Onze tweede ervaring met Intels Woodcrest-Xeon was eigenlijk net zo goed als de eerste. Het iets mindere schaalgedrag werd ruim gecompenseerd door betere absolute prestaties. Zoals wel vaker het geval is met topmodellen bieden de Xeon 5160-processors in Apollo 5 echter niet het meeste waar voor hun geld: de 3,0GHz-modellen zijn 23% duurder dan de 2,66GHz-versies en hebben bovendien een 23% hoger TDP, terwijl ze in ruil daarvoor maar ongeveer 10% betere prestaties te bieden hebben. In onze situatie is het niet nodig om op iedere watt of euro te bezuinigen, maar er zijn natuurlijk een hoop klanten die zich die luxe niet kunnen veroorloven.
Hoewel het benchmarken van Apollo 5 niet tot schokkende nieuwe conclusies heeft geleid, hebben we wel alweer het zesde datapunt verzameld in onze serie van serverreviews, een mooie referentie om in toekomstige artikelen naartoe te kunnen wijzen. Om af te sluiten geven we daarom nog even een overzicht van alle hardware die we tot nu toe getest hebben: Apollo 5 (3,0GHz Woodcrest), Fujitsu-Siemens RX300 (2,66GHz Woodcrest en 3,73GHz Dempsey), Sun Fire X4200 (2,4GHz Opteron Socket 940), Sun Fire T2000 (1,0GHz Niagara) en MSI K9SD Master (2,4GHz Opteron Socket F). Uitgebreide specificaties van al deze machines zijn
hier te vinden.

Apollo 5 wordt in het rek geschoven, klaar om tot ruim 500 tweakers per seconde te kunnen bedienen
Eerdere artikelen in deze serie
4-9-2006: Intel Xeon 'Woodcrest' 2,66GHz
30-7-2006: AMD Opteron Socket F
27-7-2006: Sun UltraSparc T1 vs. AMD Opteron
19-4-2006: Xeon vs. Opteron, single- en dualcore