Een plasma is een gas waarbij van sommige atomen elektronen losgeslagen zijn.
Of beter gezegd: een geïoniseerd gas. De elektronen in een metaal kun je ook als een gas beschouwen met als verschil dat de elementen zelf vastzitten in een metaalrooster en de structuur niet van zijn geleidende eigenschappen kan worden ontdaan. Dit in tegenstelling tot een gas dat door een simpele en reversibele ionisatie in dezelfde aggregatietoestand kan blijven en toch van eigenschappen verandert. Ik noem een plasma hier bewust geen aggregatietoestand (zoals de klassieke vormen vast, vloeibaar en gas) omdat ook een plasma in feite gewoon een gas is waarbij behalve de elementen ook kernen en elektronen in zekere mate los van elkaar komen.
Nadeel van een plasma-antenne is, naast de benodigde energie voor de ionisatie, dat indien de warmtebron uitstaat de antenne onbruikbaar is. Een gewoon gas geleidt immers niet. Dus op momenten dat detectie voorkomen moet worden, is radioverkeer onmogelijk. Ik ben geen deskundige op gebied van defensie dus een praktische toepassing of een scenario waarin de plasma-antenne van belang kan zijn, had ik graag vermeld zien staan. Ook snap ik niet wat een plasma-antenne in beginsel zo anders maakt dan een klassieke antenne waardoor deze niet gestoord kan worden. De radiogolven blijven hetzelfde en kun je dus alsnog met een stoorzender 'overschreeuwen'.
@MBV:
Een antenne is, hoe geavanceerd ook, bij mijn weten altijd een passief onderdeel van een radio. Het is dus niet de antenne die de frequentie bepaalt maar de radio zelf. Dat je met een plasma-antenne dus sneller zou kunnen overschakelen naar een andere frequentie kan ik mij niet voorstellen. Tot nu toe zie ik er dus nog steeds niets meer in dan een geinige gadget zonder toegevoegde waarde.
[Reactie gewijzigd door AgentSmith op donderdag 15 november 2007 04:42]
Practische scenario's volgen vaak pas later bij dit soort ontwikkelingen. Denk eens aan de flexibiliteit: je kan makkelijker overschakelen op een andere frequentie, en daarmee een stoorzender omzeilen (tenminste, dat roepen ze in het nieuwsbericht)
Niet helemaal AgentSmith.
Het ontwerp van de antenne bepaald voor een belangrijk deel welk frequentiegebied te onvangen wordt. De antenne moet afgestemd zijn, in resonatie kunnen raken door het te ontvangen signaal. Het signaal kan door een antenne versterkt worden. Je hebt vast wel eens gehoord van een stemvork of een glas dat mee gaat trillen bij een bepaald geluid.
Als je met een antenne een bepaald signaal wilt ontvangen zorg je dus dat de antenne zo goed mogelijk is afgestemd op het gewenste frequentiegebied (de antenne werkt dus als filter). Daarna ga je de fijnafstemming doen met de radio zelf. De radio is ook een filter, maar dan veel preciezer, anders zou je alle radiozenders tegelijk horen.
Het niet te storen zijn van deze antenne slaat denk ik eerder op het zeer snel kunnen aanpassen van de zendfrequentie, dus de onvoorspelbaarheid van de frequentie van het signaal op een bepaald tijdstip. Een stoorsignaal moet dan al gauw het hele frequentiebereik van de antenne bestrijken wil je nog kunnen storen.