In de chaotische weken rondom het veelbesproken Odido-datalek heb je misschien eens geprobeerd om te controleren welke gegevens er van je uitgelekt zijn. De politietool 'Check je hack' is daarvoor een goed hulpmiddel, al merkten Tweakers-lezers op dat het oorspronkelijke mailtje naar slachtoffers een fout bevatte.
Toen die fout verholpen was, wilde Tweakers kijken wat er in het verbeterde mailtje stond, maar dat lukte niet. Uit een steekproef van de nieuwsredactie bleek dat hetzelfde e-mailadres niet meermaals gecheckt kon worden via Check je hack. Dat roept de enigszins ongemakkelijke vraag op: slaat de politie zomaar je e-mailadres op om te checken of je al eerder een hack hebt willen checken? Nou, nee. Althans, dat gebeurt niet zoals je zou denken.
Wat is Check je hack?
Check je hack is een tool van de politie waarmee gebruikers kunnen controleren of zij slachtoffer zijn van datalekken. Gebruikers voeren hiervoor hun e-mailadres in en krijgen dan via het betreffende e-mailadres een bericht als dat in het datalek voorkomt. Als het daar niet in staat, krijgt de gebruiker geen e-mail. De tool geeft alleen aan óf een e-mailadres in het datalek staat, niet welke andere gegevens van de gebruiker erin zitten. Dit komt doordat datasets vaak niet op die manier gestructureerd zijn. De politie kan dus niet zomaar alle relevante gegevens aan één e-mailadres koppelen.
De tool van de politie is de enige echt legale manier om te controleren of je bij een opgenomen datalek betrokken bent. Het downloaden van gestolen datasets die niet openbaar zijn is namelijk strafbaar. In principe moet iedere maker van een dergelijke tool de dataset dus eerst illegaal downloaden. Bekende vergelijkbare tools als Have I Been Pwned verkeren in een grijs gebied en dienen een groter maatschappelijk belang. Daarom wordt voor die tool een uitzondering gemaakt.
Politie kan niets inzien
De Nederlandse politie registreert dus op een of andere manier welke e-mailadressen al eens zijn ingevoerd door een Check je hack-gebruiker. Anders zou je immers de tool meermaals kunnen gebruiken met hetzelfde e-mailadres. Een woordvoerder van de politie bevestigt dit, maar benadrukt dat de organisatie niet kan zien welke e-mailadressen zijn gecheckt en ook niet welke adressen er in de dataset staan. Dat zou immers in strijd zijn met de gebruikersvoorwaarden van de tool. Hoe Check je hack dan toch kan controleren of je al ooit het e-mailadres hebt ingevoerd, heeft alles met het ontwerp van de tool te maken.
Hashing als hoeksteen
Check je hack berust namelijk op hashing, het met een algoritme in één richting omzetten van gegevens naar een niet meer herleidbare waarde met een vaste lengte. Met dezelfde input komt er bij hashing ook altijd dezelfde output uit. "De politie slaat alleen gehashte e-mailadressen op die zijn aangetroffen in de dataset [van een datalek]." Hierdoor heeft de politie in principe dus geen inzicht in welke gegevens er in de dataset staan.
Pepper en salt op je hash
Pepper en salt zijn niet alleen specerijen, maar ook een manier om hashbeveiliging wat extra pit te geven. Bij zowel salt als pepper wordt een waarde toegevoegd aan ieder te hashen gegeven.
Salten voegt een unieke waarde aan het te hashen gegeven toe. Daardoor leveren twee dezelfde waarden, bijvoorbeeld identieke wachtwoorden, na het hashen een andere output op. Pepperen is een extra beveiliging door ook nog een vaste waarde aan het gegeven toe te voegen.
De saltstring wordt aan een databaserecord toegevoegd, terwijl de pepperstring ergens buiten de database wordt opgeslagen, bijvoorbeeld in een trusted execution environment. Een pepper is dus geheim, de saltstring niet. Dat maakt beveiliging met peppers nog veiliger dan alleen met salts, omdat een eventuele inbreker in een database niet de pepper kan achterhalen, zoals dat met een salt wél kan.
Als een gebruiker zijn e-mailadres in de tool invult, wordt volgens de politie ook die input gehasht samen met een pepper, ofwel een geheime sleutel. Dit is een extra beveiligingsmaatregel: het toevoegen van een geheime waarde aan de gegevens, zodat de gehashte dataset door een eventuele kwaadwillende nog moeilijker terugvertaald zou kunnen worden.
Check je hack controleert vervolgens of het gehashte ingevoerde e-mailadres voorkomt in de gehashte dataset. Is dat zo, dan wordt er eenmalig een e-mail gestuurd naar het ingevoerde e-mailadres. Volgens de politie wordt dit nieuwe ingevoerde e-mailadres niet gelogd of opgeslagen. In de gehashte dataset wordt het genotificeerde e-mailadres wel gemarkeerd met 'true'. Hierdoor kan ieder adres slechts eenmalig worden gecheckt. "Door de politie is dus niet te achterhalen welk e-mailadres is genotificeerd."
Voorkomen van spambots
Het hashen van de gestolen dataset is een manier om de privacy van betrokken gebruikers te waarborgen. Om dezelfde reden stuurt de politie alleen een e-mail met de mógelijk gestolen informatie naar een Check je hack-ontvanger, niet de daadwerkelijke informatie die in de dataset staat. Datasets slaan vaak niet alle gegevens van één persoon gekoppeld op. Daarnaast voorkomt dit dat een kwaadwillende misbruik kan maken van de tool door een gecompromitteerd e-mailadres te gebruiken om meer gegevens van het slachtoffer te stelen.
De keuze om alleen eenmalig een e-mail naar ontvangers te verzenden en vervolgens het gehashte e-mailadres te markeren, is volgens de politie weloverwogen. "Het doel was te voorkomen dat er handmatig, of via een automatisch script, herhaaldelijk e-mailadressen ingevoerd konden worden die vervolgens zouden leiden tot spam-e-mails aan slachtoffers." Met andere woorden: de politie voorkomt zo dat Check je hack misbruikt kan worden als spamtool.
Foute informatie in e-mail Odido-datalek
De keerzijde hiervan is dat, wanneer er iets fout gaat, de politie een gebruiker niet nogmaals kan inlichten. Precies dat probleem kwam onlangs aan het licht. De politie voegde begin maart gegevens uit het Odido-datalek aan de tool toe. In de aanvankelijke mail stond dat er wachtwoorden van klanten bij het datalek betrokken waren, terwijl dit nooit door Odido bevestigd werd.
Na vragen van Tweakers op basis van lezersfeedback veranderde de politie de tekst in de e-mail. Nu staat er in de toelichting: "Er zijn geen wachtwoorden gelekt van de Odido-website; wel is er een klantcontactveld gelekt waarin klanten wellicht toch hun wachtwoord hebben opgegeven."
Slachtoffers die de aanvankelijke mail hebben ontvangen, denken dus mogelijk dat er meer gegevens van ze gestolen zijn dan werkelijk het geval is. In de verbeterde e-mail staat de volledige context, maar die kunnen slachtoffers die de tool al gebruikt hebben in principe niet meer ontvangen. Waarschijnlijk zijn diezelfde slachtoffers overigens ook ingelicht door Odido of Ben en gelukkig kunnen zij dezelfde informatie ook nog ontvangen via Have I Been Pwned.
Redactie: Yannick Spinner • Eindredactie: Marger Verschuur
/i/2008060784.png?f=imagenormal)