgrade.
Ook de hdr-weergave is verbluffend goed. De tv haalt pieken boven 4000cd/m² en een fullscreenhelderheid van bijna 900cd/m², waarmee hij de oledconcurrentie van Samsung en LG ruim de baas is. De goede rgb-miniledbacklight zorgt bovendien voor een spectaculaire kleurweergave en een goed contrast.
Goed, maar niet perfect. In een donkere ruimte zie je nog altijd blooming, vooral als je niet helemaal recht voor het scherm zit. Overdag of 's avonds met normale verlichting zie je dit meestal niet, maar bioscoopliefhebbers die in het donker kijken zullen zich er waarschijnlijk wel aan storen.
De Bravia 9 II is dus heel goed en, tenzij je altijd in het donker kijkt, ook een van de beste tv's die je kunt kopen. En toch is het geen tv die we op dit moment actief aanraden. Daarvoor is dit model – net als eerdere high-end Sony-tv's – gewoon te duur. Vooral bij de 65"-versie, die 3799 euro kost, is het prijsverschil met oledconcurrenten als de Samsung S99H en LG G6, die ruim 800 euro goedkoper zijn, simpelweg te groot om te verantwoorden. Bij de grotere 75"- en 85"-versies liggen de prijzen iets dichter bij elkaar, maar is de Bravia 9 II nog steeds duurder.
Wat ons betreft zou de Bravia 9 II, ondanks zijn sterke punten, goedkoper moeten zijn dan de topklasseoleds. Die oledtelevisies zijn voor bijna alle huishoudens namelijk al meer dan helder genoeg, maar bieden voor minder geld betere kijkhoeken en een perfecte zwartweergave zonder blooming. De Bravia 9 II mag dan een technologisch hoogstandje zijn, met deze prijs prijst Sony zich helaas uit de markt.
En nu de praktijk: Een enorm kleurengamma is mooi, maar valt dit niet weg in de compressie die door streaming aanbieders en je Kabelboer gebruikt wordt? Ik bedoel, het is prachtig een TV te hebben die een fantastisch beeld kan leveren, maar je zal waarschijnlijk alleen met een Ultra HD Blu-ray (4K) er wat aan hebben. Een beetje zoals een geweldige Audio installatie te hebben, maar afhankelijk zijn van ouwe cassettebandjes.
Wellicht een idee om dat eens te testen, @tweakers hoe ziet het beeld er uit op deze tv van de zelfde Film bij Amazon, Netflix, etc, DVD, Ultra HD Blu-ray (4K)? Halen deze media ueberhaupt het Gamma? Heeft het ueberhaupt zin veel meer geld uit te geven aan een TV als deze wanneer je niet alle content dan ook van Ultra HD Blu-ray (4K) kijkt? En is Ultra HD Blu-ray (4K) in staat om de weergave van de TV te matchen? De keten is zo sterk als de zwakste schakel.
[Reactie gewijzigd door Pietopdeheuvel op 9 juli 2026 08:42]
En nu de praktijk: Een enorm kleurengamma is mooi, maar valt dit niet weg in de compressie die door streaming aanbieders en je Kabelboer gebruikt wordt?
Niet zozeer door de compressie, maar vanwege de gebruikte kleurenruimtes. Oospronkelijk hadden we de kleurenruimtes van analoge PAL en NTSC en die kleurenruimtes zijn de officiële standaard voor digitale SDTV. Toen kwan HDTV en voor HTDV werd BT.709 ingevoerd, dat is een soort compromis tussen de kleurenruimtes van PAL en NTSC.
Jouw kabelboer wil een signaal leveren dat aan de HDTV-standaard voldoet, om te zorgen dat alle televisies het kunnen tonen. Zelfs als je tot de gelukkigen behoort die DVB-C over glasvezel ontvangen en je beeld dus heel weinig gecomprimeerd is, kom je niet zo maar onder BT.709 uit.
