Hoofdcategorieën

Thuisnetwerken: een uitgebreide beginnersguide

Door Mark Timmer, donderdag 19 oktober 2000 19:37, views: 860.573

Windows configureren

Alle hardware is nu aangesloten, alle basiskennis is vergaard. De volgende stap is het instellen van Windows. Hiervoor ga ik uit van Windows 9x, maar in Windows NT / 2000 werkt het in principe net zo.

Protocol / Cliënt / Service installeren

  • Ga naar het configuratiescherm en klik op het netwerk-pictogram (of klik met de rechtermuisknop op Netwerkomgeving en dan op eigenschappen).
  • Indien het IPX/SPX-protocol nog niet in het rijtje staat, voeg dit dan toe via Toevoegen -> Protocol -> Microsoft -> IPX/SPX-compatible.
  • Indien het TCP/IP-protocol nog niet in het rijtje staat, voeg dit dan toe via Toevoegen -> Protocol -> Microsoft -> TCP/IP.
  • Indien de cliënt voor Microsoft-netwerken nog niet in het rijtje staat, voeg deze dan toe via Toevoegen -> Cliënt -> Microsoft -> Cliënt voor Microsoft-netwerken.
  • Indien 'bestands- en printerdeling voor Microsoft-netwerken' nog niet in het rijtje staat, voeg deze dan toe via Toevoegen -> Service -> Bestands- en printerdeling voor Microsoft-netwerken.
TCP/IP instellen
  • Geef alle betrokken netwerkkaarten een eigen IP-adres, via configuratiescherm -> netwerk -> TCP/IP -> eigenschappen -> IP Adres. Kies hier voor 192.168.1.1 voor de internet-PC, 192.168.1.2 voor de eerste cliënt, 192.168.1.3 voor de tweede cliënt, enz. Deze IP-adressen zijn speciaal gereserveerd voor een netwerk.
  • Voer 255.255.255.0 in als subnetmasker.
  • Ga naar het 'DNS Configuratie'-tabblad en zet DNS aan.
  • Typ een naam voor de internetmachine in het host-veld, gebruik hier dus bij alle computers in het netwerk dezelfde naam. Verzin zelf een naam voor in het domein-veld. Het maakt niet uit wat je hier invult, maar gebruik ook in dit geval wel op alle computers dezelfde naam.
  • Voeg in het 'zoekvolgorde van DNS-Server' als eerste het IP adres van de internetcomputer in (192.168.1.1 dus) en daarna de twee door de provider verkregen adressen.
  • Bevestig alles en start opnieuw op.
Identificatie instellen

  • Klik vanuit het netwerk-venster op het tabblad identificatie.
  • Vul de computernaam (bij de internetmachine dus degene die je hierboven ook al gebruikt hebt), werkgroep en computeromschrijving in. In alledrie de gevallen kan je zelf iets verzinnen, maar zeker in geval van een redelijk groot netwerk is het handig duidelijke namen te gebruiken. Doe je dat niet, is het steeds weer even zoeken welke naam nou bij welke PC hoort.
De overige computers configureren

Ga voor alle computers in het netwerk bovenstaande stappen langs. Het eerste gedeelte kan precies op dezelfde manier gebeuren, bij deel 2 moet je natuurlijk een andere naam en omschrijving invoeren. Gebruik echter wel dezelfde werkgroep, zodat de Windows'en weten dat ze bij elkaar horen.

Volgende pagina (Bestanden delen - 7/9)


Inhoudsopgave

VNU Media logo Powered by True

© 1998 - 2009 Tweakers.net - Alle rechten voorbehouden - Uw Privacy - Algemene Voorwaarden

Uitgever van: