Zeker met de huidige energieprijzen is het geen slecht idee om je energiegebruik in de gaten te houden. Met een P1-meter zie je het actuele stroom- en gasverbruik van je woning en hoeveel stroom je aan het net teruglevert als je zonnepanelen hebt.
Je kunt waarschijnlijk heel eenvoudig zelf een P1-meter aansluiten. Je hebt internet, een slimme of digitale energiemeter in de meterkast en een P1-dongel nodig. De dongel geeft informatie van de energiemeter door aan de gebruiker, meestal via een app.
In het kort
- Een P1-meter sluit je met een kabel aan op je energiemeter.
- Je verbindt met de meter via wifi of ethernet om gegevens uit te lezen.
- Het hangt van je slimme meter af hoe vaak een P1-meter een update met nieuwe informatie krijgt en of er eventueel externe stroom nodig is.
- Een P1-meter kun je ook zelf bouwen met een mini-pc.
P1-meter aansluiten
Een P1-meter aansluiten is ontzettend simpel. Slimme meters en digitale meters die ergens in de afgelopen tien jaar geplaatst zijn, hebben eigenlijk altijd een P1-poort. Vanaf 2025 zijn ze zelfs verplicht in Nederland. In België zijn ze niet verplicht, maar in de praktijk heeft iedere nieuwe slimme meter er toch een.
Het verschilt per meter waar die poort zit. Zoek daarvoor op de meter naar een telefoonaansluiting, ofwel een RJ11- of RJ12-poort. De aansluiting is veelal met 'P1' gemarkeerd; dat maakt het zoeken nog makkelijker. De poort is soms afgedekt met een kapje, rubberen dopje of plastic stekker.
Als je de poort hebt vrijgemaakt, kan de kabel van de P1-meter er maar op één manier in. De connector van de P1-meter heeft een clipje dat vastklikt in de poort. Je hoort dan een duidelijke 'klik'. Om de dongel te verwijderen, druk je dit clipje eerst in. Je kunt het kabeltje er dan als het goed is zonder weerstand weer uit halen.
De P1-meter kan vervolgens de volgende dingen uitlezen:
- het totale stroomverbruik van een woning, elke één of tien seconden;
- het totale gasverbruik van een woning, elke vijf of zestig minuten;
- hoeveel eventuele zonnepanelen terugleveren aan het net.
Soorten P1-meters
Er zijn twee soorten kant-en-klare P1-meters verkrijgbaar: op basis van wifi en op basis van bekabeld internet, ofwel ethernet. Het is ook mogelijk om zelf iets te maken met bijvoorbeeld een Raspberry Pi of Arduino.
Bekijk alle P1-meters in de Pricewatch
In de meeste gevallen is een P1-meter met draadloze verbinding het makkelijkst. Je hoeft dan geen extra kabel naar de dongel te trekken. Dit vereist wel een stabiele internetverbinding, specifiek in de meterkast. Staat de router in de meterkast, dan zijn beide opties eenvoudig te installeren. Moet je een middellange afstand overbruggen, dan is een wifi-P1-meter waarschijnlijk het makkelijkst. Als je een heel lange afstand moet overbruggen, is het wifisignaal mogelijk niet sterk genoeg en is een ethernetkabel weer de beste optie.
| Kenmerk | Wifi-P1-meter | Bekabelde P1-meter | DIY met mini-pc |
| Installatie | Zeer eenvoudig | Eenvoudig (ethernet nodig) | Technisch |
| Stabiliteit | Goed (afhankelijk van wifinetwerk en afstand) | Uitstekend | Afhankelijk van build |
| App/interface | Kant-en-klaar | Kant-en-klaar | Zelf configureren |
| Cloudafhankelijk | Ja | Ja | Afhankelijk van build, zelf hosten mogelijk |
| Prijsindicatie (relatief) | Laag | Gemiddeld | Hoog |
Na de installatie en configuratie kun je de gegevens van de P1-meter uitlezen. Het verschilt per model hoe dat werkt, bijvoorbeeld via wifi of ethernet. Verder hebben de populairste opties van bijvoorbeeld HomeWizard, Homey en Powerbaas een eigen app waarin je je stroomverbruik afleest. In die gevallen verwerken die bedrijven dus ook je gegevens in de cloud.
Je energiemeter bepaalt de mogelijkheden
Verder is het nog belangrijk om de eventuele beperkingen van je energiemeter op een rij te hebben. Deze meters gebruiken in Nederland en België het communicatieprotocol Dutch Smart Meter Requirements. Dat bepaalt hoe vaak de energiemeter informatie doorgeeft aan de dongel. Voor op het apparaat staat welke DSMR-versie je energiemeter ondersteunt.
Data-intervallen: Iedere nieuwe generatie, van DSMR 2.0 en 4.0 tot 5.0, is weer iets beter. Alle energiemeters die DSMR 4.0 of ouder gebruiken, geven eens per tien seconden het stroomgebruik en eens per uur het gasgebruik door. Voor DSMR 5.0-meters is dat respectievelijk eens per seconde en eens per vijf minuten. Het nieuwe protocol ondersteunt dus accuratere informatie.
Stroomtoevoer: Daarnaast bepaalt de DSMR-protocolversie of de P1-poort directe stroomtoevoer ondersteunt. Alleen DSMR 5.0 geeft rechtstreeks stroom aan de P1-dongel. Voor energiemeters met een oudere DSMR-versie is een externe stroomaansluiting in de meterkast nodig. Meestal krijg je het kabeltje, bijvoorbeeld een micro-USB-kabel, niet bij de dongel.
:strip_exif()/i/2007843884.jpeg?f=imagenormal)