Pas zodra je voorbij HDTV gaat, dus naar televisiestandaarden die voor UltraHD-televisie zijn gemaakt, dan is BT.2020 toegestaan, wat een breed kleurenbereik mogelijk maakt. Een 4K-zender kan vrij makkelijk het brede kleurenbereik gebruiken in zijn uitzendingen. Natuurlijk is 4K niet nodig, ESPN biedt met hun "UHD"-zenders ook een breed kleurenbereik zonder 4K te gebruiken, maar je hebt daar dan wel UltraHD-apparatuur voor nodig die ook 4K kan.
Daar blijft het niet bij: Ook in televisiestudio's zijn bergen apparatuur en software aanwezig die intern met BT.709 werken.
Dan is er nog de kwestie DCI-P3: Dat is de kleurenruimte waarmee de camera's van de filmindustrie werken. De DCI-P3-kleurenruimte heeft een breder kleurenbereik dan BT.709, maar is aanzienlijk beperkter dan BT.2020. Televisies kunnen tegenwoordig beter dan met DCI-P3 mogelijk is.
Het zal dan ook nog lang duren voordat beeldmateriaal standaard een breed kleurenbereik heeft.
[Reactie gewijzigd door dmantione op 9 juli 2026 21:32]
Is mijns inziens meer een verantwoordelijkheid voor de kijker om te snappen hoe bronmateriaal en de signaalketen werkt voor je bijna 4k aan duiten stort in een TV. Anders kun je onder bijna elke OLED wel de disclaimer zetten "heeft geen zin dit te kopen als je alleen het 1080p Netflix abo hebt" en onder elke LG G-serie de disclaimer "geen zin om deze upgrade te nemen tov de C-serie of B-serie als je alleen streamingdiensten bekijkt".
Laat ik nou gedacht hebben dat dit het doel was van testen, en het geven van consumenteninformatie. Leuk dat de TV in ideale omstandigheden in de realiteit niet kan leveren? Roepen dat moet te consument maar weten, tja, dan kan je net zo goed niet testen.
Tja, aan de andere kant - het is een test van de TV, niet van de streamingdienst/bron. De test toont aan wat hij kán, en ook wat hij kan ten opzichte van andere toestellen.
Dat jij dan vervolgens een oude VHS recorder gaat aansluiten en dan klaagt dat er geen 4K@120Hz met HDR getoond wordt, daar kan die TV weinig aan doen natuurlijk. Dat beeld is op élk toestel bagger.
Omdat het generiek is voor alle moderne TVs (schermen zelfs). Als je bagger beeldmateriaal als bron gebruikt zal het er bagger uitzien op de TV. Om m'n disclaimer dan maar nog meer te overdrijen: dan zou je onder elke TV-review moeten zetten dat als je er alleen VHS mee gaat afspelen het geen zin heeft om hem te kopen t.o.v. een beeldbuis (CRT).
Wat je dan beter kan voorstellen is dat Tweakers een test uitvoert in hoeverre verschillende beeldbronnen van elkaar verschillen en tot hun recht komen bij verschillende typen TVs:
verschillende streamingdiensten op 1080p en 4k abo's
DVD
BluRay
UHD BluRay
evt andere vormen van gecomprimeerde video
Maar deze info is al lang en breed beschikbaar op het internet dus het zou een leuk niche-artikel zijn voor de casual lezer die het tegenkomt en anders niet had opgezocht maar voor de kenner zal het geen nieuwe informatie brengen.
[Reactie gewijzigd door Caedendi op 10 juli 2026 11:02]
Daar benoem je het pijnpunt van moderne (streaming) media. Het beeld is zo mooi als de zwakste schakel. Ik ben vanuit mijn beroep kleur/beeld kritisch en het zal je dan niet verbazen dat ik hier inderdaad mijn media op uitzoek. Niet iedereen kijkt daar zo kritisch naar, maar ik vermoed dat die dan niet in deze prijsklasse aan het zoeken zijn naar hun volgende TV.
Wat betreft oude cassetebandjes, die houden er bijzonder goede geluidkwaliteit op na .
