Cookies op Tweakers

Tweakers maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren, het gebruiksgemak te vergroten en advertenties te tonen. Door gebruik te maken van deze website, of door op 'Ga verder' te klikken, geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Wil je meer informatie over cookies en hoe ze worden gebruikt, bekijk dan ons cookiebeleid.

Meer informatie

Door Jurian Ubachs

Redacteur games

Assassin's Creed: Valhalla Review

Ook zonder Creed een fijne game

Gevechten verdrijven stealth gameplay verder

Net als in Odyssey is die climax ver weg als je net begint. Valhalla is een lange game en meteen aan het begin zie je al waarom. Terwijl je zelf Powel-level 1 hebt, zie je om je heen al regio’s die als advies Power-level 280 of nog hoger hebben. Dat krachtsniveau wordt bepaald door de hoeveelheid skills die je hebt vrijgespeeld in de immense skilltree. Vrijwel elk facet van Eivor wordt hierdoor bepaald. Voor elke missie of taak die je volbrengt en voor elk level dat Eivor stijgt, verdien je 2 skillpunten. Die geef je uit aan passieve en actieve skills, waarbij met name de passieve skills Eivor sterker maken. Denk daarbij aan bonussen voor je health, je damage of hoe goed je met een bepaald wapen bent. Van tijd tot tijd voeg je er actieve skills aan toe, die Eivor nieuwe trucs of heel specifieke bonussen opleveren. Dit systeem werkt uitstekend. Door de omvang van de skilltree kun je ongelooflijk veel kanten op en doordat je continu skillpunten binnenharkt, hoef je nooit lang te wachten voor je weer nieuwe skills kunt vrijspelen.

Steeds nieuwe skills en abilities

In de gameplay blijkt vanzelf hoe belangrijk dat is. Eivor begint namelijk met een vrij simpel, en voor Assassin’s Creed zeer herkenbaar, palet aan mogelijkheden. Je hebt je lichte en zware aanval, de mogelijkheid om te blokken of een parry te doen, en je kunt dodgen. Dat zijn, ongeacht met welke wapens je vecht, je basisvaardigheden. Kies je voor een schild, dan krijgt blokken en afweren natuurlijk een grotere rol dan als je met een groot wapen of met twee kleinere wapens vecht, maar het idee blijft hetzelfde. Al snel speel je je eerste ability vrij, die je kunt inzetten zodra je een vol ‘adrenalineblokje’ hebt. Tijdens het vechten spendeer je dat blokje om je ability - meestal een sterke speciale aanval - in te kunnen zetten. Als je wat verder komt in de game, stijgen zowel het aantal abilities dat je hebt, als het aantal blokjes dat je tijdens een gevecht kunt vullen. Je kunt dan dus meer speciale aanvallen uitvoeren en ze ook vaker inzetten. Daarnaast zijn er ook passieve extra’s die een rol kunnen spelen. Wij speelden bijvoorbeeld een skill vrij die zorgde dat we altijd als we een ‘perfect dodge’ deden - dus net voordat de klap ons zou raken, wegsprongen - even kort profiteerden van langzamer bewegende vijanden die we snel een paar klappen konden geven. Dat bleek een ontzettend groot voordeel en zorgde in enkele van de moeilijkere gevechten van het spel voor het verschil tussen leven en dood.

Die moeilijkere gevechten kunnen baasgevechten zijn, maar ook ontmoetingen met Zealots. Dat zijn de ridders die rondrijden in de spelwereld en verbonden zijn aan de Order of the Ancients. Deze rakkers zijn vergelijkbaar met de lui die je in Odyssey ook al zo aan het opjagen waren, en dan weet je: dat kan pittig worden. Het is dan ook een goed idee om deze lieden uit de weg te gaan tot je eigen level wat meer op hun niveau zit. Datzelfde geldt voor confrontaties met speciale wilde dieren en andere vage tegenstanders die wat sterker zijn dan de rest. De baasgevechten die je tegenkomt in het kader van het hoofdverhaal zijn over het algemeen niet al te moeilijk, al hangt dat uiteraard ook af van de moeilijkheidsgraad. Daarover gesproken: Assassin’s Creed: Valhalla laat je op verschillende manieren kiezen hoe moeilijk de game is en biedt zo de optie om bijvoorbeeld sneaken heel lastig te maken, maar vechten makkelijker - of juist omgekeerd. Deze mate van instelbaarheid bevalt ons wel, want hij laat mensen hun manier van spelen zelf vormgeven.

