Doordat er veel wifinetwerken actief zijn, is de kans groot dat je het kanaal van je keuze deelt met andere netwerken. Of dat een probleem is, hangt sterk af van de drukte op dat concurrerende netwerk. Als er weinig apparaten mee verbonden zijn en die niet zo actief zijn, zul je weinig invloed ondervinden. Als er echter een draadloze IP-camera met het netwerk verbonden is die 24 uur per dag data verzendt naar een recorder, is het geen goede keuze om hetzelfde kanaal als dit netwerk te gebruiken.
Tot op zekere hoogte kun je inschatten hoe druk een netwerk is. De activiteit van concurrerende netwerken kun je alleen meten met een draadloze netwerkadapter die de monitormodus ondersteunt. Daarmee kan de adapter verkeer van concurrerende netwerken opvangen. De software die daarvoor gebruikt wordt, is niet erg geschikt voor beginners – bij uitstek dus iets voor tweakers.
Met netwerkanalysesoftware zoals Kismet in combinatie met Airmon, dat de netwerkkaart in monitormodus dwingt, kun je het opgevangen radioverkeer analyseren. Met Kismets analyse kun je vervolgens beter bepalen met welke netwerken je het kanaal deelt. Kismet en Airmon zijn Linux-applicaties.
Het allerbeste kanaal en de verborgen node
In een ideale wereld stelt iedereen zijn wifikanaal vast in overleg met de buren. In de praktijk is dat niet altijd het geval en zit je dus met accesspoints die soms van kanaal wisselen en een veranderlijk wifispectrum. Je wifikanaal vast instellen heeft daarom onderhoud nodig, of in elk geval hernieuwde aandacht als de kwaliteit van het netwerk afneemt.
Om een goed beeld te krijgen van de omstandigheden moet je met de apps die we eerder noemden op meerdere plekken de kanaalbezetting bekijken. Als de app het ondersteunt, is het ook goed om de activiteit op de netwerken om je heen te analyseren of zelf in te schatten.
In veel gevallen zie je verder van het accesspoint andere netwerken dan vlakbij. Hier komt het probleem van de 'verborgen node' om de hoek kijken. Dat illustreren we in onderstaande afbeelding.
Het accesspoint in dit scenario heeft netjes rekening gehouden met de netwerken om zich heen en een vrij kanaal gekozen zonder overlap. Een eindje verderop bevindt de client zich binnen het bereik van een druk netwerk dat op hetzelfde wifikanaal opereert. Het andere netwerk kan hierdoor transmissies van het eigen accesspoint naar de client overschreeuwen zonder dat het accesspoint dit doorheeft. Andersom kunnen transmissies van de eigen client naar het accesspoint soms vertraagd worden doordat de apparaten moeten wachten op zendtijd te midden van het concurrerende verkeer.
Kortom: het ideale wifikanaal is niet alleen afhankelijk van wifinetwerken dicht bij het accesspoint, maar ook van netwerken verderop. Ook telt mee hoe druk het netwerk is en wanneer die drukte optreedt. De situatie kan daarnaast op elk moment veranderen doordat naburige accesspoints hun kanaalindeling wijzigen.
Met andere woorden: het ideale wifikanaal bestaat wel, maar bevindt zich nooit lang op dezelfde plek. Automatische kanaalconfiguratie werkt rondom de router, maar garandeert niet dat het netwerk aan de randen van het bereik goed werkt.
/i/2007598746.png?f=imagenormal)