Met cassettebandjes kon uiteindelijk een hoge geluidskwaliteit bereikt worden, maar daar had je type 4 cassettes en apparatuur die Dolby-S kon voor nodig. Weinig mensen kochten dat en als je Dolby-S had, dan zette je de knop toch vaak op Dolby-B vanwege compatibiliteit met andere tapedecks. De praktijk voor de gemiddelde consument was vaak type 1 cassettes opgenomen in Dolby-B en de geluidskwaliteit daarvan is niet al te best.
Ja tape hiss kon wel afbreken aan de geluidskwaliteit maar na de komst van HX-Pro was het een stuk makkelijker goede geluidskwaliteit te krijgen. Dolby-S was eigenlijk short lived met de komst van de CD natuurlijk. Wel is de Mastering op cassette vaak minder agresief dan die op CD, waarom ik soms een album op cassette beter vind klinken dan CD. Ik luister echter zelden hele oude cassettes.
Ik zat echt te wachten op deze review, omdat deze tv boven aan mijn lijstje staat om mijn huidige te vervangen. Echter was ik wel verrast om te lezen dat de kleuren niet top-notch zijn, want dat is juist de reden waarom ik voor Sony wil gaan.
Ik denk echter dat dit komt omdat de test mogelijk met het 1931 CMF is gedaan. Dit is veel al de standaard tv's maar al wel verouderd. In Sony whitepapers wordt gerefereerd naar het nieuwere CIE 170-2 2015 CMF. Dit is iets wat bij de meting moet worden ingesteld (standaard staat dit dus op CIE 1931, wat ik in het screenshot bevestigd zie worden)
Wat ik ook mis is het gebruik als "Domme" TV, in sommige reviews wordt dit wel aangehaald maar hier wordt er relatief weinig aandacht aan het TV OS gegeven. Ik ben niet bekend met Google TV (heb nu samsung) dus ik weet niet of hij zonder internet verbinding te gebruiken is en of hij daarbij direct op de gewenste input komt ipv een TV OS menu welke geen dienst doet.
Al bij al niet overtuigd (vooral gezien de prijs) en doet mij weer aan het twijfelen brengen of ik niet voor de Bravia 8II wil gaan. Zijn er Tweakers wie de risico's van inbranding van Oled mee nemen in hun keuze? Het idee is toch dat mijn volgende aanschaf een kleine 10 jaar mee moet gaan
Je kunt Sony TV's als Domme TV gebruiken zonder internetverbinding, hierbij is er ook de mogelijkheid om in te stellen dat de TV automatisch inschakelt op een HDMI ingang naar wens of COAX.
De Bravia 8 II heeft een heatsink, daarnaast hanteert Sony een voorzichtige implementatie betreft max (piek)helderheid waardoor het paneel minder belast wordt. Er is enkel een kans op inbranden in extreme situaties zoals dagelijks lange tijd naar een zenders als CNN kijken of de TV als monitor gebruiken, bij afwisselend gebruik is het geen issue kan ik uit ervaring delen. Hierbij is het wel van belang dat je geen kill switch gebruikt zodat de TV in stand-by regelmatig een panel refresh kan draaien.
Bedankt voor de toevoeging! Vooral de bevestiging van het automatisch inschakelen maakt dat ik iedergeval voor een Sony wil gaan. Ik ben echter nog wel in dubio of ik miniRGB of Oled wil gaan. Ik begrijp dat Oled flink is verbeterd en niet zo gevoelig meer is voor inbranding. Het gebruik blijft beperkt tot de avond uren maar ik wil graag een schatting maken of de TV 10 jaar zijn dienst kan blijven doen (blijft altijd een gok, maar die wil ik well informed maken ) De killswitch is een goede om rekening mee te houden, ik wist niet dat dit van belang was dat de tv zelf een panel refresh gaat draaien.
Tja inbranden... het blijft controversieel maar ik heb de indruk dat de meeste gebruikers er totaal geen last van ondervinden. Deze TV is helder, dus handig bij overdag kijken, maar voor die prijs is de kwaliteit naar mijn mening toch nog net een tikje minder door de blooming dan OLED, wel ben ik benieuwd hoeveel helderder de kleuren zijn: ik had graag ook helderheden van 1-100% windowgrootte in RGB gezien, naast de witte die in het artikel staat.