Steeds verder weg van de Creed

Dat is belangrijk, want Assassin’s Creed: Valhalla zal niet zomaar iedereen kunnen bekoren. Feit is namelijk dat deze game, misschien wel nog meer dan Origins en Odyssey, afstand neemt van wat ooit de basis van de serie was. Het rondsneaken in een grote stad om je target te zoeken was in die games, mede door aanwezigheid van een aardig aantal steden in Odyssey, nog wel aanwezig. Bovendien kon je forten scouten op zwakke punten en daar dan secuur te werk gaan terwijl je de soldaten een voor een uitschakelde. Dat element is veel minder sterk aanwezig. Je kunt op diverse momenten nog steeds sneakend een kasteel of kerk binnen gaan, maar dat dient lang niet altijd een doel. Gewoon aan komen varen met je crew en een aanval beginnen, levert namelijk een veel beter te managen gevecht op. Valhalla wil uitdragen dat jij de leider van je clan bent en dat je Vikingen onderdeel zijn van jouw avonturen. Kiezen voor een gevecht is dus niet echt een ‘plan B’ als je ontdekt wordt tijdens het sneaken, maar eigenlijk gewoon hoe Ubisoft wil dat je de game benadert.

Dat zorgt voor een ander soort game dan Assassin’s Creed ooit was. Zoals gezegd was die trend al ingezet door Origin en Odyssey, dus helemaal nieuw is dit niet. Afhankelijk van je smaak is het ook niet per se slecht nieuws, want het vechten zit goed in elkaar en blijft leuk doordat je er nieuwe aanvallen aan blijft toevoegen. En toch knaagt er iets. Dat ligt niet alleen aan het vechten, maar meer aan de hele invalshoek van de game. Die is inmiddels zo ver verwijderd van het gestroomlijnde avontuur dat een game als Assassin’s Creed 2 bood, dat je je kunt afvragen of Ubisoft er wel verstandig aan doet dit Assassin’s Creed te blijven noemen. De strijd tussen de Templars en Assassins (of hun voorlopers) is weliswaar aardig in het verhaal verwerkt, maar voelt er van tijd tot tijd met de haren bijgesleept. Dit is meer het verhaal van Eivor en een clan die voet aan de grond wil krijgen in Engeland, dan dat Eivor een hulpmiddel is in de zoektocht naar sterke voorwerpen, zoals vroeger met Ezio en de Pieces of Eden. Nu moeten we wel zeggen dat juist dat, ook met de connectie naar de ‘oudere beschaving’, weer een beetje begint terug te keren. Desondanks mag duidelijk zijn dat dit verre van een ‘ouderwetse’ Assassin’s Creed-game is.

Veel te doen en te ontdekken

Het gebrek aan stroomlijning draagt bij aan dat effect, maar is voor de game zelf niet nadelig. Het betekent simpelweg dat er zo veel is te doen dat wat ooit de kern van Assassin’s Creed-games was, naar de achtergrond is verdwenen. De spelwereld zit echter wel boordevol sidequests, toffe plekken om te ontdekken, schatkisten, en ga zo maar door. Assassin’s Creed: Valhalla is veel meer een openwereldgame zoals The Witcher III, die je uitnodigt om op verkenning te gaan en zo de main quest uitgebreid te pauzeren. Valhalla houdt je bezig met sidequests, minigames in de vorm van een dobbelspel of drinkwedstrijd, romance-opties, allerlei mysteries in de wereld, enzovoort. Vooral die mysteries zijn gaaf. Ze zijn vaak origineel en laten de game van zijn kleurrijkste kant zien, terwijl ze je ook wat extra loot en skillpunten opleveren. De aanwezigheid van die mysteries, diverse schatten en andere collectibles betekent ook dat Valhalla een fijne (of juist niet) game is voor completionists, die wel even zoet zullen zijn met het opsporen van alle voorwerpen en activiteiten die zij met alle geweld verzameld en volbracht willen hebben.

Lees meer


Apple iPhone 12 Microsoft Xbox Series X LG CX Google Pixel 5 Sony XH90 / XH92 Samsung Galaxy S20 4G Sony PlayStation 5 Nintendo Switch Lite

Tweakers vormt samen met Hardware Info, AutoTrack, Gaspedaal.nl, Nationale Vacaturebank, Intermediair en Independer DPG Online Services B.V.
Alle rechten voorbehouden © 1998 - 2020 Hosting door True