Een processor met een kloksnelheid van 3GHz kan veel sneller zijn dan eentje met een kloksnelheid van 5GHz. Dat komt door de ipc, wat staat voor instructions per clock. De ipc geeft aan hoeveel werk een processor kan verzetten binnen één kloktik.
Een cpu met een hogere ipc heeft minder kloktikken nodig om hetzelfde aantal instructies uit te voeren. Waar de kloksnelheid aangeeft hoe hard een cpu werkt, geeft de ipc aan hoe 'slim' hij werkt. Je kunt de ipc dan ook omschrijven als de 'intrinsieke snelheid' van een processorarchitectuur.
Samen met de kloksnelheid, het aantal cores en de hoeveelheid cache bepaalt de ipc uiteindelijk hoe goed een processor presteert. Zeker bij taken die niet goed schalen naar veel cores, zoals games, is de ipc relatief belangrijk voor de prestaties.
Instructions per clock in het kort
- De ipc is het aantal instructies dat een processor kan verwerken binnen een kloktik.
- Dit geeft weer hoe snel de architectuur van een processorcore intrinsiek is.
- Reviewers meten de ipc meestal door processors te testen met een vast aantal cores, een vaste kloksnelheid en een vaste geheugensnelheid.
Wat bepaalt de ipc van een processor?
een nieuwe microarchitectuur presenteren.
De interne opbouw, ook wel de microarchitectuur genoemd, bepaalt volledig hoe 'slim' een processor werkt. Het gaat dan bijvoorbeeld over hoe slim de branch predictor is, of de out-of-orderexecution efficiënt verloopt en of de processorcore toegang heeft tot veel en snelle cache.
Fabrikanten ontwerpen nieuwe processors over het algemeen steeds slimmer, waardoor nieuwere generaties een hogere ipc hebben. Fabrikanten kunnen die hogere ipc inzetten om een processor zuiniger te maken door de kloksnelheden te verlagen. Ze kunnen de processor ook sneller maken door de kloksnelheden minstens gelijk te houden.
Zolang de omstandigheden hetzelfde zijn, hebben processors binnen dezelfde generatie dezelfde ipc. Een AMD Ryzen 5 9600X en een Ryzen 9 9950X hebben bijvoorbeeld een gelijke ipc, want ze gebruiken identieke Zen 5-cores. Puur het aantal cores en de bijbehorende kloksnelheden bepalen het snelheidsverschil tussen de twee processors.
Zo test je de ipc van een processor
Een processor heeft niet één ipc. De ene architectuur verwerkt bepaalde instructies efficiënter, terwijl de andere uitblinkt in een ander type instructies. Zo kan de ipc van een processor in 3d-rendering anders zijn dan die in games.
Om de ipc te testen gebruiken reviewers meestal een benchmark die goed reproduceerbaar is en zich makkelijk laat beperken tot één core. Een goed voorbeeld daarvan is Cinebench.
Bij een ipc-test zetten reviewers uiteraard de kloksnelheid vast. De exacte snelheid maakt eigenlijk niet veel uit, zolang alle geteste processors maar op precies dezelfde klokfrequentie werken. Daarnaast is het belangrijk om de rest van het systeem zo identiek mogelijk te houden, zoals de hoeveelheid en snelheid van het geheugen.
| Cinebench 24 - Single @ 5GHz met DDR5-5600 CL36 | |
|---|---|
| Processor | Gemiddelde score in punten (hoger is beter) |
| Intel Core Ultra 9 285K | 129 |
| AMD Ryzen 7 9700X | 120 |
| Intel Core i7-14700K | 117 |
| AMD Ryzen 7 7700X | 108 |
| Intel Core i9-10900K | 74 |
Hierboven zie je als voorbeeld een ipc-test die Tweakers op enkele processorgeneraties van AMD en Intel heeft uitgevoerd. Je ziet daarin duidelijk dat nieuwere processors vaak een hogere ipc hebben. Per processorgeneratie hoeft er maar één cpu getest te worden, omdat de ipc onafhankelijk is van bijvoorbeeld het aantal cores.
Tot slot
Ipc is misschien wel de belangrijkste maatstaf voor hoe slim en efficiënt een processor werkt. Een ipc-meting is daarom een belangrijke test bij de introductie van een nieuwe processorarchitectuur. Ook verklaart de ipc hoe een nieuwe processor sneller kan zijn dan een oude, zelfs als de oude processor meer cores of een hogere kloksnelheid heeft.