Ik kijk altijd vrijwel totaal donker op mijn LG GX TV en heb de helderheid dan ook behoorlijk teruggedraaid, zodat die maximale helderheid voor mij niet al te relevant lijkt... en inbranden ook na 5-6 jaar geen enkel probleem is.
Hmm, op Marktplaats alleen al zie ik toch veel schermen voorbij komen waar toch een vorm van inbranding te zien is, vaak bij de ondertiteling. Dit zijn dan vaak schermen welke inderdaad al een aantal jaar oud zijn en er natuurlijk niet duidelijk bij de advertentie staat hoe veel de tv aan heeft gestaan (en hoe fel). miniRGBled klinkt gewoon als een goed alternatief met blooming als compromie. Met oog op de toekomst werdt ik dus erg enthausiast toen Sony deze tv had aangekondigd.
Ik heb na vijf jaar mijn LG C1 ingeruild voor een S95F maar heb totaal geen inbranding bij mijn C1 gehad. Mijn tv wordt heel veel gebruikt voor youtube, gamen en sport kijken.
Ik heb een LG OLED C9 uit 2019. Paneel is in 2023 vervangen vanwege een defect. Gelukkig destijds 5 jaar garantie genomen, omdat ik vaak pech heb dat de TV problemen vertoond na de standaard 2 jaar garantie en eigenlijk ook dus bij deze TV gebeurd. Maargoed nieuwe paneel draait nog. Op beide panelen geen inbranding aanwezig geweest. Ik gebruik het voor TV uitzendingen, Films (UHD BD), Streaming en Gaming op PC. Ik heb wel de onderbalk op automatisch verbergen staan op de PC.
Ik heb de Bravia 8 MK2 onlangs retour gestuurd. Overdag heb je last van een paarse gloed. Ook de 4k HDR content op een QD OLED is niet voor mij besteed. Gaf een grote mate van oncomfortabele manier van TV kijken (zie online op fora). Het verbaasde me ook dat ik op de eerste dag last had van Screen Retention: een tijdelijk zichtbaar restant van een eerder weergegeven afbeelding. Dit verdween later wel, maar toch gaf het mij geen lekker gevoel. Ik kwam van een 15 jaar oude LG LED tv af, die er nu weer staat. Nu op zoek naar een niet over the top tv, heb de Bravia 3 MK2 op het oog. Eerst maar eens in het echt gaan bekijken.
Bedankt voor je inzicht, ik ben niet bekend met de QD oled problemen die je beschrijft. Het voornaamste is de eARC niet altijd even vergevend is maar eARC en CeC zijn altijd echt problematisch geweest, en met de introductie van goedkope HDMI kabels is dit alleen maar erger geworden. Mijn huidige Samsung kan echt niet met CeC overweg en na de tv vele malen gereset te hebben, met, zonder, via reciver, via connectbox, alles te hebben geprobeerd kan ik me niet voorstellen hoe dit nog veel erger kan zijn Mijn hoop is dat mijn volgende aankoop net als jouw oude LG ook 15 jaar mee gaat en dan klinkt Led LCD zo gek nog niet. Dat ik naar een high-end tv zit te kijken is vooral omdat ik echt wil kunnen genieten komende jaren.
Ja precies, ik ben hier dus niet bekend mee. Het lijkt persoon afhankelijk te zijn of dit als vervelend wordt ervaren?
Het probleem van eARC was vooral gericht op de Sony Bravia 8II specifiek, want uiteraard heb ik gezocht naar mogelijke issues waar ik tegen aan kan lopen. De QD Oled is dus nieuw voor mij, maar zal dus gelden voor alle TV met QDOLED panels.
Ik heb persoonlijk nooit het belang ingezien van super high-end TV's, en jazeker een hogere HDR is zeker wenselijk, en budget TV's zijn zeker een stap te laag.
Maar voor mij is een goede surroundset veel belangrijker voor mijn filmervaring, een slechter beeld corrigeert je hersenen veel meer dan een slecht geluid.
