Opteron vs. Dempsey
Het eerste waar we naar willen kijken is hoe Xeon Dempsey het doet tegenover de Opteron. Hierdoor kunnen we namelijk een goed beeld krijgen van hoe de oude Netburst-architectuur zich gewapend met een goede chipset houdt tegenover de concurrentie. Dat blijkt nog steeds niet zo heel goed te zijn: de 2,4GHz Opteron is onder zware belasting gemiddeld 12% sneller dan de 3,73GHz Demspey in MySQL 4.1.20. In MySQL 5.0.20a is het verschil iets kleiner, maar 9% is natuurlijk nog steeds een onmiskenbare overwinning voor AMD. Toch is de voorsprong van de Opteron lang niet meer zo groot als in het begin van dit jaar, toen de oude Xeon 'Paxville' in combinatie met de Lindenhurst-chipset de enige concurrent was. De bijna drievoudige bandbreedte van Blackford doet dus zelfs zonder Woodcrest een hoop goed: het levert nog niet direct een overwinning op, maar men hoeft zich in ieder geval een stuk minder te schamen.


In PostgreSQL zet Dempsey een ruime overwinning tegenover de Opteron. De reden hiervoor lijkt - buiten de ruim 1,3GHz hogere klok van de Xeon - voornamelijk een goede benutting van HyperThreading te zijn: met ieder één core ingeschakeld liggen de prestaties van de twee nog dicht bij elkaar, maar tijdens de stappen naar twee en vier cores wint de Xeon duidelijk meer terrein dan de Opteron. Uiteindelijk is het Intel-systeem onder zware belasting maar liefst 22% procent sneller dan het AMD-systeem.

Al met al zet Dempsey een redelijk resultaat neer, maar het moet in acht worden genomen dat het hier gaat om een vergelijking tussen de snelste Dempsey en een subtop Opteron, waarbij de AMD-chip met 4GB extra geheugen ook nog iets beter had kunnen scoren. Intels nieuwe chipset maakt een einde aan de beschamende achterstand die we aan het begin van dit jaar moesten constateren, maar in combinatie met de Netburst-Xeon kunnen we ook nog niet van een (overtuigende) voorsprong spreken.


In PostgreSQL zet Dempsey een ruime overwinning tegenover de Opteron. De reden hiervoor lijkt - buiten de ruim 1,3GHz hogere klok van de Xeon - voornamelijk een goede benutting van HyperThreading te zijn: met ieder één core ingeschakeld liggen de prestaties van de twee nog dicht bij elkaar, maar tijdens de stappen naar twee en vier cores wint de Xeon duidelijk meer terrein dan de Opteron. Uiteindelijk is het Intel-systeem onder zware belasting maar liefst 22% procent sneller dan het AMD-systeem.

Al met al zet Dempsey een redelijk resultaat neer, maar het moet in acht worden genomen dat het hier gaat om een vergelijking tussen de snelste Dempsey en een subtop Opteron, waarbij de AMD-chip met 4GB extra geheugen ook nog iets beter had kunnen scoren. Intels nieuwe chipset maakt een einde aan de beschamende achterstand die we aan het begin van dit jaar moesten constateren, maar in combinatie met de Netburst-Xeon kunnen we ook nog niet van een (overtuigende) voorsprong spreken.
Volgende pagina (Woodcrest vs. Dempsey - 12/16)