Ik heb zelf nu een Bravia XR-75X90L, samen met een 15 jaar oude maar nog steeds fantastische Marantz SR7011 5.2.4-setup, maar ik zou veel eerder geld in mijn surroundset steken dan in een betere TV.
Zo zie je maar weer... ik hecht meer waarde aan beeld. Al die speakers in huis. No way. Ligt misschien ook wel een beetje aan het genre films/series wat je kijkt.
Zo zie je maar weer... ik hecht meer waarde aan beeld.
Ik heb ook jaren veel waarde en geld uitgegeven aan beeld, zoals mijn eerste 85cm Sony Triniton CRT een monster van 65kg, en later mijn eerste ''betaalbare'' HD LCD Samsung LE40F71B 40'' van €3K, samen met een Panasonic beamer op een 90'' scherm van €4K omgerekend naar 2026 euros.
Maar voor mij is mijn huidige TV meer dan voldoende.
Al die speakers in huis.
Valt wel mee hoor (en tegen ;-), een sub is bv een prima tafeltje voor een plant, mijn plafondspeakers zijn ingebouwd, en vrijwel onzichtbaar, dan houd je nog 5 speakers over.
smaken verschillen uiteraard. Ben zelf van team geluid > beeld. Een heel goede stereo (e.v.t. aangevuld met subs) setup, kan zoveel betekenen voor de plaatsbepaling van waar een geluid vandaan komt en de beleving dat dat brengt. En dan blijft over dat als de TV uit staat, dat je dan ook nog kan genieten van mooie muziek.
Maar zonder gekheid, de meeste films hebben wel een dusdanige soundtrack dat een paar fatsoenlijke speakers de ervaring verbeteren.
Wat beeld betreft vind ik het interessant dat de bioscoop als referentie wordt aangehaald terwijl ook daar zwart niet altijd zwart is als bij OLED. De bioscoop is eerder een referentie qua beweging.
Zo zie je maar weer... ik hecht meer waarde aan beeld. Al die speakers in huis. No way. Ligt misschien ook wel een beetje aan het genre films/series wat je kijkt.
Normaal heb ik het niet zo op mensen die anderen beoordelen op hun nickname, maar nu maak ik graag een uitzondering.
Jij reageert op een hifi liefhebber, en jouw reactie, van lowfi dus, is geniaal!
Met vrijwel alles is het het beste om de 'beste koop' te zoeken, zoals de consumentenbond het noemt. Prijs / prestatie verhouding. Dus tv's zijn te koop tussen de 400 en 3000 euro, rond de 1200 euro ergens zit de sweetspot. Moest een paar jaar geleden een nieuwe vaatwasser. Die gaan van 300 euro (troep) tot rond de 1500 voor de allerbeste Miele apparatuur. Maar een Siemens van 600 euro bleek in tests maar net niet te tippen aan de Miele.
Meestal is het: goedkoop = troep, duur = uitstekend, ongeveer 2 tot 3x de prijs van de goedkoopste = de sweetspot. Meer dan 90% de ervaring van het allerduurste. Mits je goed vergelijkt en tests leest natuurlijk.
Ik ben het redelijk met je eens maar dan wel de beste koop binnen eens specifieke categorie want anders ben je echt appels met peren aan het vergelijken. De beste koop in "televisies" is voor mij te generiek , de beste koop in "oled televisies" daarentegen zal wel redelijk goed uitkomen voor mij.
Ik kijk vooral naar de wensen die ik heb en wat het moet kunnen + ervaringen van andere en eigen ervaringeb vanuit het verleden.
Soms is het goedkoop, maar meestal duur omdat er iets specifieks in zit wat ik nodig / handig vind om te hebben.
Zo wilde ik een vaatwasser met bestekmandje en een extra tray in het midden, phöne, zonder milieu-programma kwam ik uit bij een voor mij een onbekend merk / model met wat goede reviews, prijs was 1200.- Ben er na 14 jaar nog steeds blij mee. Op wat roest na van de lades.
De uitdaging aan echt goed geluid is dat je eigenlijk zowat een aparte ruimte nodig hebt om er het maximale uit te halen. De woonkamer volhangen met diverse speakers op de juiste plaatsen heb je een goede uitdaging en is erg onpraktisch, in niet koop woningen zelfs onmogelijk. Een TV daarentegen kun je overal wel kwijt en is veel meer aansluiten en klaar, tenzij je echt naar de grootste maten kijkt.
Het is met de TVs van tegenwoordig al zo dat het beeld beter kan zijn dan in de bioscoop, vooral qua contrast. Maar qua audio gaat de bioscoop in 99% van de woningen onmogelijk te evaneren zijn al is het maar dat een woonkamer ongeschikt is omdat je dan standje burenruzie moet draaien.
Een goede versterker is in staat om bij lagere volumes bepaalde frequenties te boosten zodat het algemene geluidsbeeld is zoals het hoort te zijn. Zonder dat het echt veel luider wordt.
Ook kan je LFC (low frequency containment) aanzetten, funest voor je subbass, maar het helpt wel.
Onder de streep heb je er nog altijd een grote plus bij tov tv audio of een soundbar, ook, of misschien wel juist bij volumes die buurvriendelijk zijn. En andersom hebben wij ook buren aan moeten geven vanwege hun overlast door reguliere tv audio of soundbar. Dat zijn echt van elkaar losstaande zaken.
Ik heb persoonlijk nooit het belang ingezien van super high-end TV's, en jazeker een hogere HDR is zeker wenselijk, en budget TV's zijn zeker een stap te laag.
Maar voor mij is een goede surroundset veel belangrijker voor mijn filmervaring, een slechter beeld corrigeert je hersenen veel meer dan een slecht geluid.
Ik heb zelf nu een Bravia XR-75X90L, samen met een 15 jaar oude maar nog steeds fantastische Marantz SR7011 5.2.4-setup, maar ik zou veel eerder geld in mijn surroundset steken dan in een betere TV.
TLDR: goed geluid is belangrijk!
Voor mij gaat het met een goede film om beleving. Beeld moet goed zijn, HDR heeft een zeer grote voorkeur, maar als je vindt dat het zwart net een tintje te grijs is dan moet je een andere film gaan kijken, want als dat opvalt, dan "pakt" het verhaal of de actie je niet.
Geluid is heel erg noodzakelijk voor een goede filmbeleving. Idealiter is dat minimaal surround (5.1), maar stereo met goede speakers met indrukwekkend geluid kan ook. Dat klinkt beter dan een soundbar of tv-geluid.
Zelf heb ik net mijn Onkyo surround receiver (een bulky 5.2.4, dus met 9 ingebouwde class AB versterkers, die na 2 uur film kijken vrij heet kon worden) vervangen door een Canton Smart Amp 5.1, een moderne class D versterker. Voor een audiofiel misschien niet een logische keuze, maar voor een hifi liefhebber zoals ik mezelf zie een enorme vooruitgang. Zeer goed geluid uit een klein doosje, geeft ook HDR beeld door (dus de versterker kan weer tussen bron en tv in, ipv via ARC het geluid van de bron via de tv krijgen).
vervangen door een Canton Smart Amp 5.1, een moderne class D versterker.
Ja ik kan leven met redelijk goed geluid als ik films zit te kijken, goede plaatsing van de effecten is voor mij belangrijker, heb bv 2 sets goede JBL 165mm autospeakers in mijn plafond geplaatst, ipv veel duurdere speciale plafonspeakers.
Voor een audiofiel misschien niet een logische keuze, maar voor een hifi liefhebber zoals ik mezelf zie een enorme vooruitgang.
Ja, zeker voor video content vind ik het heel begrijpelijk, en klasse-D heeft zeker sprongen vooruit gemaakt, ik zou er mee kunnen leven, maar persoonlijk vind ik nog steeds een goede AB amp iets beter klinken als ik bv naar iets als The Dark Side of the Moon aan het luisteren ben.
Ik heb mijn keuze mede gebaseerd op het goed (stereo) af kunnen spelen van cd's! Ik heb deze cd ook, heb 'm alleen nog niet via mijn Canton geluisterd (zal dat binnenkort wel doen, dank voor de tip), maar wel The Wall (de film, niet de cd).
CD's met redelijk wat dynamiek, zoals Radiohead OK Computer, klinken perfect. Phil Collins In The Air Tonight bouwt lekker op en blijft goed klinken. Metallica's The Unforgiven III (de beste van de 3) klinkt super!
Ik mis mijn Onkyo class AB receiver niet. Theoretisch is het beter dan class D, maar ik hoor het niet, of ik vind het ene niet beter dan het andere als er wel een verschilletje hoorbaar is.
Het belang verschilt gewoon heel erg per persoon. Hoe hoger je gaat hoe kleiner het verschil wordt, maar het bestaat wel. De vraag is of je de meerprijs wil betalen voor die iets betere 'picture quality'.
[Reactie gewijzigd door VonDudenstein op 9 juli 2026 12:33]
Hier gaat denk ik iets mis. Wat je wilde zeggen is waarschijnlijk "voor mij is een budget TV genoeg"
Dat is niet wat ik zeg.
Ik heb persoonlijk nooit het belang ingezien van super high-end TV's
Want mijn Bravia XR-75X90L is zeker geen budget-tv, maar één die ik als open-box voor een goede prijs heb gekocht, als vervanging van mijn KD-65XH9005.
Wat ik zeg is, op een gegeven moment hebben dure TV's weinig meerwaarde over een gewone goede TV.
Excuseer, zie nu dat ik het helemaal verkeerd las. Die X90L was gewoon een 'high end' toestel.
Nog steeds denk ik wel dat er EEN nut is en toegevoegde waarde van de topmodellen en dat het persoonlijk is of je daar de prijs voor wilt betalan. De top OLED modellen die vaak een nieuwer panel hebben met meer helderheid (wat bij OLED voor HDR wel echt relevant is), iets betere kleurweergave. Panasonic had destijds veel betere 'near black level control'. Want omdat iets OLED is, betekent dit niet dat het altijd perfect zwart is. Ook de Bravia 9 tov de Bravia 7 van vorig jaar. Dat verschil was toen best behoorlijk.
Eigenlijk is jouw argument nu NET een punt van discussie geworden met de Bravia 7II tov de 9II. Omdat die wel akelig dicht in de buurt komt en het prijsverschil toch aanzienelijk is.
Ik heb net 2 maand terug een Bravia 9 65" gekocht, wetende dat de Bravia9 II er aan zat te komen maar toch veel te duur zou zijn voor mijn budget. Maar het heeft mij wel een paar keer aan het twijfelen gezet of ik niet beter had kunnen wachten op de 9 II met eventuele (kan je vergeten) prijsverlaging binnen een jaar. Uiteindelijk wel zeer blij met de Bravia 9.
@player-x wel grappig om te lezen hoe geluid en beeld op een andere manier belangrijker wordt gevonden bij filmervaring. Ik leg zelf meer de nadruk op beeldkwaliteit in tegenstelling tot geluid. Niet dat ik geluid niet belangrijk vindt, in tegendeel, maar meerdere speakers in een fatsoenlijke ATMOS opstelling zorgt voor irritaties bij mijn vrouw en ik merk dat ik mij eerder irriteer aan slechtere beeldkwaliteit. Voorkeur voor films gaat dan ook altijd uit naar kijken op UHD schijfjes dan naar films op streamingsdiensten met te lage bitrate.
[edit] was vergeten te vermelden dat er een soundbar bij ons onder de TV ligt. Geluid voldoet naar mijn mening vanuit een TV bij geen enkel model.
Ik weet niet of het aan mij ligt maar vindt wel vaak dat bij reviews de indruk wordt gewekt dat een TV beter is als deze een zo hoog mogelijke helderheid moet hebben dat zelfs een lasbril overkomt als een goedkoop zonnebrilletje van de Kruidvat. Kijk eens naar een goede HDR film en je zal zien dat als je trouw blijft aan de intenties van de regisseur, editor of wie dan ook de kleurtoon etc bepaald, je lang niet die super helderheid nodig hebt en het een trend lijkt van de laatste jaren dat films steeds donkerder ogen. In sommige gevallen zelfs amper te bekijken bij daglicht en ben je verplicht om de ruimte helemaal te verduisteren en zelfs dan moet je helderheid wat oppompen. dus dat...
[Reactie gewijzigd door Campo di Casa op 9 juli 2026 10:07]
En een hele goede stereo-setup dan (desnoods 2.2)? Die opstelling met 10 speakers in de kamer is natuurlijk ook wel een beetje heftig. Maar een goede stereo basis is al 90% van je surround in mijn optiek.
Die opstelling met 10 speakers in de kamer is natuurlijk ook wel een beetje heftig.
Umm, 11 ^_^, maar je ziet er eigenlijk maar 2 staande en de 2 boekenplank speakers als je oplet, de rest is nagenoeg onopvallend weggewerkt, totdat je het aanzet.
Niet dat ik geluid niet belangrijk vindt, in tegendeel, maar meerdere speakers in een fatsoenlijke ATMOS opstelling zorgt voor irritaties bij mijn vrouw
Er is een groot verschil tussen geluid uit je platte tv en geluid uit een high-end Dolby Atmos 5.2.4 opstelling met 9 speakers en 2 subwoofers!
Een soundbar is al een verbetering, alleen is die altijd zichtbaar, het is een dikke balk onder het beeld.
Zelf zou ik altijd voor "echte" speakers gaan. En dat kan al met bv een setje actieve boekenplank speakers. Dat kan van een klassiek hifi merk, of bv Edifier. Neem wel een model met optische ingang en een subwoofer uitgang voor als je meer bas bij je films wil.
Dus ook zonder dikke versterker en 100 speakers kun je je tv geluid verbeteren!
Top tv maar toch net niet voor mij dus. Kijk veel sport en ook wel als donker is dus als blooming dan irriteert !! Daarnaast had ik op meer gehoopt qua gaming maar dat valt dus ook best wel tegen. Dit geldt ook voor de nieuwe Samsung R95H die heeft ook veel smearing bij snelbewegende beelden. Gok dat RGB daarvoor de oorzaak is.
Als ik het geld had zou ik dan toch voor de Bravia 8 ii gaan
Ook zeer interressant hoe de nieuwe Sony Bravia 6 het zal gaan doen.
Denk je dat een TV de zwakste schakel is bij Sport op TV? De PO zend het WK bijvoorbeeld uit in maximaal 1080p en daar gaat de compressie van je kabelboer nog eens overheen.
Mocht je in de toekomst nog een Sony Bravia willen kopen dan is het verstandig om ook naar tcl te kijken aangezien vanaf 2027 tcl de televisies van Sony gaat maken, net zoals tp vision dit ook al doet voor Philips. Het zal in ieder geval in je portemonnee schelen.
Iedereen doet negatief over de merger met TCL, maar ik hoop inderdaad dat de prijzen hierdoor flink zullen zakken. Sony heeft zich nu gewoon buiten het bereik van de meeste consumenten geprijsd, dat lijken ze zelf ook door te hebben.
Mijn vorige Sony was misschien €100 duurder dan de concurrentie, die Sony-tax vond ik prima. Tijdens de aankoop van mijn laatste tv was Sony letterlijk twee keer zo duur, dat vond ik niet meer te rechtvaardigen.
Interessante review! Eigenlijk kijken we in deze vergelijking stiekem naar een interne Sony-strijd: de Bravia 8 II (QD-OLED) tegen de Bravia 9 II (MiniLED).
Aangezien Sony zijn QD-OLED-panelen gewoon bij Samsung Display inkoopt, is de hardwarebasis van de S99H nagenoeg identiek aan die van Sony's eigen OLED-vlaggenschip. Sony voegt er bij de Bravia 8 II alleen een flinke fysieke heatsink aan toe om het paneel veiliger en feller te pushen, samen met hun eigen XR-beeldverwerking en volledige Dolby Vision-ondersteuning
Die zie ik ook graag terug in een review. Ben benieuwd of de verschillen in de praktijk kleiner zijn dan het prijsverschil en de 7 II daardoor de betere koop is.